Wat betekent de A4 voor jou?

Helaas staat het verkeer op de rijksweg A4 alweer vaak vast. Om inzicht te krijgen in de relevantie van deze weg voor het bedrijfsleven voert Bereikbaar Haaglanden en Rijnland een gebiedsscan uit in opdracht van Rijkswaterstaat. Dit mobiliteitsnetwerk van VNO-NCW West vraagt aan werkgevers hiervoor een vragenlijst in te vullen over het gebruik van de weg en sluiproutes door het personeel. De scan is ook nuttig voor je eigen bedrijfsvoering, want maakt bijvoorbeeld snel zichtbaar hoeveel CO2 je kunt besparen.   

Bekijk de uitlegvideo hier

Vandaag heeft VNO-NCW Rotterdam & Regio Rijnmond, samen met andere regionale partijen, getekend voor het Deelakkoord Internationaal Talent Programma. Dit is de eerste stap naar het  Internationaal Talent Programma dat tot doel heeft werknemers uit het buitenland te werven en te binden. Innovation Quarter is initiatiefnemer.

De arbeidstekorten zijn in Zuid-Holland groter dan ooit. Niet alle openstaande vacatures kunnen ingevuld worden door medewerkers uit de omgeving of eigen land. Vooral voor hoger opgeleide banen in sectoren Life Sciences & Health, High Tech en Maritiem is er behoefte aan extra internationale arbeidskrachten. Er zijn al veel initiatieven om internationale werknemers te werven en binden aan Zuid-Holland. Om deze extra kracht bij te zetten en te bundelen binnen één programma én om Zuid-Holland te positioneren als de regio waar het voor internationaal talent goed werken en wonen is, is woensdag 3 november het Deelakkoord Internationaal Talent Programma ondertekend.

Drie pijlers
Het programma kent drie pijlers:
1. Aantrekken van internationaal talent,
2. Cehouden van (internationaal) talent,
3. Ondersteunen van dienstverleners in het aantrekken van internationaal talent.
Het Internationaal Talent Programma sluit aan op het nationale programma ‘NL Talent Coalition’ .
Doorlopend vindt afstemming met ondernemers plaats, bijvoorbeeld over het type openstaande functies.

Portal
Er zijn plannen voor een portal voor de regio Zuid-Holland. Waar zowel bedrijven als internationaal werkzoekenden meer informatie kunnen vinden. “Daarmee kunnen we de behoeften van ondernemers in de regio borgen en inzoomen op wat Zuid-Holland voor internationaal talent te bieden heeft”, aldus Rinke Zonneveld, directeur InnovationQuarter, de aanjager van dit deelakkoord.

Naast het portal omvat het Deelakkoord Internationaal Talent activiteiten en evenementen voor zowel werkgevers en werknemers. InnovationQuarter is de penvoerder van het programma en andere financierende partijen zijn onder meer de gemeenten Den Haag en Rotterdam, Metropoolregio Den Haag, Regio Drechtsteden, MKB Rotterdam-Rijnmond en VNO-NCW Rotterdam & Regio Rijnmond.

Onderwijs
Bij de uitvoering van het programma wordt nauw samengewerkt met de International Centers van Rotterdam, Den Haag en Leiden en de onderwijsinstellingen uit heel Zuid-Holland. “Aan de drie universiteiten in Zuid-Holland studeren bijna 18.000 internationale studenten. Een kwart van hen blijft in Nederland. Dit percentage is echter niet vanzelfsprekend. Er kan meer werk gemaakt worden van het koppelen van dit talent aan bedrijven in de regio,” vertelt professor Wim van den Doel, decaan van de alliantie Leiden-Delft-Erasmus Universities.

Het programma duurt vooralsnog tot en met 2023, maar de ambitie is om dit duurzaam in de regio te borgen. Bent je benieuwd naar de ontwikkelingen van het Internationaal Talent Programma?
Voor meer informatie kunt u een e-mail sturen naar programmamanager Sasja Heijman: sasja.heijman@innovationquarter.nl

Human Capital
Deelakkoord Internationaal Talent Programma is onderdeel van het bredere Human Capital Akkoord. Dat akkoord werd in juni 2019 ondertekend door 66 partijen en sectoren in Zuid-Holland. Provincie Zuid-Holland en Economic Board Zuid-Holland zijn de initiatiefnemers van het Human Capital Akkoord. Het heeft als doel het talent van werkenden optimaal te benutten.

Lees hier meer over het Human Capital Akkoord.

‘De enige weg om uit de coronacrisis te komen en de druk op de zorg te verlichten is het verder verhogen van de vaccinatiegraad onder specifieke groepen en het consequent naleven van de basisregels.’ Dat zeggen VNO-NCW en MKB-Nederland naar aanleiding van de nieuwe coronamaatregelen die premier Rutte gisteren afkondigde. 

Uitsluitend door verhoging van de vaccinatiegraad waar die nu laag is, ontsnappen we aan de fuik van nieuwe beperkingen en verdere polarisatie.

We roepen alle leden en hun klanten op de basismaatregelen goed na te leven. Dus handen wassen, ventileren, testen en thuisblijven bij klachten en afstand houden. 

jo-jo-beleid
Het is positief dat het kabinet geen nieuwe lockdowns of beperkende sluitingstijden invoert. Dit moeten we koste wat kost voorkomen. De rek is er echt uit bij ondernemers en eigenlijk de hele samenleving. We kunnen ook niet blijven jo-jo’en met maatregelen. Stabiliteit van beleid is essentieel.

Thuiswerken
Het thuiswerkadevies zal niet op grote problemen stuiten. Er wordt immers nog steeds veel thuisgewerkt en tot dusver is dat steeds goed gegaan. Maar na 1,5 jaar is wel gebleken dat je elkaar moet kunnen treffen voor het sociale aspect en creatieve processen. Het is goed dat ook het kabinet hier oog voor heeft.

Coronatestbewijs
Plannen om het gebruik van het coronatestbewijs steeds verder over sectoren uit te breiden geeft nieuwe dilemma’s. De vraag is ook of het ertoe leidt dat  ongevaccineerden zich alsnog laten vaccineren. Medewerkers van allerlei bedrijven staan straks bij de deur vervelende discussies met klanten te wachten. Een coronatestbewijs op het terras – in de buitenlucht –  roept ook vragen op. Mogelijke uitbreiding naar de detailhandel en andere sectoren kan op weinig draagvlak rekenen. In plaats van zo’n grove aanpak is een gerichte aanpak om de vaccinatiegraad in specifieke groepen te verhogen waarschijnlijk effectiever en daar werken we graag aan mee.

Verdere uitrol van het coronatestbewijs jaagt ondernemers op kosten, klanten kunnen afhaken. VNO-NCW en MKB Nederland willen hierover zo snel mogelijk met het kabinet in gesprek.

Het is goed dat het kabinet de mogelijkheid gaat onderzoeken dat werkgevers – waar gewenst en nodig voor een veilige werkomgeving – medewerkers kunnen vragen naar een coronatestbewijs. Een plicht voor werkgevers om dat te doen, gaat echter te ver en leidt tot nieuwe problemen in een tijd van krapte.

De provincie heeft het voornemen 20 miljoen euro  te bezuinigen op het budget ‘Mobiliteitsmaatregelen Duin- en Bollenstreek’.  VNO-NCW West heeft vandaag in een brief aan Provinciale Staten laten weten dit onbegrijpelijk beleid te vinden. De provincie Zuid-Holland toont zich geen betrouwbare gesprekspartner zoals we mogen verwachten. Van een zorgvuldig besluit is geen sprake.

Brief aan PS Zuid-Holland

Al lange tijd dringt VNO-NCW West, samen met de brancheorganisaties EVO en TLN,  bij de overheid erop aan te investeren in een betere bereikbaarheid van de Duin- en Bollenstreek. Ondanks de uitbreidingen van het openbaar vervoer zal de ov-capaciteit onvoldoende zijn om de mobiliteitsgroei (als gevolg van economische groei en nieuwe woonlocaties) op te vangen.

Lange tijd is ingezet op de aanleg van de Duinpolderweg, de verbinding tussen de N205 en N206. De provincie Noord-Holland trok zich echter in maart 2020 onverwacht terug uit het samenwerkingsverband dat de regio beter wilde ontsluiten.  Waarop gedeputeerde Floor Vermeulen (VVD) van de provincie Zuid-Holland liet weten dit besluit ‘bijzonder’ te vinden. “… er wordt een streep gezet door jaren aan werk en zorgvuldige besluitvorming. Dit is erg slecht nieuws voor de Duin- en Bollenstreek ”, zei hij tegen omroep West.

Feitelijk vertoont de provincie Zuid-Holland nu vergelijkbaar gedrag. Zonder de regio Holland-Rijnland, gemeenten en ondernemers te infomeren, komt zij met een forse bezuiniging, terwijl deze partijen tegelijkertijd bij de provincie aan tafel zitten voor de Regionale Strategie Mobiliteit.  Alternatieve infrastructuur voor de  Duinpolderweg is nu van de kaart geveegd. 

De bezuiniging van 20 miljoen euro presenteert het provinciebestuur als een tijdelijke verschuiving van budgetten, maar de garantie dat het geld op termijn terugkomt naar de Duin- en Bollenstreek is er niet.

Er komen steeds meer banen voor mensen met een arbeidsbeperking. Uit nieuwe cijfers van het UWV blijkt dat er in het tweede kwartaal 5.451 extra banen bijkwamen voor mensen met een arbeidsbeperking, waar dit begin dit jaar door de coronacrisis nog terugliep. In totaal zijn er nu sinds 2015 65.976 extra banen gerealiseerd.

In de provincies Noord- en Zuid-Holland heeft VNO-NCW West aan dit resultaat bijgedragen. Zo organiseren zij meet & greets in samenwerking met werkgeverservicepunten, waar werkgevers en werkzoekenden met een arbeidsbeperking elkaar ontmoeten.  

125.000 banen
Sinds het begin van de Banenafspraak -met als doel om in 2026 125.000 banen voor mensen met een arbeidsbeperking te realiseren- kwamen er in het bedrijfsleven al zeker 52.799 banen bij. Doelstelling is 100.000 banen in het bedrijfsleven en 25.000 bij de overheid per 2026.

Doelen bedrijfsleven voor 2021 binnen bereik
‘Dit is een klein arbeidsmarktwonder na zo’n ingrijpende tijd met corona en veel getroffen sectoren die het lastig hadden,’ zegt Aart van der Gaag, boegbeeld van het project ‘Op naar de 100.000 banen, opgezet door ondernemersorganisaties VNO-NCW, MKB-Nederland en LTO Nederland om werkgevers te informeren en inspireren rond de Banenafspraak.

Van der Gaag: ‘Corona is nog niet uit beeld, maar het is buitengewoon heugelijk dat de inclusieve draad gewoon weer wordt opgepikt. Met deze nieuwe cijfers over de eerste twee kwartalen is de doelstelling voor het bedrijfsleven om dit jaar tot 60.000 banen te komen onder handbereik.’

Maand van de 1.000 voorbeelden
De nieuwe cijfers vormen tevens een positieve aftrap van ‘de Maand van de 1.000 Voorbeelden’  in november. In deze maand worden de successen van de Banenafspraak gevierd. Vanaf 1 november worden in het hele land activiteiten georganiseerd om werkzoekenden met een beperking en werkgevers in contact te brengen en worden inclusieve werkgevers extra in het zonnetje gezet. Thema van de maand van de 1.000 voorbeelden dit jaar is; ‘Halverwege. Nu verder!’

Halverwege
Ingrid Thijssen, voorzitter VNO-NCW: ‘We liggen goed op schema. Voor echte brede welvaart is dit project van groot belang. Om de volgende stap te zetten naar 100.000 -en later 200.000 mensen- is wel meer nodig komende jaren. Zo raken werkgevers regelmatig verstrikt in de bureaucratie en moet het voor werkgevers makkelijker worden om kandidaten te vinden. Alleen zo maken we Nederland nog weer inclusiever.’

Meer informatie over de evenementen in de week van de 1000 voorbeelden vindt u hier.
Informatie over arbeidsmarktzaken: Robert Tieman, belangenbehartiger bij VNO-NCW West

Vanwege de extreem gestegen gasprijzen heeft het kabinet afgelopen vrijdag een pakket aan steunmaatregelen afgekondigd. Dat levert weliswaar een lastenverlichting voor het bedrijfsleven op, maar er zijn verdergaande steunmaatregelen voor kleine en middelgrote bedrijven nodig. Dat schrijven voorzitter Audrey Keukens en directeur Kim Boersma in een brief aan de leden. Zij zijn bezorgd over de toekomst van bedrijven in met name de glastuinbouw, maar ook in de papier-, voedingsmiddelen- en zware industrie, wasserijen en horeca. ‘Bedrijven gaan door de hoge energieprijzen failliet als zij geen financiële middelen tot hun beschikking hebben. Ook heeft deze situatie een averechts effect op de erngietransitie. We zetten daarom in op de uitvoering van het in de Tweede Kamer aangenomen voorstel tot wijziging van de ODE-belasting (Oplag Duurzame Energie).

Ledenbrief

Op dinsdag 19 oktober is het uitvoeringsplan vastgesteld van de regionale strategie bedrijventerreinen door zes betrokken gemeenten die samenwerken in Economie071, het economisch samenwerkingsverband van de Leidse regio. In deze praktische uitwerking staan afspraken die de verschillende gemeenten met elkaar hebben gemaakt. Eén van die afspraken is het aanstellen van een regionale regisseur bedrijventerreinen. Wethouder Jacco Knape, wethouder Economie gemeente Katwijk en voorzitter regionale stuurgroep bedrijventerreinen: “Wij wonen in één van de dichtstbevolkte gebieden van Nederland. Daardoor is de druk op de ruimte groot. We willen er wonen, werken en recreëren en het liefst op een verantwoorde en duurzame manier. Juist daarom moeten we investeren in een goed uitgedachte strategie. Met dit uitvoeringsplan geven wij invulling aan de manier waarop we dat willen doen.”

Aan de slag
Om voldoende ruimte te houden voor ondernemers en bedrijvigheid, stelt de stuurgroep bedrijventerreinen van Economie071 een gebiedsregisseur aan. De werving van deze spin in het web start nog dit jaar. Daarnaast is in het uitvoeringsplan afgesproken dat een werklocatie die omgezet gaat worden naar woonlocatie altijd binnen de regio wordt gecompenseerd. Hier zijn voorwaarden voor uitgewerkt, zoals het compenseren van de kosten door de gemeente die de werklocatie opgeeft. Verder staat duurzaamheid hoog op de agenda. Om te achterhalen waar bedrijven kansen zien voor verduurzaming en het toekomstbestendig maken van hun onderneming wordt de ‘Challenge Toekomstige Bedrijventerreinen’ ingezet.

Ruimte voor bedrijven
De strategie is een coproductie van gemeenten en vertegenwoordigers van het bedrijfsleven. Martijn van Pelt (voorzitter VNO-NCW Bedrijfsleven Rijnland): “Bedrijven in onze regio groeien, innoveren en hebben ruimte nodig. Ook komen er uitdagingen aan, zoals verduurzaming, klimaatadaptatie en het behouden van een aantrekkelijke, groene omgeving. In het verstedelijkte gebied van onze regio is daarnaast ook sprake van een groeiende vraag aan wonen, energie en andere functies. Al deze ontwikkelingen hebben ruimte nodig. Het is daarbij ontzettend belangrijk om een aantrekkelijk vestigingsklimaat voor bedrijven te behouden met voldoende en toekomstbestendige bedrijventerreinen. Het uitvoeringsplan houdt daar rekening mee.”

“Er moet aandacht zijn voor kansengelijkheid op de arbeidsmarkt en er moet een verduurzamingsslag worden gemaakt. Zo blijft de samenleving stabiel, dat is erg belangrijk voor ondernemer én maatschappij in brede zin.”, zegt Ingrid Thijssen, voorzitter VNO-NCW tijdens de bijeenkomst van MKB Westland, MVO Westland,  bedrijf Patijnenburg en VNO-NCW Westland-Delfland in Poeldijk.

Fotoreportage

Thijssen is blij dat zij weer werkbezoeken kan afleggen: “Ik ben nu een jaar voorzitter en heb veel afspraken online moeten voeren. Het is belangrijk om de verhalen en de voorbeelden persoonlijk te horen en mee te nemen naar Den Haag. Zo kunnen wij de belangen van ondernemers behartigen op de plek waar landelijk beleid wordt gemaakt.”

Agenda NL 2030
Onder leiding van dagvoorzitter Rob Veenman vertelt zij over de Agenda NL 2030 van VNO-NCW en MKB Nederland, waarin ondernemen voor brede welvaart centraal staat. “Maatschappelijke ontwikkelingen hebben geleid tot het opstellen van deze koers. Er zijn drie lijnen in te herkennen: uiteraard moeten ondernemers zich focussen op economische groei, dat is hun core business. Daarnaast moet er aandacht zijn voor kansengelijkheid op de arbeidsmarkt en er moet een verduurzamingsslag worden gemaakt. Zo blijft de samenleving stabiel, dat is erg belangrijk voor ondernemer én maatschappij in brede zin.”

Job Cohen
In een rondetafelgesprek geven voorzitter Job Cohen van Cedris, vereniging voor een inclusieve arbeidsmarkt, en Rober Willemsen, bestuurslid MKB-Nederland en voorzitter Koninklijke Horeca Nederland aan de agenda van Thijssen te steunen.  Cohen gaf aan blij te zijn met de relatieve trendbreuk: “Vooral het hoofdstuk over een inclusievere arbeidsmarkt heeft onze aandacht. Nu werkt 12 provent van de bedrijven met mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt, dat moet groeien naar 50 procent”

Willemsen vult aan: “De horeca heeft een grote uitdaging op het gebied van personeel, dat komt doordat in coronatijd veel mensen elders zijn gaan werken én we zijn als sector gegroeid van 300.000 naar 400.000 banen. Dit kunnen we deels oplossen door in te zetten op goede opleidingen, maar ook door mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt te bemiddelen. Randvoorwaarde is wel dat het implementeren behapbaar is, er moet juiste begeleiding zijn en er moeten afspraken over risico’s worden gemaakt.”

Goede voorbeelden
Lokale voorbeelden van een goede bemiddeling zijn er te over. Zo werkt Leerdam Orchids met veel plezier samen met Patijnenburg. Een werkzoekende pitcht tijdens de bijeenkomst voor een volle zaal: “Ik heb drie visitekaartjes én een gesprek als resultaat!” roept de dame in kwestie na afloop enthousiast uit.

De afgelopen maanden is duidelijk geworden dat er in het hele land zorgen zijn over de verslechtering van het vestigingsklimaat. Meer dan 70 partijen hebben zich aangesloten bij een manifest dat eerder dit jaar door meer dan 50 burgemeesters en ondernemersorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland werd ondertekend. Daaronder zijn veel partijen uit de provincies Noord- en Zuid-Holland, zoals Innovation Quarter en Amsterdam Economic Board. VNO-NCW West trekt samen met deze partijen op. 

Brief aan informateurs, manifest en lijst van ondertekenaars

Ingrid Thijssen, voorzitter VNO-NCW, geeft bij de informateurs Remkes en Koolmees aan: “We staan er op het oog nog goed voor, maar onder de motorkap is sprake van een verslechtering van het vestigingsklimaat op veel punten. Andere landen werden juist aantrekkelijker voor investeringen van bedrijven. Wij maken ons bijvoorbeeld zorgen over de schoolprestaties van de Nederlandse kinderen. Maar ook over de verminderde stabiliteit van ons overheidsbeleid. Ondernemers durven te investeren wanneer ze weten waar ze aan toe zijn. Decennialang was Nederland een voorbeeld in de wereld, dat zijn we niet meer.” 

Actie nodig op zes terreinen
Het westen van het land drijft op sterke clusters waarin kleine en grote bedrijven, kennisinstellingen en overheden met elkaar samenwerken. Zij zijn sterk afhankelijk van een goed vestigingsklimaat en vinden dat actie nodig is op zes terreinen:
1. goede leefomgeving,
2. goed opgeleide beroepsbevolking,
3. kennis en innovatie van wereldklasse,
4. excellente verbindingen binnen Nederland en met het buitenland,
5. een strategisch industriebeleid en
6. een betrouwbare en voorspelbare overheid,‘ aldus het manifest.