Waar staan we 100 dagen na de presentatie van het Rapport Wennink?
Het veelbesproken en langverwachte rapport is positief ontvangen waarna vervolgens een nieuw kabinet is aangetreden. Er kan veel gebeuren in korte tijd. De urgentie om te investeren om onze toekomstige welvaart veilig te stellen is ondertussen alleen maar toegenomen. De geopolitieke spanningen zijn met Venezuela en Iran alleen maar verder opgelopen en de gevolgen dringen al door in onze samenleving en economie.
Randvoorwaarden blijven de grootste belemmering
In het rapport wordt nadrukkelijk gewezen op het feit dat ‘het ontbreken van de juiste randvoorwaarden momenteel de grootste belemmering vormt voor de noodzakelijke economische groei. Vergunningverlening verloopt te traag en complex, het tekort aan goed geschoold talent loopt op, energieprijzen liggen hoger dan in omliggende landen, stikstof en netcongestie zetten teveel economische ontwikkelingen op slot, en zowel de fysieke als digitale infrastructuur kent achterstallig onderhoud.’
Infrastructuur: van randvoorwaarde naar knelpunt
In de eerste 100 dagen zouden er keuzes moeten worden gemaakt voor een structureel herstel van deze randvoorwaarden. Maar als we inzoomen op de fysieke infrastructuur, werd onlangs duidelijk dat veel infrastructuurprojecten niet kunnen beginnen door een tekort van 80 miljard euro op de meerjarenbegroting van het Rijk voor infrastructuurprojecten. „Het gaat om vele miljarden euro per jaar”, zo schreef minister Vincent Karremans in een brief aan de Tweede Kamer. VNO-NCW West maakt zich zorgen over het gebrek aan middelen om het noodzakelijke onderhoud aan onze infrastructuur uit te voeren. De betrouwbaarheid en toegankelijkheid van onze (spoor)wegen, bruggen, tunnels en sluizen komt hierdoor onder druk te staan. De vernieuwing van de Haringvlietbrug moet wachten tot er wel geld beschikbaar is en dit geldt ook voor het spui- en gemaalcomplex IJmuiden.
Oproep: investeer nú in onderhoud
VNO-NCW West steunt dus ook van harte de petitie ‘Investeer nú in onderhoud’ die op 24 maart door VNO-NCW is aangeboden aan de Tweede Kamer. Wat ons betreft moet het kabinet nu echt aan de slag met het versterken van onze infrastructuur en wegwerken van het achterstallig onderhoud. We schreven eerder al dat een nieuw kabinet zou moeten investeren in de ruggengraat van Nederland, want zonder infra staat alles stil.
Onderhoud én uitbreiding noodzakelijk
Naast het benodigde onderhoud vereist een toekomstbestendige infrastructuur ook investeringen in aanpassing en uitbreiding. Denk aan de investering in het Zuidasdok, de verlenging van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp en aan de investering in onze nationale luchthaven. Niet alleen in geld, maar ook in het uitzetten van een duidelijke koers.
Dat is uiteraard allemaal niet in de eerste 100 dagen geregeld, maar wanneer onderhoud al een uitdaging blijkt, lijken de extra noodzakelijke investeringen voor aanpassing en uitbreiding nog verder weg.
Rogier Krabbendam,
Directeur public affairs en belangenbehartiger Zuid-Holland
Bekijk de petitie ‘Investeer nú in onderhoud’ hier.
Als directeur van VNO-NCW West kijk ik positief naar het coalitieakkoord. Tegelijkertijd zie ik ruimte voor verbetering, meer ambitie én vooral: een kans voor een nieuwe impuls aan het poldermodel. Dit kabinet heeft onder leiding van minister-president Jetten, met minister Vijlbrief van Sociale Zaken en Werkgelegenheid minister Aartsen van Werk en Participatie een gouden kans om samen met de polder een nieuw sociaal akkoord te sluiten; wellicht zelfs een nieuw Akkoord van Wassenaar.
Dat historische akkoord uit 1982 liet zien wat mogelijk is als sociale partners bereid zijn tot compromissen. Loonmatiging in ruil voor arbeidstijdverkorting herstelde destijds de winstgevendheid en hielp de werkloosheid terug te dringen. Het werd een schoolvoorbeeld van succesvol polderoverleg.
Ook nu is zo’n gezamenlijke aanpak nodig. Het coalitieakkoord legt sterk de nadruk op financiële discipline en hervormingen in WW, WIA, pensioenen en zorg. Hervormen is noodzakelijk om de verzorgingsstaat en de AOW houdbaar te houden. Maar de vormgeving en randvoorwaarden vragen om overleg met vakbonden en werkgevers, de polder. Zonder draagvlak geen duurzame oplossingen. Bovendien sluiten delen van de plannen niet aan bij het eerder gesloten pensioenakkoord.
Niet alleen de oppositie, maar ook de polder ziet het akkoord daarom als een uitnodiging. Zoek niet alleen meerderheden in de Haagse stolp, maar bouw aan maatschappelijk draagvlak via het middenveld. Dat is geen omweg, maar de kortste route naar stabiel beleid.
Er is nog een belangrijke factor die de komende tijd van invloed zal zijn op de verhoudingen tussen de politiek en de polder. Want naast het nieuwe minderheidskabinet dat op 23 februari het bordes van Paleis Huis ten Bosch betreedt, verandert ook samenstelling van de polder. Er zullen de komende maanden veel nieuwe voorzitters namens werkgevers en werknemers aan de overlegtafel schuiven. Zij bouwen voort op de traditie van het poldermodel, maar brengen ook een frisse blik en nieuwe energie met zich mee. Dat biedt kansen.
De agenda voor brede welvaart van voorzitter van VNO-NCW Ingrid Thijssen en het pleidooi voor een leven lang ontwikkelen en een sterke verbinding tussen onderwijs en arbeidsmarkt van Jacco Vonhof als voorzitter van MKB-Nederland laten zien waar de sleutel ligt: investeren in kennis, innovatie en duurzame inzetbaarheid. Dat klinkt mij als muziek in de oren.
De vakbonden wisselen ook van voorzitter. Hans van den Heuvel start per 1 april 2026 als nieuwe voorzitter van het CNV. Voor FNV is dit dé kans om de rijen te sluiten, het interne gedoe achter zich te laten en zich vol in te zetten voor het belang van de werknemers. Anders raakt de polder uit balans. Als je de WW, WIA en de AOW aan wilt pakken en toekomstbestendig maken, dan moet dit echt samen met de sociale partners.
Een leven lang leren, van werk naar werk begeleiden en het sociaal vangnet beschermen voor wie dat nodig heeft, zijn daarbij essentieel. Een weerbare samenleving vraagt om een sterke economie én om gedeelde brede welvaart. Precies daar ligt de opdracht – en de kans – voor een nieuw sociaal akkoord.
Rogier Krabbendam Directeur Public Affairs VNO-NCW West
De paradox van de Nederlandse politiek: korte termijn denken versus lange termijn investeringen.
Nederland schermt graag met percentages: 5% van het nationaal inkomen voor Defensie, waarvan 1,5% voor infrastructuur en weerbaarheid, en 3% voor onderzoek en innovatie. Maar achter die cijfers gaat een ongemakkelijke realiteit schuil. Wordt er écht extra geïnvesteerd in de toekomst van ons land, of worden bestaande uitgaven slim herverpakt om internationale afspraken af te vinken? Die vraag staat centraal in dit opiniestuk.
Tijdens de NAVO-top in Den Haag spraken de regeringsleiders af om 5% van hun nationaal inkomen aan Defensie te besteden. Op aandringen van Mark Rutte mogen Europese NAVO-landen daar 1,5% van inzetten voor ‘brede weerbaarheid’, waaronder infrastructuur. Gemeenten, provincies en ondernemers hebben genoeg ideeën waar dat geld naartoe kan.
Dat die 5% vooral bedoeld was om Trump te paaien, begrijpt iedereen. Maar dat de minister van Financiën vlak voor het zomerreces zei dat het “totaal onrealistisch” is om miljarden extra uit te geven, is zorgwekkend. Veel infraprojecten liggen al stil omdat ze moeten concurreren om een veel te kleine pot. Denk aan de Noord/Zuidlijn en de Lelylijn, die tegen elkaar worden uitgespeeld. Opeenvolgende regeringen hebben bovendien eerder geld weggehaald bij grote projecten. Terwijl gemeenten en bedrijven blijven waarschuwen: Nederland loopt vast. De Algemene Rekenkamer waarschuwde bovendien dat het tekort Rijkswaterstaat voor de instandhouding van het (vaar)wegennet en spoor toegenomen en groter is dan gedacht. Er is helemaal geen ruimte voor de aanleg van nieuwe infrastructuur. Terwijl grote investeringen in infrastructuur juist keihard nodig zijn en daar komen nu nog de weerbaarheidsinvesteringen bovenop.
Zeggen dat er al genoeg projecten bestaan die onder de 1,5% kunnen vallen, doet geen recht aan de werkelijkheid. Het gaat níet om heretiketteren, maar om écht extra investeren in veiligheid, weerbaarheid en economische kracht.
Een artikel in Binnenlands Bestuur liet onlangs zien hoe gemeenten en de provincie Noord-Holland lobbyen voor projecten als de A8-A9-verbinding en de N9. De auteur waarschuwde dat ze zich niet rijk moeten rekenen. Terecht: zolang Den Haag percentages als decor gebruikt, blijft het geld onzeker.
Ook bij R&D is het verschil tussen ambitie en realiteit duidelijk. De minister van Economische Zaken roept op om de afgesproken 3%-norm voor R&D te halen. Het bedrijfsleven draagt twee derde van de investeringen, de overheid één derde. Cruciaal voor onze kenniseconomie. Maar eerder haalde het kabinet geld weg bij het Groeifonds om de benzineaccijns incidenteel te verlagen. Een schoolvoorbeeld van korte termijn boven lange termijn. Het huidige 3%-actieplan is een stap vooruit, maar alleen als het wordt verankerd in volgehouden programma’s. Om aan 3% te komen is €14,9 miljard aan publieke investeringen nodig. Zonder meerjarig beleid gaan we dit doel nooit halen.
Op verzoek van het huidige demissionaire kabinet werkt de voormalig CEO van ASML Peter Wennink aan een advies voor een investeringsagenda voor Nederland. Het Nederlandse antwoord op het Draghi-rapport en gericht op het versterken van het investeringsklimaat en toekomstig verdienvermogen. Want het gaat niet goed met het Nederlandse ondernemings- en investeringsklimaat, zo waarschuwde VNO-NCW-voorzitter Ingrid Thijssen dit weekend nog in een interview met het Financieele Dagblad. Volgens haar is het investeringsklimaat sinds 2018 in een vrije val geraakt en moet een nieuw kabinet snel met een gerichte investeringsagenda komen.
Het lijkt tijdens de campagne voor de Tweede Kamerverkiezingen maar weinig te gaan over onze economie, terwijl er veel op het spel staat: ons verdienvermogen en onze welvaart. De vraag is dus: kiest het volgende kabinet na 29 oktober voor window dressing en labelt het bestaande uitgaven slim als onderdeel van de 5% of 3%, of durft het écht te investeren? In veiligheid, infrastructuur, onderwijs en innovatie. Investeringen die ondernemers vooruithelpen en ons land sterker maken.
Want één ding is zeker: onszelf voor de gek houden is misschien nog wel de slechtste investering van allemaal.
Een beleidsarme Miljoenennota van een dubbel-demissionair kabinet-Schoof. Na Prinsjesdag duiken we bij Hét Miljoenenontbijt in De Doelen traditiegetrouw in de kabinetsplannen en de economische ontwikkelingen. Wat betekent het voor het bedrijfsleven? Voor een volle zaal ondernemers en werkgevers gingen genodigden met elkaar in gesprek.
Mai Elmar, Voorzitter van het bestuur VNO-NCW Regio Rotterdam & regio:
“Vorig jaar was er op ons Miljoenenontbijt nét een nieuw kabinet; nu is er een demissionair kabinet met verkiezingen in oktober. De toestand in de wereld is zorgelijk; er is onstabiliteit, angst, veel leed en onzekerheid. Die onzekerheid treft ook Nederland. De afgelopen zes jaar is er feitelijk maar anderhalf jaar een kabinet dat ingewerkt aan het regeren is geweest. Dat komt de betrouwbaarheid niet bepaald ten goede. De resultaten van de Prinsjesdagpeiling 2025 liegen er niet om. Twee derde van de ondernemers in Zuid-Holland zien regeldruk als het grootste knelpunt, de helft benoemt belastingen, premies en hoge loonkosten. 90% van de ondernemers is ontevreden over de stabiliteit van politiek en bestuur. 82% vindt dat politiek en bestuur onoverzichtelijk, 62% ziet de komende kabinetsperiode somber in. Nog immer staan dezelfde nijpende onderwerpen op de agenda: stikstof, belasting en btw, regeldruk, gebrek aan een lange termijnvisie en oog voor kunst, cultuur, sport én onderwijs.
VNO-NCW is 125 jaar geleden opgericht dat weerspiegelt continuïteit en betrouwbaarheid. We komen op voor werkgeversbelangen met oog voor sociale én economische stabiliteit. Alles is in feite economie, maar niet alles is geld. Ook dát begrijpen wij door sociale én economische stabiliteit voor te staan. VNO-NCW vertegenwoordigt zo’n 300.000 ondernemingen; dat is circa 90% van de private sector middels van 150 brancheorganisaties en 190 direct aangesloten ondernemingen. Voorzichtig berekend vertegenwoordigd dit zo’n 5 miljoen mensen. VNO-NCW en haar ondernemers staan voor stabiliteit, vertrouwen en fatsoen en hebben geen politieke kleur, kortom een betrouwbare partner om aan tafel te hebben.
29 oktober gaat Nederland naar de stembus. Nederland kan zich geen nieuwe periode van politieke stilstand veroorloven en heeft snel behoefte aan een stabiel kabinet dat voorspelbaar en navolgbaar beleid voert, met oog voor de concurrentiepositie en het investeringsklimaat. Nederland drijft op ondernemers en industrie. Zonder ondernemingen geen banen, minder gemeenschapsgeld en weinig toekomstperspectief. Laten we de ondernemers kracht bundelen en benutten om gezamenlijk orde op zaken te stellen. Wij zijn niet de vijand. Wij vertegenwoordigen stabiliteit.”
Barbara Baarsma - Chief Economist bij PwC en hoogleraar Economie aan de UvA:
“Iedereen wil het: het woningtekort oplossen, de zorg toegankelijk houden, onze defensie moderniseren, Nederland klimaatbestendig maken en eindelijk investeren in wegen en het elektriciteitsnet. De brede welvaart die we nu nog hebben, willen we behouden. Over het doel is opvallend veel overeenstemming, ondanks polarisatie. Wat ontbreekt is politiek leiderschap dat de route uitstippelt én vasthoudt. Business as usual is geen optie meer: zonder koerswijziging stagneert de economie en verdwijnen de middelen om onze welvaart te behouden. Om te behouden wat we hebben, moeten we vernieuwen. De knelpunten zijn duidelijk: arbeidstekort, ruimtegebrek, beperkte milieugebruiksruimte en achterstallige infrastructuur. Hoogproductieve bedrijven lopen vast doordat arbeid, ruimte en ecologische draagkracht worden bezet door laagproductieve activiteiten. Willen we de economie laten groeien, dan moeten we deze schaarse factoren herverdelen naar toekomstbestendige, productieve sectoren.”
“Dat vraagt om generiek randvoorwaardelijk beleid, niet om industriepolitiek. De overheid moet niet bepalen welke sectoren blijven, maar wél duidelijke spelregels stellen. Denk aan verhandelbare emissierechten voor stikstof, hogere prijzen van watergebruik, striktere milieunormen en centrale regie op de ruimtelijke ordening. Ook betere bescherming van arbeidsmigranten, een hoger minimumloon (mits losgekoppeld van de aow) en investeringen in onderwijs en R&D zijn cruciaal om productiviteit te verhogen. Dit maakt laagproductieve activiteiten minder aantrekkelijk en dwingt tot innovatie. Het ondernemingsklimaat staat echter onder druk door inconsistent beleid, afnemende uitvoeringskracht en dalende onderwijskwaliteit. Juist nu is politieke moed nodig om een koers te kiezen. Alleen zo kunnen we de brede welvaart behouden en een toekomstbestendige economie bouwen.”
Vincent Karremans (VVD), minister van Economische Zaken:
“Het is een beleidsarme Miljoenennota, dat is zo afgesproken met het parlement. Het kabinet leunt op 32 zetels in de Tweede Kamer, twee partijen zijn binnen een jaar weggelopen. Dat is superslecht voor de economie en alle andere terreinen die we belangrijk vinden, van onderwijs tot en met veiligheid. We willen na de verkiezingen op 29 oktober een stabiel kabinet dat de rit uitzit. Als ondernemer wil je weten waar je aan toe bent en investeren voor de lange termijn. Op Prinsjesdag vliegen de miljarden je om de oren, maar het moet eerst wel allemaal opgehaald worden bij ondernemers. Het begint in de economie. Ik ben nu drie maanden minister van Economische Zaken. Ik heb een paar prioriteiten, waaronder de aanpak van de regeldruk en de ruimte voor de industrie, ondernemerschap, die onder druk staat; op 2,5% van Nederland – bedrijven- en industrieterreinen, verdienen we 60% van ons geld. Dat verdedigen is een hele kluif.”
Tim Versnel – loco-burgemeester en wethouder werk & inkomen, Nationaal Programma Rotterdam Zuid, EU-arbeidsmigranten, Stadsbrug en Dierenwelzijn:
“We zijn blij met de beperking van de CO2-heffing. Daar heeft Rotterdam nadrukkelijk voor gepleit. Daarmee laat het kabinet zien het serieus te nemen. Het is een eerste kleine stap. Verder lijkt het land toe aan een peptalk. We hadden een premier die dat deed, die vertelde wat wel goed ging. Daar put je als land dan vertrouwen uit. We zeggen hier nog altijd: Rotterdam make it happen. We zijn een stad van ‘Kom op, schouders eronder!’ We spreken elkaar moed in. Dat is ook een belangrijk aspect van een investerings en -ondernemersklimaat.”
Tim Versnel, loco-burgemeester en wethouder:
“Minder goed begrepen in Den Haag heeft men de stikstof; wat heel belangrijk is voor de haven. De woningmarkt zit vast, we willen meer massa en tempo maken. Arbeidsmigratie heeft impact in onze stad; er worden middelen vrijgemaakt om de ergste misstanden aan te pakken. We willen substantieel kunnen handhaven op de woning- en arbeidsmarkt. Er gaat zoveel mis dat dat ten koste gaat van de kwaliteit van leven van mensen in buurten waar het al het moeilijkste is.”
Dave Maasland – CEO ESET en bestuurslid VNO-NCW Rotterdam:
“Regeldruk moeten we op alle vlakken beter gaan regelen. Of het gaat om weerbaarheid, milieu of wat kan je bijdragen als ondernemer. Niet weten wanneer wetgeving ingaat, hoe het wordt gehandhaafd, het ontbreken van concrete stappenplannen, maakt het lastig. Bij geen enkele ondernemer is het onwil om fatsoenlijk te ondernemen en te willen voldoen aan de regels. We hebben compliance officers en consultants nodig om te snappen wat er van ons verwacht wordt.”
Vincent Karremans, minister van Economische Zaken:
“Als ondernemer heb ik die regeldruk zelf ervaren. Alleen al de UBO-formulieren! In de politiek werd altijd gezegd: ‘voor elke nieuwe regel gaat een oude weg.’ Maar dat gebeurde dat nooit. We kijken nu voor het eerst naar de kern waar die regeldruk vandaan komt. Die is deels te wijten aan het geloof in de maakbaarheid: zodra er een probleem is, maken we een nieuwe regel, en daarmee zou het opgelost moeten zijn. Het gevolg: nog meer regels voor goedwillende ondernemers. Ook het beeld dat overheid en politiek hebben van ondernemers speelt mee: daar zit veel wantrouwen. Zowel in de politiek als in de samenleving is er de neiging om elk risico tot in de kleinste details uit te bannen. Maar dat is simpelweg onmogelijk.”
Eric Otto - CEO Facilicom Group:
“Het veranderen van de regels rijdt ons in de wielen. We hadden een business unit opgericht voor warmtepompen, gestimuleerd door het vorige kabinet, maar nu hebben we te maken met dit kabinet. Veranderende regels hebben enorme impact op de werkvloer. Ik werk elke vrijdag mee en spreek veel mensen die het best moeilijk hebben om de eindjes aan elkaar te knopen. Ze hebben meerdere baantjes. We proberen deze mensen maximaal te ondersteunen. Nodig is een leefbaar inkomen en jezelf blijven ontwikkelen met een opleiding.”
Barbara Baarsma - Chief Economist bij PwC en hoogleraar Economie van de UvA:
“Bezuinigingen op onderwijs en wetenschap zijn ronduit desastreus voor het toekomstig verdienvermogen van Nederland. Dat geldt ook voor de bezuinigingen voor innovatie en de fondsen die juist met een langetermijnvisie waren ingesteld – waar bedrijven, wetenschap en kennisinstellingen hun onderzoek en R&D op hadden afgestemd. Onderwijs en R&D zijn dé motoren van toekomstige welvaart. Onderwijs wordt als sluitpost gebruikt, terwijl het een investeringsgoed is.”
Wethouder Tim Versnel:
“In Rotterdam investeren we al 13 jaar in extra lesuren voor kinderen in Rotterdam-Zuid. Er is de grootste sociaal-economische achterstand van heel Nederland. Toen kreeg 30% van de kinderen aan op havo/vwo-advies en nu was afgelopen jaar 50%. Dat komt omdat we consistent met rijk en gemeente investeren in 10 uur extra lessen en in de kwaliteit van schoolbeschikking.”
Dave Maasland – CEO ESET en bestuurslid VNO-NCW Rotterdam:
“Investeren in digitale vaardigheden in het basisonderwijs en in innovatie levert op lange termijn veel op: hogere arbeidsproductiviteit en een concurrerende economie. Investeren in deze kennis in het basisonderwijs betaalt zich op de lange termijn terug. Technologie, en vooral kunstmatige intelligentie, kan onze arbeidsproductiviteit verhogen en ons helpen grote maatschappelijke uitdagingen aan te pakken. Daarvoor is wel meer regie nodig: een versnelling van de nationale digitaliseringsstrategie, betere coördinatie tussen ministeries en een gezamenlijke focus op kansen in plaats van alleen bedreigingen. Zo blijven we als economie concurrerend en maken we mensen digitaal weerbaarder.”
Uitsmijter van Dave Maasland – CEO ESET:
“Deze tijd vraagt om verbeeldingsvermogen. Denk in scenario’s voor uw eigen onderneming.”
Uitsmijter van wethouder Tim Versnel:
“Wij kunnen het nog steeds!”
Uitsmijter van Barbara Baarsma - Chief Economist bij PwC:
“Geef de minister een regel mee die hij kan afschaffen. De ervaring leert dat er veel wordt gemopperd op regels, maar dat het stil blijft als je een hele specifieke Top-3 vraagt.”
Uitsmijter Eric Otto - CEO Facilicom:
“Het grote gat tussen burger en politiek moeten we dichten. Dat is echt cruciaal. We moeten het samen doen, zoals de koning zei: werk, wijk en woning. Als bedrijfsleven kunnen we daarbij helpen.”
Uitsmijter van minister Vincent Karremans:
“We hebben nu ingezoomd op de Miljoenennota. Ik wil eraan toevoegen dat we onderdeel zijn van Europa. Heel belangrijk voor de toekomst van ons land, zeker als het gaat om de economie. Er wordt weleens gemopperd op Europa, maar als er één land is dat baat heeft bij meer Europese samenwerking, een sterkere interne markt, is het Nederland.”
Afsluiting met gedicht Ahmed Aboutaleb (voorgedragen door Lisette Tanis, bestuurslid VNO-NCW Rotterdam & Regio):
Het ontbijt wordt georganiseerd door VNO-NCW Rotterdam & Regio Rijnmond, PwC en Facilicom Group.
Wie langs het Noordzeekanaal reist, ziet een regio die al eeuwenlang de motor van bedrijvigheid en vernieuwing is. Hier komen grootindustrie, innovatief MKB, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties samen in een uniek ecosysteem binnen de Metropoolregio Amsterdam. Vanuit de Zaanstreek, de haven van Amsterdam en de IJmond worden producten gemaakt en ideeën ontwikkeld die hun weg vinden naar heel Nederland en ver daarbuiten. Dit samenspel is goed voor meer dan 100.000 banen en zo’n 12 miljard euro aan toegevoegde waarde per jaar.
In een open brief aan minister Sophie Hermans (Klimaat en Groene Groei) onderstrepen VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam, ORAM en een brede coalitie van bedrijven, onderwijs en overheden het belang van dit gebied voor de Nederlandse economie en de energietransitie.
De belangrijkste punten uit de brief:
Samenwerking als fundament: Bedrijven, overheden, kennisinstellingen en maatschappelijke partners versterken elkaar in innovatie, verduurzaming en talentontwikkeling.
Brede transities: Van voedselzekerheid en circulaire ketens in de Zaanstreek tot energietransitie en maakindustrie in de IJmond.
Rol Tata Steel: Belangrijk ankerpunt binnen het ecosysteem, met grote verduurzamingsplannen én verantwoordelijkheid richting leefomgeving en gezondheid.
Beroep op de overheid: Voor investeringszekerheid, vergunningverlening en een aantrekkelijk vestigingsklimaat zijn nu duidelijke afspraken nodig.
De afzenders doen een dringend beroep op het kabinet om samen met de regio de randvoorwaarden te scheppen waarmee het Noordzeekanaalgebied kan uitgroeien tot een internationaal voorbeeld van hoe industrie, innovatie en duurzaamheid samengaan.
Meerdere ondernemerspartijen in de regio, de Rabobank en het Economisch Forum hebben in een gezamenlijke brief aan Hogeschool Inholland gepleit voor verplaatsing van de Alkmaarse locatie naar het stationsgebied. Met deze oproep sluiten zij zich nadrukkelijk aan bij het standpunt van de Gemeente Alkmaar.
Waarom een verhuizing? De brief noemt vier belangrijke argumenten:
Betere bereikbaarheid voor studenten uit de regio én daarbuiten, dankzij de directe ligging bij het station.
Sterkere verbinding tussen mbo en hbo, met meer kansen voor kennisdeling, innovatie en samenwerking met het bedrijfsleven.
Kansen voor studentenhuisvesting, waardoor jong talent kan worden gebonden aan de regio.
Meer stedelijke dynamiek, zodat Alkmaar zich verder kan ontwikkelen als volwaardige studentenstad.
Historische beslissing
Hans Huibers, voorzitter van VNO-NCW Noordwest Holland, benadrukt het belang van deze keuze: “Nu is hét moment om serieus de mogelijkheden van de verplaatsing van Inholland naar het stationsgebied van Alkmaar te onderzoeken. Liever ten halve gekeerd dan ten hele gedwaald. Het gaat om een beslissing van grote maatschappelijke en economische betekenis, die de toekomst van stad en regio voor decennia vormgeeft.” De oproep is ook terug te lezen in het Noordhollands Dagblad.
Oproep aan Inholland
De ondernemerspartijen in de regio, de Rabobank en het Economisch Forum doen daarom een dringend beroep op Hogeschool Inholland om deze optie serieus te overwegen. Samen met gemeente en bedrijfsleven kunnen de condities worden verkend om deze verhuizing mogelijk te maken.
Want de toekomst van Hogeschool Inholland Alkmaar is meer dan een onderwijsbeslissing alleen: het is een kans voor stad én regio om te bouwen aan een sterke kennisregio, nu en voor volgende generaties.
Voor een goed ondernemersklimaat is een soepel werkende arbeidsmarkt met voldoende goed inzetbaar personeel essentieel. Hierin is duurzame inzetbaarheid essentieel voor zowel de werkgever als de werknemer, maar ook flexibiliteit en mobiliteit waar nodig.
Om de huidige problemen op de arbeidsmarkt op te lossen, moet het probleem vanuit meerdere hoeken worden aangepakt. Daarom werkt VNO-NCW West aan een sterke arbeidsmarkt.
Op initiatief van VNO-NCW en MKB-Nederland wordt dit jaar voor de derde keer de Prinsjesdag Peiling uitgevoerd. Deze Peiling is een grootschalige jaarlijkse enquête om inzicht te krijgen in de verwachtingen en behoeften van ondernemers in aanloop naar Prinsjesdag 2025.
Met deze enquête vragen we ondernemers uit alle sectoren naar hun economische vooruitzichten, hun uitdagingen en knelpunten. Dit jaar zal de peiling ook gericht zijn op de aankomende Tweede Kamer verkiezingen.
Welke thema’s verdienen momenteel voor ondernemers de meeste aandacht? Wat zijn de verwachtingen ten aanzien van de campagnetijd en een nieuw te vormen kabinet?
Deelname kost slechte enkele minuten en kan tot 25 augustus. De resultaten zullen nog vóór Prinsjesdag bekend worden gemaakt. Alvast veel dank voor jouw medewerking.
Wil je direct weten wat de plannen van het demissionaire kabinet uit de miljoenennota betekenen voor jouw onderneming? Op woensdagochtend 17 september vindt onze jaarlijkse miljoenenontbijt plaats. Meld je snel aan voor jouw regio: Evenementen – VNO-NCW West
Ondernemers zijn onmisbaar voor de leefbaarheid, werkgelegenheid en innovatie in Den Haag. Zij vormen de motor voor brede welvaart in de stad. VNO-NCW regio Den Haag presenteert daarom vandaag haar verkiezingsmanifest “Ondernemen voor Brede Welvaart”, in aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026.
Het manifest roept de Haagse politiek en het gemeentebestuur op om een ondernemingsvriendelijke koers te varen, met een aantrekkelijk vestigingsklimaat, een sterke binnenstad en een breed cultureel aanbod. De internationale stad van vrede en recht heeft naast overheid en internationale instellingen ook sterke ondernemers en bedrijven nodig om de economie te versterken en werk te bieden aan alle inwoners, ongeacht achtergrond of opleidingsniveau. Robert Medenblik, voorzitter van VNO-NCW regio Den Haag, benadrukte dit zijn reactie op de uitslag van de Gemeenteraadsverkiezingen bij Den Haag FM.
Acht speerpunten voor een krachtig ondernemend Den Haag
VNO-NCW regio Den Haag vraagt in het manifest aandacht voor de volgende thema’s:
Ruimte voor groei en ondernemerschap
Maak prioriteit van het oplossen van netcongestie
Een weerbaar bedrijfsleven
Bereikbaarheid als randvoorwaarde voor een goed ondernemersklimaat
Een gezonde arbeidsmarkt
Een levendige stad met een divers cultureel aanbod
Den Haag, de stad waar je wilt ondernemen
Brede welvaart en maatschappelijk verbonden ondernemen
Samen bouwen aan een ondernemende stad
Met dit manifest wil VNO-NCW regio Den Haag het gemeentebestuur en de politiek aansporen tot samenwerking met ondernemers en bedrijven. Alleen door gezamenlijk op te trekken kan Den Haag haar economische kracht behouden en verder uitbouwen, ten gunste van álle inwoners van de stad. Uiteraard gaan wij graag in gesprek over de inhoud van het manifest en de rol van ondernemers bij het realiseren van de ambities voor Den Haag.
Namens het bestuur van VNO-NCW regio Den Haag Robert Medenblik – Voorzitter
VNO-NCW regio Den Haag is hét ondernemersnetwerk voor versterking van een duurzame stedelijke economie. De leden van VNO-NCW regio Den Haag zijn ondernemers en directeuren, actief in verschillende sectoren, die elkaar ontmoeten op bijeenkomsten in en rond Den Haag. Lees verder: Regio Den Haag – VNO-NCW West
Dit is een artikel uit ons magazine WEST. Bekijk hier de volledige uitgave!
Foto: De Graaf Groep
Een volledig circulaire economie in 2050, met als tussenstap een halvering van het gebruik van primaire grondstoffen in 2030. De eerste stappen zijn echter al gezet, en in 2025 gaan we verder in de richting van die circulaire toekomst. In Noord- en Zuid-Holland, twee van de dichtstbevolkte en economisch actieve provincies van Nederland, is deze verandering al duidelijk voelbaar. Bedrijven in de regio krijgen te maken met nieuwe regelgeving en logistieke uitdagingen, maar ook met kansen om hun bedrijfsvoering te verduurzamen.
WAT KUNNEN WE VERWACHTEN VAN DE CIRCULAIRE ECONOMIE IN 2025?
Vanaf 2025 gaat er in regelgeving al veel veranderen. Er komt een reeks nieuwe regels die de overgang naar een circulaire economie moeten versnellen. Het Nationaal Programma Circulaire Economie 2023- 2030 pakt hierbij een belangrijke rol. Dit programma stimuleert circulaire initiatieven, vermindert het gebruik van primaire grondstoffen en bevordert hergebruik en recycling. Provincies Zuid-Holland en Noord-Holland hebben hun eigen actieagenda’s opgesteld om deze doelstellingen lokaal te behalen. In Zuid-Holland richt de Circulaire Actieagenda zich bijvoorbeeld op het sluiten van kringlopen in de bouw en chemie. Een belangrijk speerpunt is het opwaarderen van plastic-rijk afval tot nieuwe grondstoffen. Noord-Holland zet vooral in op het stimuleren van circulaire innovaties en het wegnemen van regels die hergebruik van afvalstromen belemmeren. Ben je ondernemer en benieuwd welke regels vanaf 2025 voor jouw sector gelden? Kijk dan snel op www.circulairondernemen.nl voor de relevante regelgeving en praktische tips.
PRAKTISCHE UITDAGINGEN EN KANSEN BIJ DE TRANSITIE NAAR DE CIRCULAIRE ECONOMIE
De overgang naar een circulaire economie brengt verschillende uitdagingen met zich mee voor bedrijven. Voor sommige onder[1]nemers biedt deze transitie ook kansen om hun bedrijfsinrichting volledig om te gooien: afval wordt geen kostenpost meer, maar een waardevolle grondstof. Vuilnis is het nieuwe goud. Die omslag in benadering vraagt echter om een andere manier van denken en werken, van ontwerp en productie tot logistiek en afvalbeheer. Een van de grootste uitdagingen is het beheren van de afvalstromen. Het scheiden, verzamelen en transporteren van verschil[1]lende soorten afval vraagt om een goed georganiseerde infrastructuur en nauwe samenwerking tussen gemeenten, bedrijven die de nieuwe grondstoffen opwekken, en de bedrijven die die grondstoffen verwerken. Dit betekent vaak dat er flink geïnvesteerd moet worden in technologieën voor recycling, hergebruik en efficiënte materiaalstromen. Voor sommige bedrijven kan dit een flinke financiële drempel vormen. Ook het organiseren van gescheiden afvalstromen en het vinden van efficiënte transportoplossingen voor gerecyclede materialen vraagt om nieuwe logistieke strategieën, wat de complexiteit van de bedrijfsvoering kan vergroten. Daarnaast is de beschikbaarheid van betaalbare en kwalitatieve circulaire materialen niet altijd vanzelfsprekend. Dit kan de overstap bemoeilijken, zeker in sectoren waar de afhankelijkheid van specifieke grondstoffen groot is. Ondernemers krijgen bovendien te maken met complexe regelgeving rond afvalbeheer en hergebruik, wat extra administratieve druk kan opleveren. Zo kan een hotel geen gebruikt beddengoed naast het verse eten voor in de keuken leggen. Dit vraagt om een flexibele en goed geïnformeerde aanpak binnen het bedrijf, en de overheid als betrouwbare partner. De circulaire economie kan alleen succesvol zijn als alle schakels in de keten samenwerken. Van producenten en distributeurs tot afvalverwerkers en overheden, iedereen heeft een rol in deze transitie. Werknemers zullen moeten worden opgeleid in wat de circulaire processen betekenen en bedrijven zullen intern bewustwording en betrokkenheid moeten bevorderen om deze verandering succesvol te laten verlopen.
ONZE INZET
Volgens VNO-NCW West is circulariteit niet alleen belangrijk voor het milieu, maar ook voor de versterking van de economische veerkracht. Het bevordert de onafhankelijkheid van schaarse grondstoffen en vermindert de afhankelijkheid van import, wat bedrijven beter bestand maakt tegen prijsschommelingen en leveringsproblemen. Daarnaast stimuleert het de ontwikkeling van nieuwe verdienmodellen en werkgelegenheid in innovatieve sectoren. VNO-NCW West is vanaf het begin betrokken als partner om ervoor te zorgen dat ondernemers de ondersteuning krijgen die ze nodig hebben om de noodzakelijke overstap naar een circulaire economie te maken. Wij zorgen ervoor dat de signalen vanuit onze achterban terechtkomen bij beleidsmakers op alle niveaus: van gemeenten en provincies tot het Rijk en de EU. De introductie van circulaire regelgeving biedt ondernemers dus niet alleen uitdagingen, maar ook kansen voor duurzame groei en innovatie. Een succesvolle transitie vereist tijdige ondersteuning, praktische oplossingen en een gezamenlijke inspanning van alle betrokken partijen.
Verduurzaming en energie zijn cruciaal voor bedrijven, het mkb en bedrijventerreinen omdat die een sleutelrol spelen in de transitie naar een duurzame economie. De industrie is verantwoordelijk voor een significant deel van het energieverbruik en kan dus grote impact hebben op het verminderen van de CO2-uitstoot. Lees verder: Verduurzaming en energie – VNO-NCW West
Een toekomstbestendig Rotterdam vraagt om lef, samenwerking en een sterk ondernemersklimaat. Dat is de kernboodschap van het nieuwe verkiezingsmanifest bedrijfsleven dat op 15 juli is gepresenteerd door VNO-NCW Regio Rotterdam en MKB Rotterdam Rijnmond. In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen van maart 2026 roepen de ondernemersorganisaties kandidaat-raadsleden op om het ondernemerschap structureel te verankeren in het gemeentebeleid.
Het manifest getiteld “Van Winkelstraat tot Wereldmarkt – Rotterdam draait op ondernemers”, benadrukt het belang van ondernemers voor werkgelegenheid, innovatie, levendige wijken en economische veerkracht. Ondernemers zorgen voor banen, innovatie en inkomsten voor de stad. Zonder ondernemers is er geen brede welvaart en geen toekomstbestendige samenleving.
Tien aanbevelingen uit het manifest
Ga actief, structureel en blijvend de dialoog aan met ondernemers(organisaties) als vast onderdeel van beleid.
Draag bij aan een leven lang ontwikkelen en praktijkgericht onderwijs – van basisschool tot technische bijscholing – als fundament voor een wendbare arbeidsmarkt.
Zorg voor voldoende ruimte voor bedrijvigheid en bescherm werklocaties in de ruimtelijke ordening.
Verlaag drempels voor deelname aan gemeentelijke aanbestedingen door alle ondernemers en organiseer structureel overleg over inkoopbeleid.
Behoud ruimte voor kleinschaligheid en diversiteit in retail, horeca, kunst en cultuur.
Versterk publiek-private platforms tegen cybercrime en ondermijning en ondersteun technologische innovatie voor veiligheid.
Betrek ondernemers vanaf het begin bij de energietransitie en stimuleer verduurzaming van bedrijventerreinen.
Stimuleer internationaal ondernemerschap en zorg voor goede voorzieningen en informatie voor internationaal talent.
Versterk de bereikbaarheid van bedrijventerreinen, winkelgebieden en industriegebieden en stem mobiliteitsbeleid af op ondernemersbelangen.
Werk structureel samen met MKB Rotterdam Rijnmond en VNO-NCW Regio Rotterdam aan het bouwen van een toekomstbestendige stad.
De boodschap aan het nieuwe stadsbestuur is helder: Laten we daadwerkelijk samenwerken, door actief naar elkaar te luisteren, elkaar vroegtijdig te ontmoeten bij het maken van beleid en ruimte te scheppen voor gezamenlijke ideeën met energie. Alleen zo maken we echt het verschil, het verschil voor de ondernemers van vandaag én voor de generaties van morgen.
Wij staan klaar en doen mee,
Voor een stad die groeit, bloeit en bruist.
Voor een Rotterdam dat durft te kiezen voor de kracht van ondernemerschap.
Rob UytdewilligenMai Elmar
MKB Rotterdam Rijnmond VNO-NCW Regio Rotterdam
Yvette Huijsmans – Van Schie Tessa Langerijs Voorzitter MKB Rotterdam RijnmondDirecteur VNO-NCW West en Regio Rotterdam
De uitgelichte afbeelding toont v.l.n.r.: Yvette Huijsmans – Van Schie, Mai Elmar, Rob Uytdewilligen, Tessa Langerijs
Fotograaf: Mirjam Lems
VNO-NCW regio Rotterdam is een invloedrijke regionale netwerkorganisatie voor ondernemers en werkgevers. Wij zetten ons in voor de versterking van de stedelijke economie en het vestigingsklimaat in de regio. Lees verder: Regio Rotterdam – VNO-NCW West
Beheer toestemming
Om de beste ervaringen te bieden, gebruiken we technologieën zoals cookies om apparaatinformatie op te slaan en/of te openen. Door toestemming te geven voor deze technologieën kunnen we gegevens zoals surfgedrag of unieke ID's op deze site verwerken. Als u geen toestemming geeft of uw toestemming intrekt, kan dit een negatief effect hebben op bepaalde kenmerken en functies.
Functioneel
Altijd actief
De technische opslag of toegang is strikt noodzakelijk voor het legitieme doel om het gebruik van een specifieke dienst mogelijk te maken die uitdrukkelijk door de abonnee of gebruiker is aangevraagd, of met als enig doel de overdracht van een communicatie via een elektronisch-communicatienetwerk uit te voeren.
Preferences
The technical storage or access is necessary for the legitimate purpose of storing preferences that are not requested by the subscriber or user.
Statistieken
The technical storage or access that is used exclusively for statistical purposes.De technische opslag of toegang die uitsluitend wordt gebruikt voor anonieme statistische doeleinden. Zonder een dagvaarding, vrijwillige naleving door uw internetprovider of aanvullende gegevens van een derde partij kan informatie die alleen voor dit doel is opgeslagen of opgehaald, doorgaans niet worden gebruikt om u te identificeren.
Marketing
De technische opslag of toegang is vereist om gebruikersprofielen aan te maken om advertenties te verzenden, of om de gebruiker op een website of over meerdere websites te volgen voor soortgelijke marketingdoeleinden.