Mantelzorg en het geheim van Aafje

 

Tekst: Merijn van Grieken/Van Grieken Tekst
Foto’s: Mirjam Lems

Hoe werf en behoud je werknemers? Ook als zij mantelzorger zijn? Een expert legt uit wat de rol van de werkgever is. Ook nam VNO-NCW Rotterdam een kijkje bij ouderenzorgorganisatie Aafje, locatie Smeetsland, die drie keer op rij ‘Beste Werkgever’. “Niet de client maar de medewerker staat op 1.”

Gert-Jan Lammens, voorzitter Zorgpower VNO-NCW Rotterdam:

“Voor vernieuwingsdrift ben je bij Aafje aan het juiste adres. Ruimte geven aan medewerkers en weten wat er speelt is van groot belang, ook op het gebied van mantelzorg. Mantelzorg is primair een verantwoordelijkheid van de werknemer, toch is dit zeer relevant voor werkgevers. Een op de vier werknemers is mantelzorger (in de zorg nog hoger), 18% van het verzuim is gerelateerd aan mantelzorg en 44% van de werkgevers is niet op de hoogte van de mantelzorgtaken van hun medewerkers. Tijd om ons erin te verdiepen.”

Peter Ploegsma, lid Raad van bestuur van Aafje:
“Wij zijn vernoemd naar Aafje van Hulst die rond 1901 door het land trok met haar ideeën over wijkzorg. Met 6.500 medewerkers en 2.000 vrijwilligers helpen we 2.5000 cliënten met hulp thuis, thuis- en revalidatiezorg en palliatieve zorg. Onze omzet is 320 miljoen euro. We hebben 55 thuiszorgteams, twee locaties voor revalidatiezorg, vijf huishoudelijke hulpregio’s en zeventien verpleeg- en verzorgingshuizen in Rotterdam en omstreken. Onze kernwaarden aandacht, verbindend, prikkelend en vakmanschap staan daarbij centraal. Sinds 2020 zijn we de beste werkgever in de zorg en hebben een klantwaardering van 8,4 op de zorgkaart van Nederland.”

Guy Buck, lid van de Raad van Bestuur Aafje:
“We hebben een hoog ziekteverzuim, hoge uitstroom en een groeiende doelgroep door vergrijzing. Vier jaar geleden besloten we niet de klant maar de medewerker op 1 te zetten. Spannend, vooral de reactie van de cliëntenraad. Het is een andere manier van denken. Onze overtuiging is dat je een ander pas goed kunt helpen als het goed gaat met jou. In een vliegtuig doe je ook eerst je eigen zuurstofmasker op voordat je je naaste helpt.
We luisteren naar de ideeën van medewerkers en houden rekening met hun wensen. Zo passen we de dienstverlening tijdelijk aan op gewenste werktijden, bijvoorbeeld als een medewerker haar kind naar de crèche moet brengen. Zo delen medewerkers financieel mee in het jaarresultaat met een bonus. Zo beslissen de medewerkers met welk elektronisch patiëntendossiersysteem we werken. We bieden psychologische steun bij privéproblemen, een ontwikkelafdeling, een budgetcoach en 42 medewerkerswoningen. Verder kun je bij ons solliciteren zonder cv – een brief schrijven is vaak een drempel. Stuur gewoon je diploma en je hebt een gesprek. En we sluiten het jaar af met een feest in de Kuip. Maar het zit ook in de taal die we gebruiken: stafkantoor, medewerkers en Mens & Ontwikkeling in plaats van hoofdkantoor, personeel en HRM. Alles bij elkaar zorgt het voor meer werkplezier, je veilig en thuis voelen en jezelf kunnen zijn. We scoren veel hoger dan andere organisaties. Dat is een prestatie in deze tijd. Het verzuim en de uitstroom is minder hoog dan het was maar ondanks ‘de medewerker op 1 ‘ zijn die cijfers nog steeds te hoog. Het werk met ouderen blijft gewoon echt zwaar.”

Heidi Sprekelmeyer, projectleider van stichting Werk&Mantelzorg:

“Werk&Mantelzorg zet zich in voor werkgevers en organisaties die mantelzorgvriendelijk willen werken. Want mantelzorgvriendelijke werkgevers zorgen niet alleen goed voor hun grootste kapitaal: de eigen medewerkers, maar bereiden zich ook voor op de toekomst en de veranderende arbeidsmarkt. Werk&Mantelzorg is in 2005 opgericht door MantelzorgNL en Qidos. Zij bundelden de krachten om zich in te zetten voor het maatschappelijke vraagstuk: Hoe maken we de combinatie tussen werk en mantelzorg mogelijk? Het is vaak een spagaat tussen werk en zorg. We willen werkgevers in beweging krijgen en faciliteiten. Ga in gesprek, maak mantelzorg bespreekbaar en zorg voor flexibiliteit.”

Meer informatie en praktische tools staan op: www.werkenmantelzorg.nl

Floris Vervat, sociaal ondernemer met Senior Service, een landelijke aanvullende mantelzorgorganisatie:

“Wij bieden organisaties een mantelzorger van de zaak. Bij ons kun je als werkgever thuishulp inhuren om de mantelzorgtaken van jouw werknemers op te vangen. Door bijvoorbeeld twee dagen een mantelzorger van de zaak in te zetten, geef je de werknemer thuis wat verlichting waardoor hij/zij niet omvalt. Deze oplossing zorgt voor jou als werkgever voor minder uitval en verzuim. De investering is tien procent van het bedrag dat je anders kwijt bent aan verzuim.”

Meer informatie staat op www.seniorservice.nl/mantelzorger-van-de-zaak

 

Of Hubbel met elektrische bestelbussen in Antwerpen gaat rijden is nog de vraag. Maar de recente economische missie naar België was hoe dan ook een succes volgens Robert Medenblik, voorzitter van VNO-NCW regio Den Haag en directeur van de Nederlandse marktleider in zero-emissie stadslogistiek. “We hebben contacten gelegd die zeker een vervolg gaan krijgen.”

Tekst: Hans Oerlemans
Beeld: PHNX AGENCY © Ministerie van Buitenlandse Zaken

Op 28 mei reisde hij samen met operationeel directeur Koen Idzenga af naar Antwerpen. Zero-emissie stadslogistiek was een van de thema’s tijdens de driedaagse missie naar België onder leiding van minister Schreinemacher van Buitenlandse Handel en voorzitter Ingrid Thijssen van VNO-NCW. “Het was een vol programma, maar dat moet ook. Je wilt er alles uithalen. We hebben in korte tijd veel geleerd. De urgentie om zero-emissie stadslogistiek in te voeren is in België even groot als bij ons. Steden kampen met slechte bereikbaarheid en een slechte luchtkwaliteit. Dat wordt alleen maar erger. Maar de politiek-bestuurlijke inrichting is veel complexer. Beslissingen komen anders tot stand. Dat valt moeilijk te doorgronden voor een buitenlandse partij.”

België heeft nog geen beleid om zero-emissie zones verplicht te stellen. Ondernemers voelen daarom minder noodzaak om actie te ondernemen, terwijl de combinatie zero-emissie en gebundelde stadslogistiek Hubbel uniek maakt. Waren jullie te vroeg?
“Zeker niet,” zegt Idzenga. “Zoals wij stadslogistiek organiseren, bestaat daar nog niet of nauwelijks. Ondernemers en andere stakeholders die we spraken, waren ervan overtuigd dat de logistiek naar en binnen steden radicaal anders moet. De oplossing is een bundeling van leveringen bij een hub aan de rand van de stad in plaats van dat elke transporteur of leverancier zelf de stad inrijdt. Je kunt zeker vijf vervoerbewegingen vermijden door hetzelfde volume gebundeld te bezorgen met één Hubbel-voertuig. Vervoerders willen ook niet dat hun chauffeurs steeds meer tijd verliezen door slechte bereikbaarheid. Allemaal zeer herkenbaar voor de Belgen.”

Denken jullie al aan vervolgstappen?
Medenblik: “Ik zie zeker kansen, maar als zero emissie vervoer in Nederland een niche is, dan is het in België nu nog een niche in een niche. De interesse is er. We hebben contacten gelegd die een vervolg gaan krijgen. Toch kijk ik er nu iets anders tegenaan dan voor de missie. Een eigen vestiging starten, is voorlopig misschien een brug te ver. Je kunt ook eerst samenwerking zoeken met een local hero die de markt kent en een goed netwerk heeft. Dan krijgen we sneller voet aan de grond.”

Idzenga: “Dat verschilt niet zoveel van onze strategie in Nederland. We willen in alle steden waar een zero-emissie zone komt een Hubbel-vestiging openen of samenwerken met een partner die al actief is in de regio. Door onze ervaring met het concept hebben we een voorsprong en een schat aan kennis. Daarom is Hubbel overal een interessante partner.”

Internationale uitbreiding gaat er zeker komen?
Medenblik: “Ja, dat is wel onze ambitie. Duitsland en België komen het eerst in beeld. Tijdens de missie boden de Nederlandse ambassade in Brussel en het consulaat-generaal in Antwerpen ondersteuning aan bij het verkennen van de markt. Daar maken we graag gebruik van. Het was overigens een perfect georganiseerde missie met een mix van bedrijfsbezoeken, het Climate Tech Forum 2024, presentaties en match making. Voor ons de eerste keer, maar zeker voor herhaling vatbaar. Het ging mij vooral om kennis opdoen en onze visie valideren. Wat is de stand van de stadslogistiek in België? Hoe wordt er gereageerd op ons concept? Daarom lijkt mij een missie naar pakweg China ook interessant, hoewel daar niet snel Hubbel-voertuigen zullen rijden.”

De winnaar van de Nieuwe Heldenprijs is Zepp.solutions. Deze werd in een volle zaal  op dinsdag 4  juni in de Stadsbrouwerij in Rotterdam uitgereikt door burgemeester Marja van Bijsterveldt van Delft. Zepp.solutions, Qlayers en Battolyser Systems zijn de genomineerden voor de prijs. Zij moesten een pitch houden voor een zaal van meer dan 400 Rotterdamse ondernemers. Uiteindelijk kozen zij de winnaar uit.

De Nieuwe Heldenprijs is een initiatief van VNO-NCW regio Rotterdam. Nieuwe Helden zijn de energieke versnellers en vernieuwers van deze tijd. Opvallend is dat dit keer drie technische bedrijven genomineerd waren, namelijk Zepp.solutions, Qlayers en Battolyser Systems. Na hun pitches verkoos de publieksjury Zepp.solutions als winnaar van De Nieuwe Heldenprijs 2024. Dit bedrijf ontwerpt en produceert volledig geïntegreerde systemen, die waterstof efficiënt omzetten in elektriciteit. Ze worden in voertuigen en vaartuigen toegepast als duurzaam alternatief voor bijvoorbeeld dieselmotoren. Daarmee levert het bedrijf een belangrijke bijdrage aan de energietransitie.

Rotterdamse Ondernemersprijs gewonnen door Hollandia Services

“De winnaar van de 39e editie van de Rotterdamse Ondernemersprijs is een schitterend voorbeeld voor de maakindustrie”, zegt juryvoorzitter Ellen van Dam. “Hollandia Services onderhoudt en renoveert bruggen, sluizen en stormvloedkeringen. Het is in ons land een van de weinige experts op dit gebied. Daarmee levert het een cruciale bijdrage aan de veiligheid en bereikbaarheid van heel Nederland.” 

Hollandia Services nam het op tegen CEAD en Van Donge & de Roo. “Alle drie de finalisten zijn prachtige, innovatieve, gedreven ondernemers met een grote maatschappelijke betrokkenheid”, zegt Van Dam. “We zien hier op het podium de succesverhalen, maar ondernemerschap is altijd een proces van één stap vooruit en weer twee stappen terug. Ook de drie finalisten zijn allemaal wel eens heel hard gevallen. En toch zijn zij weer opgekrabbeld, met een enorme groei als resultaat.”

Volgens de jury is Hollandia Services ‘een oude ziel met een nieuw jong hart’. Hollandia Services maakt deel uit van het 96 jaar oude familiebedrijf Hollandia. Vanaf de oprichting is Hollandia nauw verbonden met de dynamische Rotterdamse regio. De organisatie bouwde, renoveerde en onderhield door de jaren heen vele Rotterdamse iconen, zoals de Willemsbrug, de Van Brienenoordbrug, de Maeslantkering en de prijswinnende Radartoren op Maasvlakte II. Inmiddels krijgt een nieuwe generatie de kans om het bedrijf ook in deze eeuw een leidende rol te laten spelen.

Fit for the future
De jury zegt over Hollandia: “Het bedrijf is ‘fit for the future’. Hollandia Services grijpt een unieke marktkans aan door het onderhoud en de renovatie van de naoorlogse infrastructuur met visie en precisie aan te pakken. Het is inspirerend om te zien hoe de medewerkers de ruimte krijgen om hun eigen strategieën te ontwikkelen en hoe ze deze met enthousiasme tot uitvoering brengen. Bij Hollandia Services is werkelijk aan alle facetten van de bedrijfsvoering gedacht. Dat resulteert in een snelle, nauwkeurige implementatie en een zorgvuldige monitoring.”

Gedreven ondernemers
Van Donge & de Roo is een groeiend en solide Rotterdams logistiek familiebedrijf. De jury spreekt van ‘hét toonbeeld over een authentiek Rotterdams familiebedrijf’. “Met hart en ziel wijden de ondernemers zich aan hun onderneming, gedreven door glasheldere ambities: efficiëntie, duurzaamheid en groei. Bij Van Donge & de Roo komt ambitie samen met maatschappelijke betrokkenheid. Daardoor is het bedrijf niet alleen succesvol, maar maakt het ook een positieve impact.”

CEAD ontwikkelt, bouwt en levert wereldwijd grootformaat 3D-printers, waarmee grote industriële onderdelen in één keer gemaakt kunnen worden. Het bedrijf ontzorgt de klant met onderhoud, scholing, maatwerk en innovatie. De jury spreekt van ‘een schitterend bedrijf dat op vele fronten grensverleggend is’. “Met een technologisch hoogstaand product en een klantgerichte aanpak streven de ondernemers er altijd naar om de processen van hun klanten efficiënter en duurzamer te maken. Binnen de organisatie staat de mens centraal. De ondernemers mogen hun bescheidenheid nu achterwege laten om met trots te delen wat ze doen en waarom.”

Vruchtbaar ecosysteem
“Vandaag vieren we grensverleggend ondernemerschap in de breedste zin van het woord”, zegt Van Dam. “De Rotterdamse Ondernemersprijs is een prestigieuze prijs voor innovatieve ondernemers in de metropoolregio Rotterdam. Naast de stad Rotterdam zijn dat ook de omliggende gemeenten, zoals Delft, het Westland en de Zuid-Hollandse eilanden. Ondanks de geopolitiek, wetgeving, inflatie en de huidige economie, hebben we veel innovatieve bedrijven in onze regio. Dat is een enorme prestatie. Vandaag laat de metropool haar kracht zien. Het is mooi dat er steeds meer verbindingen ontstaan. Bijvoorbeeld tussen de TU-Delft en de Erasmus Universiteit. Samenwerking zorgt voor verdere ontwikkeling. We hebben hier een vruchtbaar ecosysteem door verbinding in ondernemerschap.”

Michiel Muller ontving Mr. K.P. van der Mandele Penning
Tijdens deze avond werd ook de Mr. K.P. van der Mandele Penning uitgereikt. De penning staat symbool voor verantwoordelijk ondernemerschap. De jury kende de penning toe aan Michiel Muller, ‘een succesvol serie-ondernemer’, die in 2015 medeoprichter was van Picnic, waar hij sindsdien algemeen directeur is.

De jury zegt over Muller: “Hij doet ontzettend veel voor andere ondernemers en geeft ze een duwtje in de rug. Ook ondersteunt hij veel organisaties voor ondernemers, zoals het Graduate Entrepreneur Fund. Bij het Erasmus Trustfund was hij de aandrijver, die ervoor zorgde dat het uitgroeide van een klein fonds naar een fonds met meer dan 100 miljoen euro.” Het was de dertiende keer dat deze penning werd uitgereikt.
Voor en door ondernemers

Naast de uitreikingen was het vooral een dynamische en feestelijke avond voor en door ondernemers. De avond in de duurzame Stadshaven Brouwerij startte met een walking dinner voor deelnemers en samenwerkingspartners van de Rotterdamse Ondernemersprijs. Voor het publiek was er eerst een netwerkfestival met hapjes, drankjes, muziek en entertainment. Tijdens de uitreiking zorgden diverse artiesten voor ontspanning en inspiratie. Tot slot was er een swingende afterparty om het ondernemerschap te vieren.

Samenwerkingspartners

Samenwerkingspartners van de Rotterdamse Ondernemersprijs zijn, naast VNO-NCW regio Rotterdam: Stichting Ondernemersbelangen Rotterdam, Van der Mandele Stichting, ABN AMRO Bank, Gemeente Rotterdam, Moore DRV, HVK Stevens en OGER.

 

De glastuinbouwsector en hun toeleveranciers hebben nieuw talent nodig voor allerlei nieuwe functies. Om die reden zetten TechNature, Havecon en Tas Tomaten donderdag hun deuren open voor 35 studenten Agrohandel en Verslogistiek van MBO Oostland en MBO Barendrecht. Binnen en buiten de sector zijn volop carrièrekansen in de internationale handel van glazen voedsel- en plantenfabrieken, evenals in het bedenken en ontwikkelen van Artificial Intelligence en Deep Learning die het werk van mensen in de kas straks moet vergemakkelijken of zelfs overnemen. De bezoeken zijn onderdeel van het project ‘CollegeTour’ met als doel om talent te interesseren én te behouden voor de glastuinbouwsector. CollegeTour is een initiatief van Glastuinbouw Nederland, Greenport Aalsmeer, AVAG en VNO-NCW West.

67% overtuigd van carrière in de glastuinbouw

Maar liefst 67% van de studenten gaf aan het einde van de dag aan overtuigd te zijn van een carrière in de sector en aanverwant. De studenten bezochten kassenbouw Havecon die vertelde wat er komt kijken bij het bedenken en ontwikkelen van een kas. Ook kregen de studenten in de verpakkingshal van Tas Tomaten inzage in TechNature’s visiontechnology, die is ontwikkeld voor het optisch sorteren van tomaten.

Trots op samenwerking binnen de sector

“Dat zoveel bedrijven die producten en diensten leveren aan de glastuinbouw samenwerken om de sector te promoten en nieuwe technische talenten aan te trekken, geeft een groot gevoel van verbinding en trots,” vertelt Lianne Berkhoudt, verantwoordelijk voor de communicatie bij AVAG. “Dit schooljaar laten we via CollegeTour zo’n 500 studenten van verschillende opleidingen kennismaken met de glastuinbouw.” In juni 2024 bezoeken de studenten ook de internationale tuinbouwvakbeurs GreenTech in RAI Amsterdam. Zij nemen daar deel aan HortiTalent, een initiatief gericht op studenten op mbo, hbo en wo-niveau. Studenten met interesse in techniek, innovatie en duurzaamheid leren tijdens HortiTalent alles over de kansen die de bedrijven in de glastuinbouwtechnologie te bieden hebben. Docenten en studenten melden zich aan via aanmelder.nl/HortiTalent2024.

Ook meedoen?

CollegeTour vindt plaats in de regio’s Westland, Oostland, Noord-Holland Noord en Aalsmeer. Voor dit initiatief slaan Glastuinbouw Nederland, Greenport Aalsmeer, AVAG en VNO-NCW West de handen ineen. Bedrijven en onderwijsinstellingen die ook willen meedoen, informeren geheel vrijblijvend naar de mogelijkheden via collegetour@glastuinbouwnederland.nl.

 

In de nieuwste editie van Forum, die in het teken staat van Europa, schreef onze voorzitter Marck Hagen een column over de Europese verkiezingen. Lees hem hieronder!

Joost Klein had met zijn catchy ‘Europapa’ een positieve boodschap, terwijl er tegelijkertijd genoeg redenen zijn om ons zorgen te maken. We kunnen niet naïef zijn en moeten alles op alles zetten om onze Europese waarden te beschermen. 

Bedreigingen voor Europa

Vorige maand presenteerden VNO-NCW en MKB-Nederland hun geactualiseerde koers: als vierde pijler is een weerbaar Nederland toegevoegd. Er komen enorme bedreigingen op ons af: oorlog, cybercrime, klimaatverandering. Beleid om klimaatverandering tegen te gaan of de asielinstroom te reguleren, en tegelijk ruimte te blijven bieden aan de komst van kennismigranten en internationale studenten, werkt alleen als we dat gezamenlijk doen. Grote problemen trekken zich niets aan van landsgrenzen. 

Internationaal economisch verkeer

Onze waarden, het ondernemerschap, de vrije markt: het is allemaal niet zo vanzelfsprekend. Als onze internationale gemeenschap uit elkaar valt, heeft Nederland een enorm probleem. Kijk alleen al naar het bedrijfsleven binnen de regio West. De kassen in het Westland, de Rotterdamse haven, Schiphol en de zaadveredeling in Noord-Holland: allemaal zijn ze gebaat bij internationaal economisch verkeer van goederen en personen, en eerlijke spelregels op de vrije markt.  

Essentiële voorzieningen 

Als we niet afhankelijk willen zijn van producten of grondstoffen uit dubieuze landen, zullen we moeten investeren in onze eigen bedrijven. ‘Made in Europe’ – ‘Gemaakt in Europa’ – is geen label, maar een noodzaak in deze onzekere tijden. Weerbaar zijn betekent dan ook dat we werken aan een circulaire economie. De defensie-industrie, maar ook windmolens, boorplatforms en belangrijke kabels en leidingen langs de kust zijn essentiële voorzieningen waar we autonoom in moeten zijn. 

Vol overtuiging

Ga daarom op 6 juni stemmen. De opkomst ligt traditioneel laag: volkomen onterecht! Om de economie van morgen veilig te stellen, moeten we vandaag vol overtuiging voor Europa kiezen. Niet omdat het moet, maar omdat we het willen! 

Marck Hagen 

Voorzitter VNO-NCW West 

 

Tijdens een bijeenkomst van de Industriekring Haarlem (IKH) op woensdag 22 mei over zero-emissie zones, waar ook VNO-NCW West aan bijdroeg, heeft de IKH een samenwerkingsovereenkomst getekend met VNO-NCW West. Op deze manier krijgen ook leden van lokale ondernemersverenigingen toegang tot het netwerk van VNO-NCW West en staat de lobby van ondernemers in de regio nog sterker. Wij zijn blij met de samenwerking met de IKH en kijken ernaar uit samen verder te werken aan het ondernemersgeluid in de regio!

 

Tijdens de vergadering van de commissie Bestuur van de Haagse gemeenteraad, op woensdag 22 mei, sprak Robert Medenblik namens VNO-NCW regio Den Haag over het Programma Bedrijfshuisvesting van de gemeente Den Haag. Lees hieronder zijn statement of kijk de vergadering terug, vanaf 3:32:25.

Er is een groot tekort aan geschikte bedrijfsruimte in Den Haag. VNO-NCW regio Den Haag is blij dat het college dit erkent en handelt naar deze opgave. Door het realiseren van extra kantoor- en bedrijfsruimte tot 2030 en de aanleg van nieuwe bedrijventerreinen draagt de gemeente Den Haag bij aan de lokale en regionale behoefte aan werklocaties en creëert het daarmee ook extra werkgelegenheid, met name voor praktisch geschoolden. De economische bijdrage van bedrijventerreinen is groot. Op een beperkt stuk ruimte (2,6% van het oppervlakte in Nederland) wordt 30% van de werkgelegenheid geboden en 40% van ons nationale inkomen verdient. Driekwart van de werknemers op een bedrijventerrein komt uit dezelfde gemeente. Ook bij onze gesprekken met het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, de provincie Zuid-Holland en de Metropoolregio Rotterdam Den Haag hebben wij voortdurend aandacht gevraagd voor het belang van voldoende ruimte voor economie en hebben wij gehoor gevonden. Het aangescherpte beleid van de gemeente Den Haag sluit dus naadloos aan op de landelijke en regionale ontwikkelingen en gevoelde urgentie.

Wij lazen in de stukken de zinsnede ‘De nood is hoog’ en dit vat de situatie in Den Haag wat VNO-NCW betreft goed samen. In het Ruimtelijk Voorstel van de provincie Zuid-Holland wordt bepaald dat er tot 2030 in de provincie nog ongeveer 900 hectare aan bedrijventerreinen kan worden uitgegeven, en na 2030 komt er niks meer bij en gaat er een hek om de bestaande ruimte voor bedrijven. De situatie in Den Haag is zelfs nog nijpender dan in veel andere gemeenten. Daarom is het goed dat Den Haag de ruimte voor bedrijven nu al beschermt, want binnenstedelijke transformatie van werken naar wonen heeft de afgelopen jaren al te veel ruimte voor bedrijven in Den Haag verloren doen gaan.

De drie basisprincipes – met als doel het bedrijfsruimte toe te laten nemen – ondersteunen wij, waarbij de randvoorwaarden bij punt 3 echter wel moeten worden gerespecteerd. Het gebiedskader ZKD is hiervan een eerste uitwerking en invulling.

De basisprincipes:

  1. Versterken en behouden van vierkante meters bestaande bedrijvigheid:
  2. Toevoegen van extra geschikte vierkante meters voor bedrijvigheid;
  3. Eventueel intensivering middels ondergeschikte extra functies op bedrijventerreinen.

Ook het aanbod van kantorenruimte is veel te beperkt. Vorige week nog nam VNO-NCW deel aan de Haagse kantorentafel en werden de cijfers nog eens toegelicht door de gemeente, waaruit bleek dat de leegstand zich onder het gewenste niveau van frictieleegstand bevindt. De ontwikkelingen binnen het CID zijn hoopvol, maar gezien de beperkte eigen grondposities van de gemeente Den Haag is samenwerking met marktpartijen essentieel om nieuwe kantoren te kunnen realiseren.

Het Programma Bedrijfshuisvesting is een belangrijke stap waarmee de gemeente Den Haag het tij kan keren en recht doet aan het belang van bedrijventerreinen en kantoorlocaties voor de lokale economie en werkgelegenheid. En ook wordt hiermee ruimte geboden aan de noodzakelijke verduurzaming van het bedrijfsleven, zoals de grootschalige opwek van energie en hubs voor zero-emissie stads- en bouwlogistiek. Kortom, een belangrijke stap die verdere uitwerking verdient en valt of staat bij een goed uitvoering en voldoende capaciteit en middelen. Aan u de schone taak om hierop toe te zien en het college voldoende middelen ter beschikking te stellen.

 

Het hoofdlijnenakkoord van de vier formerende partijen heeft gerichte aandacht voor de reële zorgen van burgers én bedrijven. Positief is dat er lastenverlichting komt voor burgers en dat werken meer gaat lonen. Ook wordt de waarde van het bedrijfsleven en ondernemerschap benadrukt in het akkoord. Daarnaast lagen er verschillende fiscale plannen die het ondernemingsklimaat zouden schaden, waar de formerende partijen van afzien. De gemaakte afspraken moeten echter wel nog uitgewerkt én uitgevoerd worden. “Wij denken altijd graag mee over concrete maatregelen die het ondernemingsklimaat, ook in de regio, kunnen versterken. Er is behoefte aan stabiel en financieel degelijk beleid dat ons verdienvermogen veiligstelt. Alleen zo creëren we stabiliteit en zekerheid die ondernemers nodig hebben om te kunnen investeren in de grote opgaven”, stelt Marck Hagen, voorzitter van VNO-NCW West.

Het is belangrijk dat de nieuwe coalitie wil investeren in woningbouw en bereikbaarheid. Ook in Noord- en Zuid-Holland is dat van groot belang. Denk aan projecten als het doortrekken van de Noord/Zuidlijn, wat essentieel is om de groei van het inwoneraantal op te vangen en de (internationale) bereikbaarheid van de Metropoolregio Amsterdam te verbeteren. Zo kan ook Schiphol haar netwerkkwaliteit behouden. Het is dan ook goed dat er structureel samen wordt gewerkt in de regio, om concrete investeringsagenda’s uit te kunnen bouwen. De Regio Deals zijn bijvoorbeeld van zeer groot belang, zeker in regio’s als Noord-Holland Noord. Zo worden economische belangen integraal opgenomen in beleid en uitvoering. Hagen: “Wel is het een groot gemis dat het Groeifonds wordt beëindigd. Investeringen in onderzoek en innovatie zijn onmisbaar om Nederland een competitieve en concurrerende economie te laten zijn.”

Het is positief om te lezen dat de regeldruk verminderd zal worden. Ook vinden wij het terecht dat misstanden met arbeidsmigranten worden aangepakt. Wel is belangrijk dat de nodige arbeidsmigranten, maar ook internationale studenten, hierheen kunnen komen. Het hoofdlijnenakkoord spreekt over een afwegingskader voor nieuw te vestigen bedrijven, maar is niet helder over bestaande bedrijven in sectoren als logistiek en glastuinbouw. “Arbeidsmigranten zijn onmisbaar in bijvoorbeeld de Westlandse economie”, benadrukt Hagen. Inperking van vrij verkeer van personen binnen de EU lijkt daarnaast moeilijk haalbaar. Wel is het positief dat er in het mbo meer aandacht wordt gegeven aan aansluiting op de arbeidsmarkt, waar wij ook binnen de verschillende arbeidsmarktregio’s aan werken.

Het hoofdlijnenakkoord wil aanpak van digitale dreigingen versterken, maar heeft verder weinig aandacht voor digitale ontwikkelingen als AI. Daarentegen is het goed om te lezen dat er wordt ingezet op de defensie-industrie in eigen land, die deels ook in Noord- en Zuid-Holland gevestigd is. Daarnaast is het van belang dat we de energietransitie onverminderd door kunnen zetten. Wij zijn dan ook benieuwd welke (her-)prioritering het nieuwe kabinet precies gaat uitvoeren op het gebied van netcongestie. Aansluiting op het elektriciteitsnet blijft een cruciaal onderdeel voor bedrijven. In het hoofdlijnenakkoord wordt ook gesproken over het uitstellen van de invoer van zero-emissie zones, maar het is van belang dat deze invoering stabiel en helder wordt doorgezet. Het veranderen van de regelgeving vlak voor de ingang van de zones zal niet bijdragen aan eenduidig en stabiel beleid en het draagvlak bij ondernemers die zich al verder in de transitie begeven. Hoewel de invoering een gemeentelijk besluit blijft, pleiten wij wel voor uniformiteit in regelgeving, zodat ondernemers in elke gemeente dezelfde regeling hebben.

Hagen: “Al met al zijn we blij met de positieve toon die het akkoord aanlaat als het gaat om onze economie en het vestigingsklimaat. Wel hebben wij op bepaalde onderdelen onze zorgen en zetten wij vraagtekens bij haalbaarheid en uitvoerbaarheid van enkele maatregelen. Desalniettemin is het goed dat de nieuwe coalitie het vestigingsklimaat wil verbeteren, regeldruk wil tegengaan en samen met het bedrijfsleven wil werken aan oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Die uitgestoken hand pakken we graag aan!”

 

Coen Verhaegh is onlangs toegetreden tot het bestuur van VNO-NCW regio Den Haag. Hij stelt zich hier graag voor!

Ik ben Coen Verhaegh, advocaat bij La Gro Geelkerken Advocaten en bestuurslid van VNO-NCW regio Den Haag met de portefeuille ‘ruimte voor bedrijven’. Ruimte voor bedrijven staat de laatste tijd sterk in de aandacht. Het vestigingsbeleid, de bedrijfsterreinen en de kantorenlocaties krijgen steeds meer de aandacht die ze verdienen.

Een regio, stad of dorp kan niet zonder goede plekken om te werken. Uiteraard is wonen belangrijk maar zonder ruimte voor bedrijven waar de mensen kunnen werken ontbreekt een belangrijke voorwaarde voor een duurzaam succesvolle samenleving.

Sedert tientallen jaren ben ik al bezig met het behoud, de ontwikkeling en de optimalisering van de ruimte voor bedrijven in de Haaglandse regio. Mijn organisatie als lid van VNO-NCW en in persoon sinds 2003 als bestuurslid van de Bedrijvenvereniging Binckhorst, Laakhaven Fruitweg en sinds 2018 als bestuurslid van de Stichting Bedrijventerreinen Haaglanden. Als advocaat ben ik de legal business partner van vele ondernemingen en organisaties bij vraagstukken die te maken hebben met hun bedrijfsruimte. Hoe deze te verkrijgen, te waarborgen en te beschermen tegen bedreigingen van buitenaf, is mijn dagelijks werk.

Ik ben dan ook heel trots dat ik in het bestuur van VNO-NCW regio Den Haag deze portefeuille mag invullen. Ik merk nu al dat het onderwerp zeer actueel is en er goed geluisterd wordt naar onze standpunten.

Er staat ons een groot aantal ontwikkelingen te wachten. Allereerst moet er gezorgd worden dat er voldoende ruimte voor bedrijven komt, zodat ondernemingen in onze regio uit de voeten kunnen. Verder moet er voldoende schuifruimte komen en zal er invulling moeten worden gegeven aan de verduurzaming en het een positie geven van bedrijven die invulling geven aan de wensen van circulariteit. Gelukkig heeft het gemeentebestuur van Den Haag op 13 mei 2024 het “Programma Bedrijfshuisvesting” naar de raad gestuurd. Door dit Programma gaat het gemeentebestuur daadwerkelijk uitvoering geven aan een ambitieus huisvestingsbeleid. We zullen daar als VNO-NCW zeker een coöperatieve rol in nemen en spelen. Genoeg te doen dus!

Ik merk dat VNO-NCW zeer serieus genomen wordt door de andere stakeholders op het gebied van ruimte voor bedrijven. Het is dus zonder meer zinnig om door een lidmaatschap van VNO-NCW te waarborgen dat we deze positie kunnen blijven behouden en als zodanig van waarde zijn voor onze leden.

Uiteraard ben ik graag bereid om mijn gedachten hierover met jullie te delen, benader me daartoe gerust.

 

75 ICT-studenten van het NOVA College uit Haarlemmermeer kregen op dinsdag 21 mei een inkijkje in de glastuinbouwsector. De studenten van de studierichtingen Smart IT, Software development en Infrastructuur, bezochten glastuinbouwbedrijven Bunnik Bromelia (Kudelstaart), FM Group (De Kwakel) en Aphrodite Orchidee (Rozenburg), en kregen uitleg van hun IT toeleveranciers IsoHorti Innovators, Hoogendoorn en Verdel over wat er wel niet aan ICT en techniek schuilt in die glazen kassen. De bezoeken zijn onderdeel van het project ‘CollegeTour’ met als doel om meer technisch talent te interesseren voor de glastuinbouwsector. CollegeTour is een initiatief van Glastuinbouw Nederland, Greenport Aalsmeer, AVAG en VNO-NCW West.

Van te voren gaf 12% van de studenten aan niet te weten wat een kas is. 88% zei zeker niet later in de glastuinbouwsector te willen gaan werken. Tijdens de rondleidingen in de kassen en de workshops bij de leveranciers, zoals het ethisch hacken van een kas om zo op afstand de belichting uit te zetten, maakten dat de studenten enorm waren verrast over de hoeveelheid IT die er in de glastuinbouw schuilt, en dat de sector de komende jaren nog veel uitdagingen kent. De sector biedt een mooi carrièreperspectief voor aanstormend talent. Na afloop van de ochtend gaf 23% van de studenten dan ook aan overtuigd te zijn om hun volgende stageplaats of misschien wel een baan te gaan zoeken in de glastuinbouw of bij de technisch toeleveranciers. 51% overweegt dit.

Trots op samenwerking binnen de sector

“Dat zoveel bedrijven de handen ineen slaan om onze sector te promoten en mogelijk nieuw technisch talent aan ons te binden, geeft een groot gevoel van verbinding en trots,” vertelt Wilbert Ammerlaan, regio coördinator Noord-Holland bij Glastuinbouw Nederland. “Dat laten we dit schooljaar in totaal aan zo’n 500 studenten van verschillende studierichtingen middels CollegeTour zien.” In juni 2024 bezoeken de studenten ook de internationale tuinbouwvakbeurs GreenTech in RAI Amsterdam. Zij nemen daar deel aan de Horti Talent, een initiatief gericht op studenten op mbo, hbo en wo-niveau, waarbij de studenten ook andere bedrijven die technisch toeleverancier van de glastuinbouw zijn kunnen ontmoeten. Docenten en studenten melden zich aan via aanmelder.nl/HortiTalent2024.

Ook meedoen?

CollegeTour vindt plaats in de regio’s Westland, Oostland, Noord-Holland Noord en Aalsmeer. Voor dit initiatief slaan Glastuinbouw Nederland, Greenport Aalsmeer, AVAG en VNO-NCW West de handen ineen. Bedrijven en onderwijsinstellingen die ook willen meedoen, informeren geheel vrijblijvend naar de mogelijkheden via collegetour@glastuinbouwnederland.nl.