| Met de benoeming van Simone Fredriksz als nieuw bestuurslid van VNO-NCW Regio Rotterdam krijgt het thema onderwijs en arbeidsmarkt een nieuw herkenbaar en energiek gezicht. Fredriksz, voorzitter van het College van Bestuur van Albeda, volgt Ron Kooren op en neemt daarmee een stevig, inhoudelijk dossier over: de verbinding tussen onderwijs en arbeidsmarkt. Die rol past haar, zegt ze zelf, “omdat goed onderwijs altijd het begin is van een betere toekomst”.
Wie Simone Fredriksz wil begrijpen, moet ook iets weten over waar ze vandaan komt. Ze is geboren en getogen in Den Haag, groeide op in een Nederlands-Indische familie en kreeg daar waarden mee die haar nog altijd kenmerken. Verantwoordelijkheid nemen en doen wat je belooft. “Als je A zegt, moet je ook B zeggen,” is een overtuiging die als een rode draad door haar leven loopt. Na haar studie begon Fredriksz in het bedrijfsleven. Ze werkte zeven jaar bij KPN en was daarna betrokken bij een kleine internetstart-up. Inmiddels werkt ze al ruim twintig jaar in het beroepsonderwijs. De overstap was bewust. “Als je de toekomst beter wilt maken, begint dat bij goed onderwijs”, zegt ze. “Onze studenten zijn niet alleen voorbereid op de toekomst, ze zíjn de toekomst”. MBO als emancipatiemotor
In haar nieuwe rol binnen VNO-NCW Regio Rotterdam wil Fredriksz die verbinding verder versterken. Als voorzitter van Onderwijspower (het platform waar onderwijs, bedrijfsleven en overheid met elkaar samenwerken) ziet ze kansen om de kloof tussen school en werkvloer kleiner te maken. Niet door eindeloos plannen te maken, maar door te denken en te doen. “Ik geloof niet in praten zonder actie, maar ook niet in actie zonder nadenken. Het moet hand in hand gaan”. Concreet denkt ze aan gezamenlijke afspraken over stagegaranties, stagevergoedingen en baankansen, vooral in sectoren als techniek en zorg. Ook digitalisering en AI vragen volgens haar om gezamenlijke aanpak. “We hebben niet alle antwoorden, maar we weten wel dat we hier samen nu al op moeten voorsorteren”. Dankwoord: “Ron durfde dingen te doen zonder af te wachten” Wat Fredriksz vooral waardeert, is het ondernemerschap en lef dat Kooren meebracht. “Ron durfde dingen te doen. Niet afwachten, maar samen in beweging komen,” zegt ze. “Dat past bij Rotterdam: zij aan zij werken aan oplossingen, met onderwijs en studenten als volwaardig onderdeel van de arbeidsmarkt van morgen.” Die houding heeft volgens haar blijvende impact gehad, niet alleen binnen VNO-NCW Regio Rotterdam, maar ook binnen het mbo en de samenwerking in de regio. “Daar heb ik persoonlijk veel waardering voor, maar die waardering leeft breed binnen het bestuur, binnen VNO-NCW Regio Rotterdam en binnen het onderwijs.” Toekomstbeeld |

