VNO-NCW regio Rotterdam doorbreekt Blue Monday tijdens nieuwjaarsreceptie in de Zalmhaventoren

Rotterdam kleurt hoopvol tijdens de Blue Monday Party. De nieuwjaarsreceptie van VNO-NCW regio Rotterdam werd gehouden op de bovenste etage van de Zalmhaventoren bij Celest. Waar Blue Monday bekend staat als de meest sombere dag van het jaar, draaide het evenement juist om optimisme, verbinding en vooruitkijken.

De receptie bracht een indrukwekkende dwarsdoorsnede van het regionale bedrijfsleven samen. CEO’s, bestuurders, directeuren en DGA’s uit uiteenlopende sectoren gingen met elkaar in gesprek over ondernemerschap, innovatie en samenwerking. Opvallend was ook de sterke bestuurlijke vertegenwoordiging: bijna het voltallige college van Gemeente Rotterdam was aanwezig, inclusief burgemeester Carola Schouten. Die brede aanwezigheid benadrukt het belang van de nauwe relatie tussen overheid en ondernemers in de regio.

Een centraal moment van de avond was de nieuwjaar speech van voorzitter Mai Elmar. In een persoonlijke en inspirerende toespraak maakte zij een verrassende vergelijking met Valentijnsdag. “Op die ene dag in het jaar durven mensen hun geheime liefde kenbaar te maken,” stelde zij. “Maar waarom beperken we het tonen van waardering en betrokkenheid tot één moment?”

Mai Elmar trok de parallel door naar het ondernemerschap. Juist op Blue Monday, een dag die symbool staat voor somberheid, laten ondernemers zien dat zij hoopvol zijn. Zij riep de aanwezigen op om die houding vast te houden en niet alleen incidenteel, maar het hele jaar door, te investeren in vertrouwen, samenwerking en menselijkheid.

De Blue Monday Party op de bovenste etage van de Zalmhaventoren bevestigde daarmee wat Rotterdam kenmerkt: een ondernemende regio die, zelfs op de donkerste dagen, vooruit blijft kijken en samen kansen blijft creëren.

De foto’s, gemaakt door Mirjam Lems, zijn hier te bekijken en downloaden. Mocht je de foto’s voor commerciële doeleinden willen gebruiken, neem dan contact op met Mirjam.

Waarom ondernemerscollectieven nu het verschil maken

Door Trudie van ’t Hull-Bettink 

Nederland verandert in rap tempo in een land van tekorten. Te weinig bedrijfsruimte, te weinig energiecapaciteit, te weinig meters om onze economie te laten draaien. Toch lijken we nog steeds te denken dat het wel losloopt. Dat er ergens nog wel een weiland, loods of bedrijventerrein te vinden is. Maar dat is simpelweg niet meer zo: in 8 van de 12 provincies is de ruimte voor bedrijven in 2030 op. Dat zet ondernemers vandaag al klem.

 

Te lang genegeerd 

Het wrange is dat we dit al jaren weten. Maar de urgentie wordt niet gevoeld zoals bij de woningmarkt of het klimaatdossier. Alsof bedrijvigheid zich altijd wel ergens een weg baant. Maar zo werkt het niet. Zoals het kabinet in het ontwerp voor de Nota Ruimte stelt: we zullen de ruimte voor economie strategisch uit moeten breiden. 

We zijn onze welvaart als vanzelfsprekend gaan beschouwen, terwijl die welvaart drijft op ondernemers die ruimte nodig hebben om te kunnen draaien. Zonder ondernemers, zonder ruimte voor bedrijven, komt de motor van onze economie tot stilstand en daarmee onze innovatie, werkgelegenheid en maatschappelijke voorzieningen. 

 

Schaarste vraagt om creativiteit en samenwerking 

Schaarste is niet alleen een probleem, het is ook een uitnodiging om slimmer te organiseren. Dat besef begint door te dringen. Het is tijd dat we ruimte voor economie net zo serieus nemen als woningbouw, klimaat en infrastructuur. De recente voortgangsbrief van minister Vincent Karremans aan de Tweede Kamer, met onder meer plannen die raken aan samenwerking en uitvoering in economische gebieden, laat zien dat economische ruimte geen bijzaak meer is. De VNG benadrukt2 in dezelfde periode dat juist bedrijventerreinen de “kraamkamer van innovatie” vormen. De contouren van een nieuwe aanpak tekenen zich af. 

Een goed voorbeeld uit de regio is de Waarderpolder in Haarlem, waar de Industriekring Haarlem laat zien hoe krachtig een bedrijventerrein kan zijn als ondernemersvereniging en gemeente echt georganiseerd optrekken. Ze werken nauw samen via een parkmanagementorganisatie inclusief BIZ (Bedrijveninvesteringszone) aan een schoon, veilig en goed bereikbaar terrein, en zetten zich actief in voor toekomstbestendigheid. Tegelijk waarschuwen zij voor de toename van tegenstrijdig ruimtegebruik dat de economische functie van het gebied kan ondermijnen.
 

Ondernemers willen wel, maar kunnen het niet alleen 

Sinds ik ondernemers in heel Noord-Holland vertegenwoordig, zie ik wekelijks dezelfde worsteling. Bedrijven lopen vast op stroomtekorten, slechte bereikbaarheid, verouderde terreinen of dreigende transformatie naar woningbouw. Zij moeten verduurzamen, beveiligen, samenwerken, allemaal boven op het runnen van hun bedrijf. 

Daarom is samenwerking is geen luxe meer, het is een noodzaak. Maar samenwerken kost tijd, geld en organisatiekracht. Ondernemersverenigingen en parkmanagement spelen daarin een sleutelrol, maar lopen vast door strikte regels of gebrek aan middelen. 

 

BIZ als sleutel voor toekomstbestendige bedrijventerreinen 

Een van de meest concrete kansen ligt in de verruiming van de Wet Bedrijveninvesteringszones (BIZ). Slechts 3,4% van de Nederlandse bedrijventerreinen heeft op dit moment een actieve BIZ, terwijl het instrument ondernemers in staat stelt om zelf gezamenlijk te investeren in veiligheid, duurzaamheid, energie en bereikbaarheid. 

Maar de huidige wet maakt de drempels hoog: de looptijd is kort, de procedures zijn zwaar en verlenging vereist opnieuw een volledige draagvlakmeting. Minister Karremans stelt voor de looptijd te verlengen, verlenging vereenvoudigen en de bureaucratie verminderen. Dat is geen technische wetswijziging, maar een voorwaarde om bedrijventerreinen toekomstbestendig te maken. 

Terwijl samenwerking juist van belang is in tijden van schaarste en de BIZ daarvoor een goed instrument kan zijn, waarbij de ondernemers zelf de regie houden. Dat vraagt overigens wel van overheden dat ze de ondernemers helpen om de samenwerking te versterken. 

 

De oproep: ruimte ontstaat niet vanzelf, samenwerking wel 

Ruimte groeit niet mee met onze ambities. Maar ons vermogen om creatief te organiseren wél. We kunnen wachten tot de problemen ons inhalen, tot ondernemers geen plek meer hebben, tot innovatie vertrekt en lokale economieën verschralen. Of we kunnen doen wat schaarste noodzakelijk maakt: slim, creatief en vooral samen handelen. 

De verruiming van de Wet BIZ is een goede stap. Het is wel slechts een middel. De echte verandering begint bij het lef om ruimte voor economie serieus te nemen en de bestaande ruimte beter te benutten. Als de overheid zorgt voor voldoende ruimte en de randvoorwaarden voor samenwerking, dan kunnen ondernemers bouwen aan de welvaart van vandaag én morgen. 

 

Wil je reageren op dit stuk of sparren met Trudie over het onderwerp? Neem contact op via vanthullbettink@vno-ncwwest.nl.

Een goede bereikbaarheid is cruciaal voor het ondernemers- en investeringsklimaat in onze regio. In reactie op de MIRT-Kamerbrief van 13 januari onderstrepen wij dat VNO-NCW West het waardeert dat de minister en staatssecretaris van Infrastructuur en Waterstaat richting de Tweede Kamer expliciet vaststellen dat er ‘zonder infra geen woningen, zonder infra geen militaire mobiliteit, en zonder infra geen economische ontwikkeling’ zijn. Daarmee wordt terecht erkend dat ‘de fysieke infrastructuur in Nederland de ruggengraat van onze samenleving vormt en onze delta veilig houdt’.

Voor VNO-NCW West is het evident dat investeringen in wonen en werken, zoals die binnen het Meerjarenprogramma Infrastructuur, Ruimte en Transport (MIRT) worden afgewogen, altijd hand in hand moeten gaan met investeringen in infrastructuur en bereikbaarheid. Al jarenlang blijkt dat de beschikbare middelen binnen het Mobiliteitsfonds niet toereikend zijn om zowel het onderhoud (vervanging en renovatie) als de aanleg van nieuwe infrastructuur te financieren. Er is steeds minder ruimte voor nieuwe investeringen en daar maken wij ons grote zorgen over. De bereikbaarheid en mobiliteit in Nederland staan onder toenemende druk. Zonder een goede infrastructuur staat alles stil en dit geldt extra sterk voor de Randstad.

Positief zijn wij over de afspraken die zijn gemaakt over de bereikbaarheid van nieuwe woningen zodat grote woningbouwprojecten kunnen worden gerealiseerd. Wij hebben hier eind 2025 al op gereageerd. Er zijn echter tal van belangrijke projecten die nog niet kunnen worden gerealiseerd. Het nieuwe kabinet staat voor belangrijke keuzes en zal echt meer geld beschikbaar moeten stellen voor de aanleg van nieuwe infrastructuur. Anders komen belangrijke projecten zoals de Oude Lijn in Zuid-Holland en Noord/Zuidlijn en het Zuidasdok in Noord-Holland niet van de grond of lopen ernstige vertraging op.

2026 is een cruciaal jaar voor de Noord/Zuidlijn en het Zuidasdok. Zij vormen de ruggengraat van het mobiliteitssysteem rond Amsterdam Zuid en Schiphol en zijn van nationaal en zelfs Europees belang. Het nieuwe kabinet zal 1,8 miljard beschikbaar moeten stellen om het financieringstekort dat is ontstaan te herstellen en er zal een knoop moeten worden doorgehakt voor eind 2026 over de financiering van de resterende onderdelen van het Zuidasdok plus een definitief voorkeursbesluit over de Noord/Zuidlijn.

Voor de Oude Lijn worden er weliswaar belangrijke stappen gezet maar om de schaalsprong af te maken zal vanaf 2026 nog circa 2 miljard euro nodig zijn. Dit is nodig om nieuwe woon- en werklocaties beter bereikbaar te maken voor reizigers en als impuls voor de economie en het vestigingsklimaat in Zuid-Holland.

VNO-NCW West roept de formerende partijen D66, VVD en CDA op om beide projecten specifiek te benoemen in hun binnenkort te presenteren coalitieakkoord. Er is brede politieke steun bij een groot aantal partijen in de Tweede Kamer, voor zowel de Oude Lijn als de Noord/Zuidlijn en het Zuidasdok. Maar dan moet de politiek vervolgens wel leveren en investeren in de ruggengraat van Nederland. Want zonder infra staat alles stil.

 

Lees hier verder over het doortrekken van de Noord/Zuidlijn.
Meer weten over wat Meerjarenprogramma Infrastructuur Ruimte en Transport (MIRT) voor jouw organisatie betekent? Neem gerust contact op met Rogier Krabbendam (directeur public affairs VNO-NCW West) of Trudie van ’t Hull-Bettink (belangenbehartiger Noord-Holland) via krabbendam@vno-ncwwest.nl en vanthullbettink@vno-ncwwest.nl.

Op donderdag 8 januari trapten het DGA Netwerk van VNO-NCW West, FBNed Familiebedrijven Nederland en VNO-NCW het nieuwe jaar af met een bijzondere nieuwjaarsbijeenkomst bij HEINEKEN Nederland. In het recent geopende Global R&D Centre in Zoeterwoude kwamen ondernemers, bestuurders en politici samen voor een open en inhoudelijk gesprek over de rol van bedrijven in een snel veranderende samenleving. 

De middag begon met een warm welkom in het R&D Centre, waarna Ellen van Dam, voorzitter van het DGA Netwerk, de bijeenkomst opende. Zij benadrukte het belang van samenkomen op plekken waar ondernemerschap, innovatie en maatschappelijke opgaven samenkomen.

Open gesprek tussen ondernemers, bedrijfsleven en politiek 

Centraal in het programma stond het vraaggesprek tussen Willemien Bosch (directeur Beleid VNO-NCW en MKB-Nederland) en Maarten Schuurman (algemeen directeur HEINEKEN Nederland). In dit gesprek werd stilgestaan bij de rol van grote én kleinere bedrijven in de Nederlandse economie, het belang van innovatie en verduurzaming en de randvoorwaarden die nodig zijn om te kunnen blijven investeren. 

Ondernemers uit de zaal deelden concrete voorbeelden uit hun eigen praktijk: over regelgeving, investeringsbeslissingen en de spanning tussen ambities en uitvoerbaarheid. Dat leidde tot herkenning, onderlinge uitwisseling én een inhoudelijke reactie van de aanwezige politici. De bijeenkomst liet daarmee goed zien hoeveel energie er ontstaat wanneer ondernemers en politiek elkaar rechtstreeks ontmoeten en het gesprek voeren op basis van praktijkervaring. 

Ook HEINEKEN deelde openhartig waar zij als internationaal opererende onderneming tegenaan lopen. Die eerlijkheid zorgde voor veel herkenning in de zaal en benadrukte dat grote en kleinere bedrijven vaak met vergelijkbare vraagstukken te maken hebben. 

Innovatie van dichtbij: rondleiding door het Global R&D Centre 

Na het plenaire programma gaf Hubert te Braake, Global R&D Director van HEINEKEN, een introductie op het R&D Centre en de rol die het speelt binnen het wereldwijde innovatieprogramma van HEINEKEN. Met een investering van ruim €45 miljoen en een team van meer dan honderd specialisten uit meer dan twaalf landen is dit centrum een belangrijk knooppunt in het Nederlandse innovatielandschap. 

Tijdens de rondleiding kregen de deelnemers een uniek kijkje achter de schermen. Zo leerden zij over het speciaal getrainde smaakpanel dat bieren van over de hele wereld test om de herkenbare HEINEKEN-smaak te waarborgen. Ondernemers konden bovendien zelf ervaren hoe scherp hun reukzin is tijdens een geurtest. 

Ook werd stilgestaan bij innovaties op het gebied van nieuwe dranken (waaronder alcoholvrij 0.0), verpakkingen en verduurzaming. Het R&D Centre is daarmee een tastbaar voorbeeld van de innovatieve ecosystemen waarin bedrijven, kennisinstellingen en partners samenwerken aan het toekomstige verdienvermogen van Nederland.

Netwerken en vooruitkijken 

De middag werd afgesloten met een netwerkborrel, uiteraard met HEINEKEN-bieren, waar het gesprek informeel werd voortgezet en nieuwe verbindingen werden gelegd. In een ontspannen setting werd samen vooruitgekeken naar het nieuwe jaar en de gezamenlijke opgaven die voor ons liggen. 

Al met al was het een zeer geslaagde bijeenkomst: inhoudelijk sterk, inspirerend en verbindend. Een middag die liet zien hoe belangrijk het is dat ondernemers, bedrijven en politiek elkaar blijven ontmoeten om samen te werken aan innovatie, verduurzaming en een sterk ondernemingsklimaat in Nederland. 

De foto’s, gemaakt door Mirjam Lems, zijn hier te bekijken en downloaden:

 

Ondernemers vragen om concrete keuzes voor economie bij gemeenteraadsverkiezingen 2026 

 

Stem van ondernemers richting lokale politiek
Het verkiezingsmanifest voor de gemeenteraadsverkiezingen van 2026 is namens de ondernemersverenigingen binnen de Koepel VNO-NCW Bedrijfsleven Rijnland en VNO-NCW Rijnland officieel overhandigd aan de voorzitter van het Algemeen Bestuur van Regio Holland Rijnland, Peter Heijkoop. Met dit manifest geeft het bedrijfsleven een duidelijke boodschap mee aan politieke partijen en toekomstige gemeentebesturen: zet ondernemers en economie centraal in lokale én regionale besluitvorming. 

Tino Meijn, voorzitter van VNO-NCW Rijnland, zegt: “Ondernemers in onze regio zijn doeners, zij willen aan de slag. Ook met de uitvoering van alle plannen op het gebied van ruimte, infrastructuur, arbeidsmarkt en weerbaarheid. Wij trekken als gezamenlijke ondernemersverenigingen daarbij graag op met een ambitieus Algemeen Bestuur van Regio Holland Rijnland.” 

Ruimte voor bedrijven onder druk
In het manifest wordt nadrukkelijk aandacht gevraagd voor het groeiende tekort aan ruimte voor bedrijven in Rijnland. In meerdere gemeenten verdwijnen bedrijventerreinen door transformatie, terwijl vervangende ruimte uitblijft. Ondernemers pleiten onder meer voor de ontwikkeling van de Barrepolder als bedrijventerrein, en de uitbreiding van bestaande terreinen zoals De Olm, Bovenland en Schoterhoek en voor betere regionale samenwerking bij het creëren van tijdelijke schuifruimte. Zonder deze keuzes komen groei, innovatie en werkgelegenheid verder onder druk te staan. 

Bereikbaarheid en infrastructuur als randvoorwaarde
Een goed functionerende economie vraagt om bereikbaarheid. Het bedrijfsleven roept op tot voortgang bij belangrijke infraprojecten zoals de verbreding van de A4, aandacht voor de gevolgen van het onderhoud aan de A44 en verbeteringen op knelpunten rond de N11 en N206. Ook investeringen in hoogwaardig openbaar vervoer, zoals het OV-knooppunt Leiden Centraal en betere verbindingen tussen Leiden, Alphen aan den Rijn en de Bollenstreek, zijn essentieel voor werknemers en bedrijven. 

Krapte op de Arbeidsmarkt en het Elektriciteitsnet
Daarnaast vraagt het manifest om een betere aansluiting tussen onderwijs en arbeidsmarkt, met specifieke aandacht voor kraptesectoren als techniek, bouw, ICT en zorg. Initiatieven zoals het Regionale Werkcentrum verdienen verdere versterking. Ook netcongestie vormt een steeds groter obstakel: bedrijven die willen uitbreiden of verduurzamen lopen vast door het gebrek aan capaciteit op het elektriciteitsnet. Het bedrijfsleven dringt aan op versnelling van oplossingen en uitvoering van bestaande actieagenda’s. 

Van plannen naar uitvoering
Met de overhandiging van het manifest roepen de bij de Koepel VNO-NCW Bedrijfsleven Rijnland aangesloten ondernemersverenigingen de Regio Holland Rijnland en de 13 aangesloten gemeenten op om regionale economische ambities daadwerkelijk te vertalen naar concrete projecten. Na de gemeenteraadsverkiezingen van 18 maart 2026 moeten deze onderwerpen zichtbaar en concreet landen in coalitie- en collegeakkoorden. Daarbij is structurele betrokkenheid van lokale ondernemersverenigingen cruciaal: zij weten wat er speelt en kijken verder dan de eigen gemeentegrens. 

 Lees het hele manifest hier: VNO-NCW Rijnland Manifest gemeenteraadsverkiezingen 2026

De komende jaren wordt bij Tata Steel een van de grootste verduurzamingsslagen van Nederland gemaakt. Dat is niet alleen belangrijk voor het klimaat en de leefomgeving in de IJmond, maar ook voor duizenden banen, toeleveranciers en de kracht van onze maakindustrie. 

Het georganiseerde bedrijfsleven in Noord-Holland heeft daarom gezamenlijk gereageerd op de internetconsultatie over de Joint Letter of Intent (JLoI) tussen Tata Steel, het Rijk en de provincie Noord-Holland. In deze reactie spreken wij onze steun uit voor de intentieovereenkomst én benadrukken wij het grote belang van een toekomstbestendige, concurrerende en duurzame staalindustrie voor Nederland en de regio. 

De modernisering van Tata Steel is cruciaal. Voor het behalen van klimaatdoelen, het verbeteren van de leefomgeving in de IJmond én het behoud van strategische industrie, kennis en werkgelegenheid. Tegelijk is duidelijk: het succes van deze transitie staat of valt met een zorgvuldige en uitvoerbare uitwerking. 

Daarom vragen wij het Rijk expliciet aandacht voor drie randvoorwaarden: 

  • voldoende beschikbaar technisch talent 
  • een gelijk Europees speelveld, zonder extra nationale lasten 
  • voorspelbare en versnelde vergunningverlening voor verduurzamingsprojecten 

Alleen met duidelijke regie, heldere kaders en voldoende uitvoeringscapaciteit kunnen bedrijven de noodzakelijke investeringen tijdig doen. 

De gezamenlijke reactie is ingediend door VNO-NCW West, OV IJmond, Stichting Techport, ORAM en het Economisch Forum Holland boven Amsterdam. Samen benadrukken we: alleen met deze randvoorwaarden leidt de JLoI daadwerkelijk tot minder emissies, een gezondere leefomgeving én behoud van industriële kracht en werkgelegenheid in de regio. 

Duurzame staalproductie is bovendien van strategisch belang voor Nederland, essentieel voor onze weerbaarheid, technologische autonomie en het industriële ecosysteem. 

Lees de volledige reactie hier: Reactie-bedrijfsleven-op-JLoI

Op dinsdag 9 december kwamen ruim vijftig bestuurders, ondernemers en experts samen bij het projectbureau van Zuidasdok in het WTC Amsterdam voor een inspirerende eindejaar bijeenkomst over de toekomst van de bereikbaarheid van de zuidvleugel van de Metropoolregio Amsterdam. De middag stond in het teken van twee sleutelprojecten: Zuidasdok en de verlenging van de Noord/Zuidlijn richting Schiphol en Hoofddorp.

 

De zuidvleugel als economisch knooppunt

Voorzitter Haico Spijkerboer (VNO-NCW MRA) heette de aanwezigen welkom met Milos Labovic (Vervoerregio Amsterdam), waarna Paco Bunnik (Gemeente Amsterdam) het grotere plaatje schetste: de Zuidas als internationaal concurrerend Central Business District dat in veertig jaar tijd transformeerde van sportvelden en moestuinen naar een economische hotspot met 60.000 banen, internationale verbindingen en een sterk groeiende woonfunctie.

 

Update Zuidasdok: bouwen in een vol gebied

Marianne van Lochem (Senior Architect bij Arcadis) gaf een inkijk in de complexe operatie van Zuidasdok. Het station groeit van 50.000 naar 250.000 reizigers per dag en krijgt twee nieuwe passages (Minerva en Britten), bredere perrons en nieuwe spoorbruggen.

 

Update OVAH: vijf scenario’s in de MIRT-verkenning

Marco Gerrese (project OVAH) presenteerde de stand van zaken rond de MIRT-verkenning naar de OV-verbinding Amsterdam–Haarlemmermeer. Van de oorspronkelijke 60+ varianten blijven er nu vijf realistische opties over.

 

Panelgesprek

Met: Stefan Titus (Adviseur gebiedsontwikkeling VU), Eva Klein Schiphorst (Schiphol Area Development Center) en Berend Zwart (Vastgoedadvocaat bij Eversheds Sutherland). Zij spraken over de impact van de projecten op de economie, leefbaarheid en bereikbaarheid.

 

Lancering petitie Noord/Zuidlijn Coalitie

In OX & Bucks lanceerden VNO-NCW MRA en de Vervoerregio Amsterdam de petitie voor de verlenging van de Noord/Zuidlijn. Voorzitter Haico Spijkerboer van VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam en Wethouder Marja Ruigrok (Haarlemmermeer) zetten beiden de eerste handtekening om het belang te benadrukken voor deze cruciale verbinding voor de regio.

 

Daarmee ook direct de oproep aan het bedrijfsleven: teken de petitie! Dit kan via: Petitie Noord/Zuidlijn doortrekken naar Hoofddorp.


VNO-NCW West onderschrijft het belang van een nationale ruimtelijke koers en waardeert dat het kabinet met de Ontwerp-Nota Ruimte kiest voor steviger nationale regie. De nota bevat een gedegen analyse van de grote ruimtelijke opgaven en is als visie een waardevol vertrekpunt om de ruimtelijke ontwikkeling van Nederland te versnellen en de ruimte voor economische activiteiten strategisch te versterken. 

Voor Noord- en Zuid-Holland is deze opgave extra urgent. In onze regio’s komen veel nationale functies samen en is de ruimtedruk zeer hoog. Juist daarom is het noodzakelijk dat de definitieve Nota Ruimte wordt vertaald naar een krachtige uitvoeringsagenda, met heldere keuzes, instrumenten en investeringsmomenten. Waar het Rijk de provincies goed heeft betrokken, zijn veel gemeenten dat nog niet. Lokaal lopen ondernemers te vaak tegen belemmeringen aan en is er onvoldoende oog voor het belang van ruimte voor economie. VNO-NCW West vraagt het Rijk om gemeenten mee te nemen en (mede)verantwoordelijk te maken voor het behoud en creëren van ruimte voor bedrijven. 

De nota biedt kansen om een duidelijk en voorspelbaar fundament te scheppen voor een weerbare, circulaire, duurzame en innovatieve economie. Dat vraagt in de definitieve nota om expliciete prioritering en rechtszekerheid, juist omdat functies in onze regio’s vaak botsen, zoals wonen, werken, infrastructuur, energie en een gezonde leefomgeving. 

 

Meer ruimte voor economie en investeringszekerheid 

In Noord- en Zuid-Holland is al sprake van verdringing van strategische werklocaties door woningbouwdruk, onder meer in het Noordzeekanaalgebied en Amsterdam. VNO-NCW West vraagt het Rijk om in de definitieve nota steviger te committeren aan concrete nationale doelen voor ruimte voor economie, met taakstellingen, eenduidige monitoring en waar nodig instructieregels voor provincies en gemeenten. Daarbij verwijzen wij naar het Rapport Wennink, waarin wordt geadviseerd te zorgen voor voldoende ruimte voor de ontwikkeling van bedrijven. 

Naast fysieke ruimte is ook behoud en uitbreiding van milieu- en ontwikkelruimte randvoorwaardelijk. Het gaat niet alleen om hectares, maar ook om milieuruimte en buffering rond industriële activiteiten. Dit is essentieel voor investeringszekerheid en voor de transitie naar een circulaire economie, die juist extra (tijdelijke) milieuruimte vraagt. 

 

Woningbouw, bereikbaarheid en infrastructuur 

Nieuwe woonlocaties moeten structureel worden gekoppeld aan werk en bereikbaarheid. Investeringen in weg, spoor en openbaar vervoer moeten zichtbaar worden in de uitvoeringsagenda en de MIRT-programmering, inclusief voldoende middelen voor aanleg en onderhoud.  

Zo wordt Noord-Holland Noord in de ontwerp-nota genoemd, maar verdient in de uitwerking meer aandacht en ambitieniveau, juist omdat hier economische activiteiten met (inter)nationale betekenis samenkomen.  

Grote OV-projecten zoals de Oude Lijn en OVAH zijn structuurversterkende infrastructuur van nationaal belang en essentieel voor gebiedsontwikkeling, campusvorming en kennisintensieve sectoren zoals Lifesciences & Health, Space, AI en Quantum. 

 

Mainports, digitale economie en energie 

Het versterken van mainports en logistieke ketens is alleen mogelijk als deze de ruimte krijgen om te functioneren en te verduurzamen. Internationale connectiviteit en bereikbaarheid zijn daarbij belangrijke vestigingsvoorwaarden. Het behoud van een sterk haven-industrieel complex in Rotterdam is van nationaal en Europees belang en zeewaartse uitbreiding moet serieus worden overwogen. Daarnaast moet Schiphol onder voorwaarden ruimte krijgen om zijn netwerk- en logistieke functie te behouden. 

Ook digitale infrastructuur is randvoorwaardelijk voor het vestigingsklimaat. VNO-NCW West vraagt om duidelijke keuzes over ruimte en locatiestrategie voor digitale infrastructuur, met aandacht voor ruimtelijke en landschappelijke inpassing. 

Netcongestie en energie-infrastructuur zijn eveneens randvoorwaardelijk voor woningbouw en bedrijfsinvesteringen. Energie moet integraal onderdeel zijn van ruimtelijke keuzes, met versnelling van procedures en vergunningverlening voor nieuwe infrastructuur. 

 

Regionale uitwerking: elke regio telt 

Voor Noord- en Zuid-Holland is het van belang dat de definitieve Nota Ruimte regionaal herkenbaar ruimte biedt aan sectoren die bijdragen aan brede welvaart, innovatie en strategische weerbaarheid. Dit geldt onder meer voor Zuid-Holland, Noord-Holland Noord en de Metropoolregio Amsterdam, waar economische activiteiten met nationale waarde samenkomen. 

 

Van visie naar uitvoering 

VNO-NCW West ziet de Ontwerp-Nota Ruimte als een kans om ruimtelijke keuzes te vertalen naar uitvoerbaarheid en investeringszekerheid. De volgende stap is een krachtige uitvoeringsagenda die duidelijk maakt wanneer nationale keuzes worden gemaakt, hoe deze worden uitgevoerd door overheden en hoe investeringen door marktpartijen worden gekoppeld. Dit vraagt om voldoende middelen die langjarig worden gereserveerd.  

 

Lees onze volledige reactie op de Nota Ruimte hier: Zienswijze ontwerpnota ruimte VNO-NCW WEST.

Keuze voor “groene tracé 380Kv ” pijnlijk, maar minst slechte variant

 

Vandaag presenteert de provincie Noord-Holland het regioadvies over de 380kv hoogspanningsleiding die het stroomnet van de Randstad moet verbinden met de kop van Noord-Holland. Natuur- en milieuorganisaties en het verenigde bedrijfsleven in Noord-Holland boven het Noordzeekanaal steunen het regioadvies en de groene route die de provincie als voorkeurstracé voorstelt. Alles afwegende is het ook in hun ogen de minst slechte variant als het gaat om landschap, natuur en economische ontwikkeling. Tegelijk pleiten de organisaties voor ruimhartige compensatie, het ontzien van de Berkmeerpolder en het nemen van onorthodoxe maatregelen om het geplande onderstation in de buurt van Beverwijk in te passen.

Natuurmonumenten, Landschap Noord-Holland, Economisch Forum Holland Boven Amsterdam, VNO-NCW West en Natuur en Milieufederatie Noord-Holland steunen het regioadvies van de provincie Noord-Holland, waarin de voorkeursroute voor de 380Kv verbinding wordt voorgesteld. De organisaties onderstrepen het belang van een sterke energie-infrastructuur en pleiten voor snelheid in besluitvorming en aanleg.

Tegelijk erkennen we dat het kiezen van een tracé ingewikkeld is”, aldus Sijas Akkerman, directeur van de Natuur en Milieufederatie Noord-Holland namens de organisaties. “Alles overziend is dit de minst slechte route voor natuur en landschap Tegelijk is de impact lokaal wel groot. Pijn zal het altijd doen. We hebben veel begrip voor  alle pleidooien voor andere routes, maar snappen ook dat er een keuze gemaakt moet worden die voor een deel van Noord-Holland en de Noord-Hollanders nadelig uitpakt.”

De aandachtspunten die de bovengenoemde organisaties nog een keer extra willen meegeven zijn:

  1. Kies voor de volledige groene route. Dus niet voor de bypass dwars door de Berkmeer;
  2. Leg de kabels onder het Unesco Werelderfgoed Stelling van Amsterdam door. Dat is duurder, maar kan wel, vergroot het maatschappelijke draagvlak en helpt om de aanleg te versnellen;
  3. Compenseer de landschappelijk impact en de impact op de natuur door in Noord-Holland zoveel mogelijk bestaande 150kv kabels onder de grond te brengen. Zeker in natuurgebieden in heel Noord-Holland;
  4. Kies voor een onorthodoxe oplossing voor het onderstation in de regio Beverwijk. Zoek bijvoorbeeld oplossingen in relatie tot het plan Bazaar-Stad, de nieuwe Bazaar en parkeervoorzieningen.

Tot slot spreken de natuur- en milieuorganisaties en het verenigde bedrijfsleven hun verbazing uit over de opstelling van Hollands Noorder Kwartier. Het waterschap maakte recent duidelijk vraagtekens te hebben bij de locatie van het onderstation in de Wieringermeerpolder, omdat die 4 meter beneden zeeniveau ligt. Friso de Zeeuw, voorzitter van Economisch Forum Holland Boven Amsterdam daarover: “Het waterschap Hollands Noorder Kwartier is al meer dan een jaar betrokken geweest bij de voorbereidingen van het regioadvies; van een overhaast advies is dus geen sprake. Ernstiger is dat het waterschap economisch de verdere ontwikkeling van de Wieringermeer wil blokkeren op ondeugdelijke motieven. Bouwen in een diepe polder is harstikke veilig als de basis-waterhuishouding op orde is, stortbuien kunnen worden opvangen en de dijk biedt voldoende veiligheid. Eventueel kan later nog een vooroever worden aangelegd, maar dat is nu niet urgent.’’

Brede steun uit het bedrijfsleven op cruciaal moment in de formatie

VNO-NCW West en de Vervoerregio Amsterdam lanceren vandaag een petitie voor de snelle doortrekking van de Noord/Zuidlijn naar Schiphol en Hoofddorp. De timing is bewust: in de formatie wordt de komende weken besloten welke grote infrastructurele projecten wel en niet doorgaan.

Metropoolregio Amsterdam is goed voor meer dan een kwart van het Nederlandse bruto binnenlands product. De werkgelegenheid groeit explosief rondom Schiphol en Amsterdam-Zuid en juist hier kunnen de nationale woningbouwopgaven worden gerealiseerd. Dagelijks reizen honderdduizenden mensen door de regio. Zonder een structurele oplossing voor deze druk loopt het systeem vast en daarmee de economie. Voor het bedrijfsleven is goede toegang tot nationale en internationale markten en klanten onmisbaar. De doortrekking van de Noord/Zuidlijn is daarbij de meest effectieve en toekomstbestendige investering.

“Waar we ook komen in de regio horen we hetzelfde: bedrijven hebben deze verbinding nodig om te kunnen blijven groeien,” zegt Haico Spijkerboer, voorzitter van VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam. “De Noord/Zuidlijn is geen luxeproject. Het is een voorwaarde voor het toekomstig verdienvermogen van Nederland.”

Financiering jarenlang onder druk
De verlenging van de Noord/Zuidlijn was in 2022 onderdeel van een rijksbijdrage van 4,1 miljard euro aan de Metropoolregio Amsterdam. In 2023 trok het Rijk deze financiering deels terug om een begrotingstekort te dichten. Sindsdien zit het project op slot: MIRT-regels schrijven voor dat minimaal 75% van de financiering rond moet zijn voordat een project mag starten. Hierdoor is een nationaal project, dat al breed politiek werd gedragen, in onzekerheid beland.

Afgelopen Prinsjesdag herstelde het kabinet een deel van het ontstane tekort en werden middelen gereserveerd om de resterende financieringskloof te dichten. Ook staat de Noord/Zuidlijn in vrijwel alle verkiezingsprogramma’s. De steun is er dus, maar er is nog geen formeel besluit. En zolang dat uitblijft, schuiven woningbouw en economische ontwikkeling in de regio verder op.

Bedrijfsleven trekt aan de bel
“De afgelopen jaren hebben we intensief gelobbyd om dit project weer in het spoor te krijgen. Maar Den Haag luistert vooral als het bedrijfsleven zelf spreekt,” zegt Marja Ruigrok, lid van het dagelijks bestuur van de Vervoerregio. “Daarom lanceren we deze petitie samen met VNO-NCW West.”

De petitie wordt na 100 onderschrijvingen aangeboden in Den Haag.

Oproep aan bedrijven
Bedrijven kunnen de petitie lezen en ondertekenen via: www.noordzuidlijncoalitie.nl