Human Capital Netwerk: Weerbaar, wendbaar en schaalbaar

Tijdens de twaalfde editie van het Human Capital Event, op donderdag 27 november, van VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam stond één vraag centraal: hoe zorgen we in een structureel krappe arbeidsmarkt voor meer productiviteit, veerkracht én menselijkheid? Na de opening door Han Mesters, gastheer namens ABN AMRO heette VNO-NCW MRA voorzitter Haico Spijkerboer de aanwezigen welkom. Hij haakte aan bij de bredere discussies over de arbeidsmarkt, onder meer aangezwengeld door Jeroen Tiel (Randstad) eerder die week, en benadrukte hoe belangrijk het is om dit gesprek regionaal te voeren. Spijkerboer nodigde deelnemers nadrukkelijk uit om zich te verbinden aan VNO-NCW in de regio waar zij actief zijn, om dit soort bijeenkomsten en netwerken structureel verder te brengen. Vervolgens gaf hij het woord aan Lucas van Wees oprichter van het Human Capital Netwerk.
Lucas legde de aanwezigen uit dat het Human Capital Netwerk zich, anders dan andere HR-bijeenkomsten, richt op beweging: op mensen, gedrag en leiderschap voorbij regelgeving en structuren. Van Wees benadrukte dat de gekozen sprekers – Steven Gudde, Simone van Erp en Caroline Tervoort – juist zijn uitgenodigd omdat zij contrasterende perspectieven vertegenwoordigen en daarmee helpen om deelnemers uit hun comfortzone te halen.

De eerste inhoudelijke bijdrage kwam van Steven Gudde (Olympia), die met een persoonlijke vertelling begon over zijn zus en de impact van echte aandacht op een kwetsbaar moment. Die anekdote mondde uit in een scherpe analyse van de huidige arbeidsmarkt. Volgens Gudde is niet de “arbeidsschaarste” het echte probleem, maar een “werkgeverschaarste”: werkgevers slagen er onvoldoende in om arbeidsvoorwaarden te bieden waarin mensen daadwerkelijk willen en kúnnen werken. Achter cijfers over onbenut arbeidspotentieel gaat een veel complexer verhaal schuil van mensen die wel willen, maar geen passend aanbod vinden, of vastlopen in banen en contexten die hen geen ruimte geven.

Gudde verbond deze analyse aan de bredere economische discussie over arbeidsaanbod en arbeidsproductiviteit. Terwijl de participatiegraad historisch hoog is, blijft de productiviteitsgroei achter. De reflex om dat op te lossen met nog meer procesoptimalisatie en technologie, werkt volgens hem vaak averechts: als alle marge uit het persoonlijke presteren wordt geperst, neemt de werkdruk toe, stijgt het verzuim en raken mensen uit beeld. Ook rondom AI en automatisering klonk een waarschuwing. Natuurlijk kan technologie veel, maar als instapbanen verdwijnen en AI vooral middelmatige inhoud glad polijst ten koste van de ontvanger, organiseer je op langere termijn je eigen onvermogen. Vertrouwen tussen collega’s kan erdoor afnemen en de beloofde efficiëntiewinst blijft in de praktijk achter.

De sleutel ligt volgens Gudde niet in nóg meer technologie, maar in sociale innovatie. Hij pleitte ervoor om opnieuw te kijken naar de “contracten” tussen werkgever en werknemer. Naast het transactionele, juridische contract – salaris, uren, voorwaarden – zijn het relationele en psychologische contract minstens zo belangrijk: cultuur, leiderschap, ontwikkelkansen, regie. En daarbovenop komt een laag van zingeving: waarom doe ik dit werk, voor wie maak ik verschil, waarom ben ik hier welkom? Onderzoek laat zien dat tevreden medewerkers productief zijn, maar betrokken en bevlogen medewerkers aanzienlijk méér bijdragen, minder ziek zijn en langer blijven. De kernboodschap van Gudde: als werkgevers serieus werk maken van aandacht, betekenis en goede arbeidsrelaties, lossen ze tegelijk hun participatieprobleem én hun productiviteitsprobleem op.

Simone van Erp van Team Rockstars IT borduurde hier naadloos op voort, vanuit het perspectief van een organisatie die werkgeluk bewust centraal heeft gezet in haar strategie. In de zaal maakte Simone het thema werkgeluk meteen concreet door deelnemers te vragen hun eigen werkgeluk te “raten” en kort te delen wat daaraan bijdraagt. Daarbij kwamen bekende, maar vaak onderschatte factoren naar boven: fijne collega’s, autonomie, ruimte om je vak goed uit te oefenen, flexibiliteit in waar en wanneer je werkt.

Aan de hand van voorbeelden uit Team Rockstars IT liet Simone zien hoe ogenschijnlijk kleine dingen een groot effect hebben. Een informeel “lief-en-leedteam” dat bij belangrijke gebeurtenissen in het leven van collega’s iets attents doet, wordt in exitgesprekken keer op keer genoemd als bepalende ervaring. Tegelijkertijd liet ze zien dat een cultuur van radicale openheid en werkgeluk ook spanningen kent. De interne discussie rond het sponsorschap van Ajax bijvoorbeeld, leverde onverwacht felle reacties op. Door daar niet defensief maar inhoudelijk en transparant op te reageren, wist de organisatie het vertrouwen juist te versterken.

Daarnaast stond Simone uitgebreid stil bij de impact van AI op werk en werkgeluk in een techorganisatie. Via een halfjaarlijkse “AI & happiness”-survey volgt Team Rockstars hoe medewerkers AI ervaren. De inzichten zijn dubbel: het vertrouwen in baanzekerheid is afgenomen, terwijl een grote groep tegelijkertijd aangeeft meer te leren, beter te presteren en meer plezier in het werk te hebben door de inzet van AI-tools. Voor Simone is dat precies waarom werkgevers hierover actief in gesprek moeten blijven: mensen moeten snappen welke impact AI op hun vak heeft, welke vaardigheden ze moeten ontwikkelen en waar reële zorgen liggen. Werkgevers hebben daarin een verantwoordelijkheid om zowel perspectief te bieden als ongemak serieus te nemen.

Tot slot nam Caroline Tervoort (KPMG) de zaal mee naar een toekomstbeeld waarin AI nog veel dieper in organisaties verweven is. Zij introduceerde “Avery”, een AI-CEO van een zogenoemde zero person company: een experimentele onderneming zonder personeel, waarin AI-agenten zelfstandig bedrijfsprocessen uitvoeren. In een live gesprek met deze digitale “CEO” werd al snel duidelijk dat de technologie indrukwekkend én onvolmaakt is. Precies dat spanningsveld gebruikte Caroline om een belangrijk onderscheid te maken tussen AI voor persoonlijke productiviteit en AI voor het inrichten van bedrijfsprocessen. In het eerste geval stelt de mens de vragen; in het tweede geval draait de verhouding om en stelt AI de vragen aan de mens.

Tervoort schetste het principe van de “human on the loop” in plaats van “in the loop”: als je AI-agenten maximale effectiviteit gunt, moet je het proces niet voortdurend laten onderbreken door menselijke tussenkomst, maar als mens erbovenop zitten voor kaderstelling, controle en correctie. Agenten kunnen parallel in meerdere “meetings” aanwezig zijn, dag en nacht doorwerken en putten uit enorme hoeveelheden data. Dat opent nieuwe mogelijkheden, maar roept ook vragen op over betrouwbaarheid, taakafbakening en governance. Onderzoek laat zien dat AI-agenten snel onbetrouwbaar worden als ze werken vanuit te brede, antropomorf geformuleerde rollen, zoals een generieke CEO-functiebeschrijving. Het dwingt organisaties om veel scherper te definiëren welke taken je automatiseert, welke beslissingen je bij mensen houdt en welke waarden je niet wilt uitbesteden aan algoritmes.

Na de interessante bijdragen van de sprekers was het tijd voor de paneldiscussie, waar ook Haico Spijkerboer aan deelnam. Met prikkelende vragen, aangedragen door de sprekers, kwam een discussie op gang over de impact van AI, diversiteit en inclusiviteit op de werkvloer en de echte oplossing voor het arbeidstekort.

Over de hele middag heen ontstond zo een rijk, gelaagd beeld van de toekomst van human capital. Waar Steven Gudde de vinger legde bij de relatiecrisis tussen werkgevers en werknemers, liet Simone van Erp zien hoe werkgeluk als hard bedrijfsmiddel kan werken, en waarschuwde Caroline Tervoort dat de komst van autonome AI-agenten vraagt om nieuw leiderschap en scherpe keuzes. De rode draad: de toekomst van werk gaat niet alleen over technologie, krapte en systemen, maar vooral over mensen – over aandacht, betekenis, vertrouwen en de manier waarop mens en machine samen waarde creëren.

Fotoserie 1 door Bastiaan van Musscher

Fotoserie 2 door Bastiaan van Musscher

Op dinsdag 25 november kwam de Metropoolregio Amsterdam met een brede delegatie van bedrijven, kennisinstellingen en bestuurders naar Den Haag voor een stevig gesprek over één centrale vraag: hoe houden we het concurrentievermogen van Nederland op peil in een snel veranderende wereld? In een middag vol scherpe analyses en concrete voorbeelden lieten toonaangevende sprekers uit bedrijfsleven, zorg, technologie, luchtvaart en overheid zien wat er nodig is om te blijven investeren in groei, innovatie en brede welvaart. 

Van arbeidsmarkt en talentontwikkeling tot zorginnovatie, digitalisering, internationale bereikbaarheid en een eerlijk Europees speelveld: steeds klonk dezelfde boodschap door. De MRA is nu een krachtige economische motor, maar wil Nederland ook in de toekomst aantrekkelijk blijven voor bedrijven, talent en investeringen, dan zijn gerichte keuzes en gezamenlijke actie onontkoombaar.

Ingrid Thijssen, voorzitter VNO-NCW, opende de middag 

Ingrid Thijssen blikte terug op haar periode van 5,5 jaar waarin zij inmiddels met drie verschillende formaties te maken heeft gehad. Het is volgens haar veel prettiger en effectiever om met één stabiel kabinet te werken; die stabiliteit ontbrak de afgelopen jaren. Hoewel de sfeer aan de formatietafel goed was, blijft zij zorgen houden over het uitblijven van investeringen in de economie. Want, zo benadrukte ze: “Hebben we straks nog wel genoeg bedrijven om al onze publieke voorzieningen te blijven betalen, van agenten tot zorgmedewerkers?” 

Nederland scoort volgens Thijssen structureel slecht op het omscholen en bijscholen (reskilling en upskilling) van werknemers. Dat is problematisch, omdat we naar een economie moeten die draait op hoge productiviteit, terwijl het aantal beschikbare werknemers afneemt. Kenniswerkers spelen daarin een cruciale rol: zij zijn onmisbaar voor de economie die Nederland wil zijn, en dus moeten we hen hartelijk blijven verwelkomen. 

Daarnaast wees Thijssen op het belang van de MRA als AI-hub. Amsterdam heeft volgens haar de potentie om de eerste echte AI-regio van Europa te worden, maar dat vraagt wel om actief faciliteren. De rol van Schiphol is in dat geheel essentieel: bedrijven noemen de luchthaven steevast als eerste reden om zich in Nederland te vestigen, zowel voor de bereikbaarheid van kenniswerkers als voor logistiek. Ze waarschuwde voor een neerwaartse spiraal, zoals eerder gebeurde in bijvoorbeeld Kopenhagen, als Nederland te makkelijk denkt over de luchtvaart. De luchtvaartsector zal in de toekomst wereldwijd verdubbelen; veel beter is het om KLM en Schiphol te helpen vergroenen, zodat Nederland een voorbeeld kan worden.  

Jeroen Tiel, CEO van Randstad Nederland sloot zich bij deze boodschap aan 

Jeroen Tiel benadrukte dat de arbeidsmarkt kampt met zowel een kwantitatief als kwalitatief tekort. Nederland mist een duidelijke arbeidsbegroting die vraag en aanbod in balans brengt. Volgens Tiel moeten we fundamenteel verschuiven van contractzekerheid naar werkzekerheid: het gaat om vaardigheden, niet om de vorm van het contract. Investeren in skills, opleidingen en mobiliteit is daarom essentieel. 

Hij pleitte voor moderne arbeidsmarkten met wendbare spelregels, meer focus op technologie en AI, en een cultuur waarin het normaal is dat werknemers zich omscholen naar sectoren waar ze harder nodig zijn: “Hoe mooi zou het zijn als bedrijven zeggen: 20% van onze mensen leiden we om voor werk in een andere sector?” 

Elke economische regio heeft volgens Tiel de verantwoordelijkheid om te voorkomen dat mensen buiten de samenleving raken. Om dat te doen, moeten overheid, onderwijs en werkgevers intensiever samenwerken aan een toekomstbestendige arbeidsmarkt.  

Vervolgens gaf Barbara Baarsma, hoofdeconoom bij PwC, de key note 

Baarsma schetste tijdens de bijeenkomst een beeld van de economische groeikansen van Nederland en de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Volgens haar draait groei uiteindelijk om twee factoren: arbeidsaanbod en arbeidsproductiviteit. De afgelopen tien jaar kwam maar liefst 80% van de economische groei uit een groter arbeidsaanbod, vooral door de hogere AOW-leeftijd en arbeidsmigratie. De productiviteitsgroei bleef steken op slechts 0,4% per jaar, veel te laag om toekomstige zorg-, onderwijs- en defensie-uitgaven te kunnen dragen. 

Omdat het arbeidsaanbod de komende jaren nauwelijks zal toenemen, moet de groei vooral komen van hogere productiviteit. Dat vraagt volgens Baarsma om een grote herallocatie van schaarse productiefactoren: ruimte, arbeid, milieuruimte en infrastructuur zijn allemaal “op”. Nederland moet daarom vol inzetten op koplopers in álle sectoren en ruimte maken voor creatieve destructie: afscheid nemen van laagproductieve activiteiten en investeren in hoogproductieve bedrijven en innovaties. 

Voor de MRA ziet Baarsma zowel een sterke uitgangspositie als een duidelijke waarschuwing. De regio levert een groot deel van het Nederlandse BBP en heeft een krachtig, divers ecosysteem vol talent en kennis. Maar die positie is niet vanzelfsprekend: andere Europese regio’s bewegen sneller, en indicatoren laten zien dat Amsterdam op onderdelen – zoals kennisvalorisatie en innovatiekracht – al licht terugzakt. 

Haar boodschap aan de MRA was dan ook helder: rust niet op je lauweren. Blijf vernieuwen, koester talent, verbeter bereikbaarheid en blijf bouwen aan sterke ecosystemen, zoals fintech, climate tech, energy en food & agri. Alleen dan kan de regio haar cruciale bijdrage aan de brede welvaart van Nederland vasthouden. 

Verschillende sprekers uit het bedrijfsleven van de Metropoolregio Amsterdam deelden hun visie:

Thomas Leenders – Head of Government & Public Affairs Benelux   

In het blok over zorginnovatie Thomas Leenders zien hoe cruciaal de samenwerking is tussen bedrijven, kennisinstellingen en ziekenhuizen om medische doorbraken naar de markt te brengen. Zijn boodschap was helder: alleen door langs de hele keten samen te innoveren kan Nederland wereldwijd impact blijven maken in de gezondheidszorg. 

Thomas benadrukte dat bedrijven pas kunnen concurreren wanneer de overheid de juiste innovatie-instrumenten in stand houdt, zoals de WBSO, de Innovatiebox en regelingen om internationaal talent aan te trekken. Talent is volgens hem dé sleutel tot vooruitgang. Hij liet voorbeelden zien van technische en klinische testbeds, zoals de ontwikkeling van autonome MRI, waar bedrijven en ziekenhuizen (van Eindhoven tot Amsterdam) samen nieuwe zorgtechnologie testen en klaarstomen voor de praktijk. 

Arjen Brussaard – Vice-Decaan Valorisation & Chief Impact Officer Amsterdam UMC 

Arjen Brussard schetste het Amsterdam UMC als een volwaardig zorg-, opleidings-, onderzoeks- én valorisatiebedrijf. De regio is een Europese topregio in Life Sciences & Health, met 25% van alle Nederlandse LSH-R&D en zo’n 190 biotech- en farmabedrijven. Toch ziet hij grote uitdagingen: de zorg loopt vast, spin-outs vanuit kennisinstellingen blijven achter en de druk op werkgelegenheid neemt toe. Juist daarom investeert Amsterdam UMC in concrete toepassingen, zoals het Amsterdam Skills Center (voor high-end chirurgische training en robotica) en nieuwe vormen van diagnostiek buiten het ziekenhuis in samenwerking met het MKB — innovaties die zorgkosten moeten verlagen en de druk op ziekenhuizen verminderen. 

De conclusie: zorginnovatie is geen kostenpost, maar een investering in toekomstige gezondheid, arbeidsvitaliteit en het verdienvermogen van Nederland. De bal ligt nu mede bij Den Haag om hier structureel op in te zetten. 

Ingo Uytdehaage – CO-CEO Adyen 

Vanuit Adyen werd benadrukt dat Amsterdam, ondanks terechte kritiek, nog altijd één van de beste plekken ter wereld is om een internationaal technologiebedrijf op te bouwen. In de afgelopen 15 jaar groeide Adyen vanuit Amsterdam naar 5.000 medewerkers, 2 miljard omzet en 1 miljard winst, met inmiddels 30 kantoren wereldwijd. Toch uitte Adyen een duidelijke zorg: Nederland past Europese regels regelmatig strenger toe dan vereist: de zogeheten goldplating. Een concreet voorbeeld is de wet ter voorkoming van witwassen, waarvan bepaalde verplichtingen wereldwijd moeten worden toegepast. Dat maakt internationaal schalen moeilijker en zet de concurrentiepositie van Nederlandse bedrijven onder druk. De oproep was helder: stop met goldplating en houd nationale wetgeving in lijn met Europese richtlijnen, zodat bedrijven niet op achterstand worden gezet. 

Maarten Teepen – Corporate Director Key Product Unit ASMI 

Daarna schetste ASMI, producent van machines voor de wereldwijde chipindustrie en gevestigd in Almere, hoe belangrijk een stabiel investeringsklimaat is voor deeptechbedrijven. ASMI investeert jaarlijks zo’n 15% van de omzet in R&D, in trajecten die soms vijf tot acht jaar duren voordat ze rendement opleveren. Daarbij is de sector sterk afhankelijk van een internationaal ecosysteem van universiteiten, leveranciers en talent. Twee derde van de medewerkers komt van buiten Nederland, mede dankzij de aantrekkelijkheid van de regio, toegankelijkheid via Schiphol en de regelingen voor kennismigranten. 

Maar ook ASMI ziet knelpunten: ruimtelijke beperkingen, het stikstofdossier, belastingen en complexe regelgeving zetten druk op de internationale concurrentiepositie. Nederland is, zo stelde ASMI, vaak “het braafste jongetje van de klas”, waardoor bedrijven hier eerder met nadelen worden geconfronteerd dan in andere landen. Alleen met een gelijk speelveld in Europa en daarbuiten, voldoende ruimte voor groei en samenwerking met overheden, kunnen bedrijven blijven investeren in Nederland. 

Esmé Valk – Executive Director Human Resources bij Schiphol 

Tijdens de bijeenkomst schetste Esmé Valk hoe cruciaal een sterke internationale luchthaven is voor het vestigingsklimaat. Jarenlang stond Schiphol bovenaan de lijst van Europese hub-luchthavens, maar inmiddels is de luchthaven teruggevallen naar plek 8 van de 8. Dat is zorgelijk, zei zij, omdat zo’n 11.000 internationale organisaties in Nederland, van grote bedrijven als Heineken, Microsoft en Rituals tot defensie en innovatieve industrie, afhankelijk zijn van een goed netwerk van bestemmingen en soepele doorstroming. 

Valk lichtte de nieuwe 10-jarenstrategie toe, waarin Schiphol de komende jaren 10 miljard euro investeert in concurrentievermogen: in infrastructuur, verduurzaming én betere arbeidsomstandigheden voor de circa 70.000 mensen die op het luchthaventerrein werken. Ze gaf twee grote thema’s aan: het terugdringen van fysieke belasting (bijvoorbeeld via tilhulpen voor zware koffers) en het verbeteren van de luchtkwaliteit door de blootstelling aan ultrafijnstof terug te dringen. Schiphol ontwikkelt daarvoor een nieuw logistiek concept waarbij vliegtuigen verder van de werkplek worden gesleept. Een wereldwijde primeur, maar ook een risico voor het gelijke speelveld in Europa, omdat andere luchthavens deze stappen nog niet zetten. Haar oproep aan een nieuw kabinet: zorg voor een level playing field, zodat koplopers in duurzaamheid en arbeidsomstandigheden niet worden afgestraft. 

Anne Jaakke – CHRO Rituals 

Daarna liet de Anne Jaakke zien hoe innovatie en welzijn hand in hand kunnen gaan. Rituals bestaat 25 jaar, heeft inmiddels 14.000 medewerkers in 33 landen en investeert zwaar in zowel product- en klantervaring als in een sterke cultuur van “play to win” én “love to care”. Voor elkaar, voor de planeet en voor de volgende generatie. Zo investeert het bedrijf 10% van de nettowinst in natuurbehoud en de mentale gezondheid van kinderen. 

Vanuit werkgeversperspectief deed zij drie concrete suggesties voor de regio. Ten eerste: ontwikkel een sterker narratief en merkverhaal waarin Amsterdam en de MRA zich niet alleen presenteren als toeristische hotspot, maar vooral als talentmagneet en kennisregio, vergelijkbaar met bijvoorbeeld Brainport. Ten tweede: denk samen met werkgevers en gemeenten na over tijdelijke, betaalbare huisvesting en kenniscentra voor (internationaal) talent en young graduates, zodat zij kunnen bijdragen aan de kenniseconomie. En ten derde: investeer meer in groen en ‘urban oases’ in de stad, plekken waar mensen tot rust kunnen komen en daarna weer met energie verder kunnen, essentieel voor duurzame prestaties en welzijn. 

Femke Halsema sloot de dag af

Burgemeester, voorzitter van Metropoolregio Amsterdam én Amsterdam Economic Board Femke Halsema sloot de bijeenkomst af met een duidelijke boodschap over de kracht én verantwoordelijkheid van de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Ze benadrukte dat de regio, een conglomeraat van 30 gemeenten, twee provincies en vele bedrijven en kennisinstellingen, eensgezind naar Den Haag was gekomen.

Halsema erkende dat de regio soms kampt met het imago van eigenzinnigheid en afstand tot Den Haag, wat de samenwerking in het verleden bemoeilijkte. Maar juist nu, na de val van het kabinet, liggen er kansen om de relaties aanzienlijk te versterken. De MRA is sterk met AI, tech, health-innovaties, circulaire industrie en internationale verbindingen maar Halsema waarschuwde: de regio mag niet op haar lauweren rusten. Er zijn signalen van terugval en dat vraagt om gezamenlijke investeringen door overheden, bedrijven en kennisinstellingen. 

Ze verwees naar het recente rapport van EU-commissaris Mario Draghi, waarin stedelijke regio’s worden aangewezen als de motoren van Europa’s toekomstige economische kracht. Geopolitieke druk en internationale concurrentie maken het essentieel dat Europese regio’s sterker samenwerken en dat hun positie richting nationale overheden verbetert. Daarom moet de relatie tussen stedelijke regio’s en Den Haag omhoog op de nationale agenda. 

Halsema benadrukte dat regio’s elkaar niet moeten beconcurreren maar juist versterken. Zo kunnen Eindhoven en de A2-regio de “hardware” van moderne technologie leveren, terwijl Amsterdam de “software” ontwikkelt, mits er goede samenwerking is. Haar oproep aan een nieuw kabinet was dan ook helder: investeer samen met de regio in innovatie, digitale infrastructuur, talentontwikkeling en cruciale projecten, zoals het Zuidasdok, waterstofinitiatieven, een energiehaven in de IJmond en het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp. 

De MRA levert 22% van het Nederlandse BBP en huisvest 15% van de bevolking; het is een economische motor van nationaal belang. Investeren in de regio is daarmee geen regionale wens, maar een noodzakelijke investering in de brede welvaart van Nederland. Halsema sloot af met de uitnodiging om de dialoog te vervolgen en samen te blijven werken aan een sterk Nederlands vestigings- en investeringsklimaat. 

 Tot slot

De bijdragen van alle sprekers laten een consistent beeld zien: Nederland beschikt over een uitzonderlijk sterk ecosysteem van bedrijven, kennisinstellingen en infrastructuur, maar de rek is eruit als we niet tijdig en gericht investeren. Dat vraagt om een betrouwbare en voorspelbare overheid, om modernisering van regels en instrumenten, om durf tot innovatie én om een lange adem. 

De Metropoolregio Amsterdam neemt daarin nadrukkelijk haar verantwoordelijkheid – als proeftuin voor nieuwe oplossingen, als magneet voor talent en als motor voor economische groei. Maar die rol kan de regio alleen waarmaken in nauwe samenwerking met Den Haag en andere regio’s. Investeren in het concurrentievermogen van de MRA ís investeren in het verdienvermogen van Nederland als geheel. De oproep vanuit deze bijeenkomst is dan ook helder: benut de eensgezindheid die hier is getoond, en vertaal die in concrete besluiten waarmee we samen de basis leggen voor de economie van morgen. 

De foto’s, gemaakt door Daniel Verkijk, zijn hier te bekijken en downloaden:

Op 17 september verzamelden ondernemers, bestuurders en experts zich in het AFAS Circustheater Scheveningen voor het jaarlijkse Miljoenenontbijt van MKB Den Haag, de Gemeente Den Haag, VNO-NCW Regio Den Haag en partner Moore DRV. Traditiegetrouw de ochtend na Prinsjesdag stonden de kabinetsplannen centraal: wat betekenen ze voor ondernemers in onze regio, en hoe bereiden we ons voor op het komende jaar?

Stem van de ondernemer: behoefte aan stabiliteit

De ochtend begon met het ophalen van signalen uit de zaal. De boodschap van ondernemers was helder: voorspelbaar en consistent beleid is hard nodig. “De (on)voorspelbaarheid van de politiek is lastig. Ondernemers willen visie naar de toekomst, niet steeds gegrepen door de waan van de dag.” klonk het uit de zaal. Ook de krapte op de arbeidsmarkt en de regeldruk werden veelvuldig genoemd als zorgen.

Politiek perspectief

Minister Sophie Hermans (Klimaat en Groene Groei) benadrukte dat Nederland niet tot stilstand mag komen. Ze wees op de cruciale rol van energie voor zowel de concurrentiepositie als onze veiligheid. “We kunnen alleen geld uitgeven als het eerst wordt verdiend.” Dat vraagt om keuzes, ook in een demissionaire periode.

Wethouder Nur Icar (MKB, Werk en Participatie) belichtte de rol van de gemeente Den Haag, met nieuwe bedrijfscontactfunctionarissen die ondernemers actief opzoeken en hulp bieden bij vergunningen, regeldruk en het benutten van talent in de stad.

Ondernemersklimaat onder druk

VNO-NCW-voorzitter Ingrid Thijssen gaf duiding bij de Miljoenennota vanuit ondernemersperspectief. Zij wees op de stagnerende productiviteitsgroei, hoge energiekosten en de toenemende regeldruk. “Uit onze peiling blijkt dat 90% van de ondernemers geen vertrouwen meer heeft in de politiek. Investeringen drogen op en bedrijven verplaatsen hun activiteiten naar het buitenland.” Om problemen op te lossen hebben we weer een langetermijnvisie nodig van 10 jaar.

Toch was haar boodschap ook hoopvol: Nederland heeft alles in huis om economisch sterk te blijven. Een gunstige ligging, goed opgeleide bevolking en innovatieve ondernemers.

Financiële impact voor ondernemers

Rogier van Soest, directeur fiscaal bij Moore DRV, gaf dit jaar inzicht in de fiscale gevolgen van de miljoennota. Hij wees erop dat het belastingplan 2026 vooral voor IB-ondernemers zwaarder zal uitvallen en dat innovatieregelingen minder aantrekkelijk worden. Zijn advies aan ondernemers: blijf goed geïnformeerd en anticipeer tijdig op de veranderingen.

Meer dan cijfers alleen

Naast de inhoud bood de ochtend ook ruimte voor ontmoeting en uitwisseling. Van een gezamenlijk ontbijt tot een afsluitend muzikaal intermezzo: het Miljoenenontbijt liet opnieuw zien hoe waardevol het is om samen te komen als ondernemersnetwerk in de regio.

Wij danken alle sprekers en aanwezige leden voor hun bijdrage! Een speciaal woord van dank aan MKB Den Haag, de Gemeente Den Haag en onze partner Moore DRV.

 

Alle foto’s zijn gemaakt door Sarah Vlekke van Fotostudio Vlekke, en te bekijken via deze link.

Ben je nog geen lid van VNO-NCW Regio Den Haag, maar wel nieuwsgierig naar wat ons netwerk voor jouw onderneming kan betekenen? Lees verder over ons netwerk: Regio Den Haag – VNO-NCW West

Het Rotterdams Ondernemersontbijt op het SS Rotterdam stond in het teken van jong talent, stageplekken en generatie Z. Hoe kun je deze jongeren tot en met 28 jaar beter begrijpen én benutten. Talent aantrekken in een krappe arbeidsmarkt is een ding, maar hoe houd je ze ook vast? Dit verslag blikt terug op de bijeenkomst.

Gen Z’er student Aaliyah

“Voor Gen Z is het belangrijk dat ze hun mening kunnen uiten en daarin serieus worden genomen. We zoeken openheid, echte verbinding en waardering. Het is prettig als werkgevers luisteren, meedenken en meeleven en onze inbreng niet wegwuiven. Vraag wat we belangrijk vinden en geef daar aandacht aan.”

Gen Z’er student Kimberly:

“Mentale gezondheid is een big topic binnen onze generatie; iedereen dealt ermee. Een veilige werkomgeving, zowel mentaal als fysiek, is essentieel.”

Tim Versnel, wethouder Werk en Inkomen in Rotterdam

Tim Versnel, wethouder Werk en Inkomen in Rotterdam:

“Voor jongeren die een mbo- of hbo-beroepsopleiding doormaken is het belangrijk voor hun ontwikkeling – en ook voor werkgevers die hen een baan kunnen aanbieden – om via een stage praktijkervaringen op te doen. Het Stagepact is een commitment tussen overheden, onderwijsinstellingen en werkgeversorganisaties om te zorgen voor genoeg stageplekken. Het is voor met name mbo-studenten best moeilijk om aan een stageplaats te komen. Doodzonde, want werkgevers hebben al die mensen juist hartstikke hard nodig. Door een stage kunnen zij jongeren aan zich binden, nog voordat zij zijn afgestudeerd. Een win-win situatie.

Ook is er het Jongerenloket van de gemeente dat jongeren tot 27 jaar aan een baan of opleiding helpt, nadat we ze met schulden en andere zaken hebben geholpen; eerst moet er mentale rust komen. Helaas neemt het aantal jongeren in de bijstand toe. Daar maken we ons zorgen om.”

Gen Z’er student Eva:

“Voor mij is goede communicatie en openheid belangrijk. Ik wil me vrij voelen om iets aan te kaarten als ik ergens tegenaan loop. Daarnaast moet er ruimte zijn om mezelf te ontwikkelen.”

Herman Konings VNO-NCW Rotterdam

Herman Konings is trendanalist en master in de theoretische psychologie (KU Leuven) en beheerder van een trend- en toekomstonderzoeksbureau:

“Generatie Z is tussen de 13 t/m 28 jaar en is de generatie meest. Ze zijn meer globaal verbonden, meer digitaal geletterd, meer inclusief, meer etnisch divers en hebben meer gereisd dan alle andere generaties. Dan moet je daarnaar luisteren, maar verlies daarbij de andere generaties niet uit het oog. Het gaat deze generatie niet alleen om een goed salaris, maar om betrokkenheid en engagement op de werkvloer. Slechts 21% van de werkenden in Europa voelt zich betrokken bij cultuur, identiteit en dna van de organisatie. Voor Gen Z ligt dit nog lager, op 18%.

Om dit te veranderen, moet je ‘awe’ in de organisatie brengen ofwel ontzag, bewondering of verwondering door aandacht te besteden aan spiritualiteit, natuur, collectieve beleving, kunst, voorspelbaarheid en serendipiteit, dus per toeval iets moois ontdekken. Dat kan een mooie straal zonlicht in het bos zijn.

Luister en bevraag Gen Z door aan cross-generational mentoring te doen, waarbij oudere en jongere generaties elkaar adviseren. Zorg voor goed evenwicht, zodat je een mooi ecosysteem hebt van alle generaties, culturen en geslachten die naar elkaar luisteren. Dat mentorsysteem bestaat uit 361 graden. Kijk bij die ene graad extra in de spiegel en stel jezelf de vraag: wat is de impact van wat ik vandaag beslist als ondernemer op de toekomst van mijn (klein)kinderen? Je komt dan uit bij jouw werknemers die op een prettige manier in hun werk moeten staan om zich betrokken bij de organisatie te voelen.”

Gen Z’er student Charlotte:

“Hoe meer vertrouwen ik krijg, hoe inspirerender dat werkt. Een goede band opbouwen, waarbij wederzijds vertrouwen ontstaat, helpt daarbij – bijvoorbeeld door samen te lunchen en ook op persoonlijk vlak contact te maken. Daarnaast waardeer ik autonomie in mijn werk.”

Tim Versnel, wethouder Werk en Inkomen in Rotterdam:

“Gen Z heeft dezelfde behoeftes als andere generaties, zoals erkenning en inspiratie. In het begin van je carrière heb je mensen nodig aan wie je kunt optrekken, die je inspireren en die helpen je kwaliteiten te ontdekken en te ontwikkelen. Leidinggevenden, help die jongeren daarbij. Zo kunnen ze zich ontwikkelen en kunnen ze betekenis en voldoening vinden in hun werk.”

Fabian Lionaar VNO-NCW Rotterdam

Fabian Lionaar, directeur Research & Development en Uitgeverij van CED-Groep:

“Als onderwijsadviesbureau willen we Gen Z-medewerkers aan ons binden. Voor onze vacatureteksten werken we daarom samen met een bureau die hun taal spreekt en hun wereld kent. Gen Z’ers brengen waardevolle kennis en vaardigheden met zich mee. We merken dat Gen Z’ers zingeving en maatschappelijke betrokkenheid belangrijk vinden; ze willen impact maken. Ze kunnen zelf een maatschappelijke bijdrage aandragen, die wij mogelijk ondersteunen, als het in lijn ligt met onze kernwaarden.

Daarnaast kun je remote werken, letten we op werk/privébalans en zijn er ontwikkelmogelijkheden. Verder vinden ze gezond eten, begeleiding en autonomie belangrijk. Die ruimte is er binnen aangegeven kaders. Daarnaast is verantwoordelijkheid belangrijk; ik heb twee mensen van 26 jaar, die mij periodiek bevragen op de visie en strategie, zodat ze daar een bijdrage aan kunnen leveren en ze serieus worden genomen. Gen Z laat zich niet kopen, maar betrekken. Geef ze impact, autonomie en groeiruimte. Zoek een goede balans tussen inspelen op hun behoeften en die van de organisatie. Dat gaat in samenspraak. De zes Gen Z-medewerkers die ik twee jaar geleden heb aangenomen, werken gelukkig nog steeds bij ons.”

Gen Z’er Ralph:

“Ik werk sinds anderhalf jaar bij een communicatiebureau, nu fulltime. Na je studie ontdek je pas hoe het er echt aan toe gaat. Een mentor op de werkvloer zou helpen om je wegwijs te maken. Vertrouwen en verantwoordelijkheid zijn voor mij daarin belangrijk.”

Overzicht SS Rotterdam VNO-NCW Rotterdam

Na het inhoudelijke programma was er gelegenheid om te netwerken tijdens een uitgebreid ontbijt op het dek van het SS Rotterdam, dat zelf ooit begon als cruiseschip en nu een icoon is aan de kade. De ondernemers konden ervaringen uitwisselen over werving en behoud van jonge medewerkers in hun eigen sectoren, terwijl de skyline van Rotterdam langzaam oplichtte in de ochtendzon.

Tekst: Merijn van Grieken
Beeld: Mirjam Lems

Download de presentatie van Herman Konings: Herman Konings @ Rotterdams Ondernemersontbijt – 08.07.2025

Bekijk alle foto’s op de website van het Rotterdamse Ondernemersontbijt: Dit is hoe Gen Z werkt! Ondernemersontbijt op het SS Rotterdam geeft inzichten – Het Rotterdams Ondernemersontbijt

 

VNO-NCW regio Rotterdam is een invloedrijke regionale netwerkorganisatie voor ondernemers en werkgevers. Wij zetten ons in voor de versterking van de stedelijke economie en het vestigingsklimaat in de regio. Lees verder: Regio Rotterdam – VNO-NCW West 

Een toekomstbestendig Amsterdam vraagt om lef, samenwerking en visie. Op dinsdag 8 juli brachten VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam, ORAM en MKB-Metropool Amsterdam ondernemers en politieke leiders samen bij CTPark Amsterdam om in gesprek te gaan over de koers van onze stad. Tijdens deze bijeenkomst, een vervolg op de Mini Conferentie in de ambtswoning van burgemeester Halsema, gingen we het gesprek aan over cruciale thema’s zoals bereikbaarheid, ruimte voor economie, energietransitie en de arbeidsmarkt. Want Amsterdam staat voor grote uitdagingen. Alleen door nú samen te werken kunnen we bouwen aan een stad die ook morgen sterk, leefbaar en economisch veerkrachtig is. Dit verslag blikt terug op de bijeenkomst.

Dagvoorzitter Martijn de Greve leidde de bijeenkomst in en benadrukte het belang van een open en constructieve dialoog. De bijeenkomst is een vervolg op de miniconferentie van 5 februari jl. in de ambtswoning van burgemeester Halsema. 

De aanleiding is urgent: Amsterdam staat voor ongekende uitdagingen zoals ruimtedruk, bereikbaarheid, personeelskrapte en netcongestie. Alleen in samenwerking tussen politiek en bedrijfsleven kan de stad toekomstbestendig blijven. 

De aanwezige fractievoorzitters van D66, VVD, CDA en GroenLinks gingen in gesprek met ondernemers en maatschappelijke partners over drie centrale thema’s: bereikbaarheid, ruimte voor bedrijvigheid, en arbeidsmarkt & onderwijs. 

 

Thema 1: Bereikbaarheid en logistiek 

Gezamenlijke constatering: De infrastructuur in Amsterdam is overbelast. Zonder structurele investeringen in OV, logistieke hubs, transport over water, en ruimte voor bouwverkeer, komt de economische motor tot stilstand. 

Belangrijke punten: 

  • Ondernemers pleitten voor meer ruimte voor goederenvervoer, slimme hubs, en fasering van zero-emissiezones. 
  • Transport over water werd breed ondersteund als duurzame oplossing voor stadslogistiek. 
  • De lobby voor het doortrekken van de Noord/Zuidlijn naar Hoofddorp werd genoemd als strategische prioriteit. 

Politieke reacties: 

  • VVD en D66 pleitten voor meer samenwerking en realisme in ruimtelijke afwegingen. 
  • GroenLinks wees op het belang van regionale samenwerking en het koppelen van wonen, werken en mobiliteit. 

 

Thema 2: Ruimte voor economie 

ORAM stelde dat bedrijventerreinen te vaak worden opgeofferd voor woningbouw, zonder goed doordachte combinaties van wonen en werken. 

Signalen uit de praktijk: 

  • Ondernemers voelen zich onvoldoende gehoord in gebiedsontwikkeling. 
  • Door onzekerheid over plannen kunnen bedrijven niet investeren. 
  • Er is behoefte aan een ‘economische effecttoets’ bij ruimtelijke keuzes. 

Consensus: 

  • Er moet een realistisch en uitvoerbaar ruimtelijk beleid komen, waarin werkruimte behouden blijft. 
  • Ondernemers, ontwikkelaars en politiek toonden bereidheid om samen nieuwe modellen te ontwikkelen waarin wonen en werken hand in hand gaan. 

 

Thema 3: Arbeidsmarkt en onderwijs 

VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam schetste een zorgwekkend beeld van de krapte: een stagnerende groei van de economie, te weinig arbeidscapaciteit en grote tekorten in o.a. zorg en techniek. 

Kernpunten: 

  • De gemiddelde werkweek in Nederland is slechts 25 uur – dit beperkt productiviteit. 
  • Er moet meer ruimte komen voor arbeidsmigratie. 
  • Onderwijs moet aansluiten op de arbeidsmarkt, met aandacht voor skills en ‘leven lang leren’. 

Bijdragen uit het veld: 

  • JINC en Hogeschool van Amsterdam benadrukten het belang van kansengelijkheid en structurele educatie. 
  • UWV en Defensie presenteerden de ‘skills based’ benadering als kansrijke route. 
  • Ondernemers deelden succesvolle voorbeelden van het aannemen en opleiden van mensen met afstand tot de arbeidsmarkt. 

Politieke reflectie: 

  • D66 benoemde de spanningen rondom migratie als risico. 
  • VVD erkende het belang van verzuimaanpak en betrokken werkgevers. 

 

Afronding en vervolg 

De bijeenkomst eindigde met een optimistische noot. Inhoudelijke verschillen blijven bestaan, maar er is veel overlap in doelen en urgentie. Er werd herhaaldelijk gepleit voor structurele samenwerking, met wederzijds begrip en gedeelde verantwoordelijkheid. 

Achmed Baâdoud (MKB Amsterdam) sloot af met een oproep aan de gemeente Amsterdam: nodig het bedrijfsleven actief uit voor een vervolg op deze bijeenkomst. De aanwezigen deelden de wens om structureel samen te blijven werken aan een leefbare, bereikbare en economisch sterke stad. 

We willen graag de fractievoorzitters Daan Wijnants (VVD), Imane Nadif (GroenLinks), en Rob Hofland (D66), en alle aanwezige bestuurders, experts en ondernemers hartelijk bedanken voor bijdragen aan het gesprek.

Lees verder over VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam: Metropoolregio Amsterdam – VNO-NCW West

 

Op dinsdag 24 juni brachten we ondernemers en beleidsmakers samen tijdens het Business Event ‘Ondernemers in Beeld’, onderdeel van het Foto Festival Naarden. Een inspirerende middag waar beeld en ondernemerschap elkaar vonden.

Sacha de Boer, dagvoorzitter én fotograaf, presenteerde het programma en deelde aangrijpende beelden uit Spitsbergen en Afrika. Haar werk maakt voelbaar hoe urgent klimaatverandering is en hoe krachtig beeld kan zijn als aanjager van verandering.

Keynote spreker Tabo Goudswaard liet zien hoe creatief denken en ontwerp bij kunnen dragen aan het oplossen van maatschappelijke vraagstukken. Zijn voorbeelden uit publieke en private sector dagen uit tot anders denken én doen.

In het panelgesprek met Nico Schimmel, Jan Jaap Splinter en Haico Spijkerboer stond de rol van samenwerking centraal. Met uitdagingen op het gebied van energie, ruimte en regelgeving is een sterk regionaal netwerk onmisbaar.

Carmen Cabo, directeur van Forteiland Pampus, sloot af met een inspirerend praktijkvoorbeeld van circulair ondernemen. Op het eiland wordt onder meer voedselafval omgezet in energie.

De middag eindigde met een zonnige netwerkborrel en diner op de binnenplaats van Het Arsenaal.

We willen graag de Gemeente Gooise Meren, Foto Festival Naarden en de FIN Bedrijvenvereniging Gooise Meren bedanken voor de samenwerking!

Benieuwd wat VNO-NCW Metropoolregio Amsterdam doet voor ondernemers in de regio? Lees verder: Metropoolregio Amsterdam – VNO-NCW West

Op vrijdag 13 juni was het in de Fokker Terminal Den Haag tijd voor Den Haag Inspireert! Het jaarlijkse event waar ondernemers en beleidsmakers in de regio Den Haag elkaar ontmoeten en in gesprek gaan. In de Fokker Terminal keken we samen naar de toekomst. Het thema van dit jaar: een weerbaar Den Haag. VNO-NCW regio Den Haag kijkt als partner terug op een warme (zowel letterlijk als figuurlijk), en succesvolle editie. Bestuurslid Juriën Kester ging in onze sessie het gesprek aan over impactvol ondernemen in Den Haag.

Juriën Kester over impactvol ondernemen

Juriën Kester, directeur van Tuincentrum Ockenburgh en bestuurslid van VNO-NCW Regio Den Haag, liet zien hoe je als ondernemer daadwerkelijk verschil kunt maken. Hij deelde zijn visie op impactvol ondernemen, waarbij maatschappelijke en ecologische impact bewust worden meegenomen in de bedrijfsvoering. Maar wat is ondernemen met impact dan precies? En hoe pak je dat aan als ondernemer?

De definitie van Juriën: Impactvol ondernemen is een vorm van ondernemerschap waarbij het creëren van positieve maatschappelijke en ecologische impact een bewust en integraal onderdeel vormt van de bedrijfsvoering, naast of in plaats van het streven naar financiële winst.

Waarom zou je impactvol ondernemen? 

Hoe onderneemt Tuincentrum Ockenburgh op een impactvolle manier?

Met 500.000 klanten per jaar, 300 leveranciers, en 30.000 verschillende producten, kun je als tuincentrum een stempel drukken op je omgeving. Het uitgangspunt van Ockenburgh: een positieve invloed te hebben op alles en iedereen om ons heen.

Tuincentrum Ockenburgh richt zich niet alleen op commercieel succes, maar wil structureel bijdragen aan de leefomgeving in Den Haag. Daaruit zijn onder meer praktijklocatie en ontmoetingsplek Pluk Den Haag en Stichting Natuurcentrum Ockenburgh ontstaan. Zo is het tuincentrum niet alleen een plek om planten te kopen, maar ook een plek van verbinding, educatie en maatschappelijke betrokkenheid.

Waarom impactvol ondernemen werkt

Voor Tuincentrum Ockenburgh levert deze manier van ondernemen duidelijke voordelen op. Niet alleen in klantwaardering, maar ook in medewerkerstevredenheid. Het bedrijf weet zich te onderscheiden in een sector die vaak onder druk staat en trekt mensen aan die bewust kiezen voor een organisatie met betekenis.

Voor de markt:

  • Onderscheidend van andere tuincentra, je neemt afstand van het negatiever geworden imago.
  • Aankopen worden je gegund, je concurreert op meer dan prijs, kwaliteit en assortiment.
  • Veel groter bereik zonder marketing budget.

Voor de organisatie en de medewerkers:

  • Aantrekkingskracht van nieuwe medewerkers die je anders nooit zou kunnen aantrekken
  • Tot bloei komen van vastzittende medewerkers
  • We leren elkaar persoonlijk beter kennen met een nog groter familiegevoel

Lees het hele verhaal van Jurien op de website van Ockenburgh: Over Tuincentrum Ockenburgh

 

saskia bruines bij VNO-NCW West

Impactvol ondernemen van meerdere perspectieven

Na zijn verhaal ging Juriën in gesprek met vertegenwoordigers van de gemeente Den Haag, wervingsbureau Ocullus en Rabobank. Elk van hen bracht een eigen perspectief mee op het thema impactvol ondernemen.

De gemeente: ruimte voor ondernemerschap

De stad van vrede en recht moet ook nadenken over de toekomst. Hoe houden we Den Haag en de wereld schoon en rechtvaardig? Saskia Bruines, wethouder Financiën, Economische Zaken en Cultuur, ging met Juriën in gesprek over de houdbaarheid van economische groei en de rol van de gemeente in het stimuleren van ondernemers die meer impact willen maken. Daarnaast werd er gesproken over ruimte voor ondernemers in de stad. Bedrijventerreinen moeten steeds vaker ruimte maken voor woningen in de stad, waardoor er niet altijd plaats overblijft voor de ondernemer. De gemeente is zich hiervan bewust en werkt actief aan het vinden van nieuwe ruimtes voor ondernemers, om de juiste bedrijven op de juiste plek te krijgen.

 

Wervingsbureau Ocullus VNO-NCW West

Wervingsbureau Ocullus: Werven met impact

Karima el Bouchtaoui, bestuurslid van VNO-NCW Regio Den Haag en founder van wervingsbureau Ocullus, ging met Juriën in gesprek over de relatie tussen impactvol ondernemen, diversiteit en het aantrekken van personeel. Karima bracht een aantal scherpe tips voor werkgevers naar voren die op zoek zijn naar personeel:

  • Werk aan 5 specifieke eisen in de vacature, niet meer.
  • Werknemers maken als eerst de inschatting of ze zichzelf kunnen zijn bij het bedrijf, daarna pas naar salaris en andere voorwaarden.
  • Een nieuwe manier van werven die werkt: laat potentiële medewerkers een dagje meelopen in het bedrijf. Wees creatief in het aantrekken van talent.

Rabobank bij VNO-NCW West

Rabobank: Een duurzame businesscase

Maurice Mooiman, eveneens bestuurslid van VNO-NCW en manager Grootzakelijk bij Rabobank, besprak de rol van financiers in het stimuleren van duurzaam ondernemerschap. Een businesscase die alleen gebaseerd is op winst, zonder maatschappelijke impact, wordt tegenwoordig kritisch bekeken. Financiers hebben namelijk ook verantwoordelijkheid voor maatschappelijke impact. Soms zijn de ondernemers die aankloppen kritisch op ons als het komt op duurzaamheid, soms vertellen wij zelf het verhaal richting ondernemers.

Rabobank heeft een team dat zich volledig richt op start- en scaleups met duurzame ambities. De tip van Maurice: ga als onderneming in een zo vroeg mogelijk stadium in gesprek met een financier als je verder wilt groeien. Zo is word een bank meer dan alleen je financier. Je gaat samen een partnerschap aan en kunt elkaar verder helpen, door bijvoorbeeld te sparren over ideeën.

 

De rol van VNO-NCW Regio Den Haag

Robert Medenblik, voorzitter van VNO-NCW Regio Den Haag, koppelde de boodschap over impactvol ondernemen aan het werk van de vereniging. VNO-NCW Regio Den Haag zet zich in voor ondernemers die werk willen maken van duurzaamheid en maatschappelijke waarde. Dat doen we door bijeenkomsten te organiseren, ondernemers met elkaar te verbinden en actief te lobbyen voor beter beleid.

Wil je meer weten over onze standpunten en inzet op het gebied van duurzaam en impactvol ondernemen? Bekijk onze standpunten: Standpunten – VNO-NCW West

 

Ondernemer in de regio Den Haag? Sluit je direct aan bij hét ondernemersnetwerk in de regio Den Haag: Regio Den Haag – VNO-NCW West

 

Met een diverse groep ondernemers vertrok het DGA netwerk van VNO-NCW West op 23 mei naar Japan. Het land waar eeuwenoude traditie en technologie moeiteloos samenkomen. Tien dagen lang dompelden we ons onder in een unieke mix van zakendoen en cultuur. We spraken onder andere met lokale ondernemers, leerden over de nieuwste technologische oplossingen en proefden de sfeer bij de Nederlandse Ambassade en het Nederlands Paviljoen op de World Expo in Osaka. Naast het zakelijke programma was er ook ruimte voor cultuur: we bezochten tempels, eigentijdse kunst, bonsai tuinen en traditionele theeceremonies. Het resultaat is een reis vol inzichten, verrassende ontmoetingen en nieuwe verbindingen. Lees snel de terugblik!

Dag 0 — Kennismaking

Hokkai Kitchen, IJmuiden
Voor de start van de reis kwamen de deelnemers bijeen bij Hokkai Kitchen in IJmuiden, om alvast kennis te maken met elkaar en met de Japanse keuken. Hokkai Kitchen zit in de haven van IJmuiden en werkt met de verste ingrediënten. Zo kregen onze deelnemers alvast een voorproefje op het heerlijke eten en drinken dat hun te wachten staat in Japan.

 

Dag 1 — 23 mei 2025 | Heenreis

De weg naar Japan
De groep verzamelde zich op Schiphol en stapte aan boord van de rechtstreekse vlucht naar Osaka. De reis begon met een gezonde dosis enthousiasme en nieuwsgierigheid.

 

Dag 2 — 24 mei 2025 | Cultuurstad Kyoto

Keizerlijke pracht en traditie
Na aankomst in Japan maakten we kennis met de historische stad Kyoto. We wandelden onder leiding van een Japanse gids door de sfeervolle wijk Gion en de levendige Nishiki-markt. De dag eindigde met een traditioneel diner en een betoverende Maiko show, van een Geisha in opleiding. Al met al een bijzonder welkom in Japan.

 

Dag 3 — 25 mei 2025 | Van Kyoto naar Osaka

Bamboebos van Kyoto & modern Osaka
De ochtend begon magisch: in riksja’s reden we door het bamboebos van Arashiyama. Daarna reisden we verder naar Osaka, waar een feestelijk diner in het elegante Garden Oriental restaurant op ons wachtte.

 

Dag 4 — 26 mei 2025 | Bezoek World Expo

Innovatie in de praktijk
Dag vier stond in het teken van het bezoek aan de World Expo in Osaka. We ontdekten innovatieve paviljoens, wisselden ideeën uit en lieten ons verrassen door de creativiteit waarmee landen en bedrijven werken aan oplossingen voor morgen.

 

Dag 5 — 27 mei 2025 | Het Nederlands Paviljoen

Zakendoen in Japan
We werden hartelijk ontvangen door vertegenwoordigers van de Nederlandse Ambassade bij het Nederlandse Paviljoen op de World Expo. Twee bedrijven, NEO Search Partners en Expand with Ace, gaven een inkijkje in de kansen en uitdagingen van ondernemen in Japan.

 

Dag 6 — 28 mei 2025 | Shinkansen naar Tokyo

Met 300 km/u naar de hoofdstad
We stapten in de Shinkansen, de beroemde Japanse hogesnelheidstrein. Onderweg genoten we van een glimp van Mount Fuji. In Tokyo had iedereen vrije tijd om hoogtepunten zoals de Koishikawa Korakuen tuin of de Tokyo Skytree te bewonderen.

 

Dag 7 — 29 mei 2025 | Philips & UltraSuperNew

Innovatie en creativiteit
Een interessant bezoek aan Philips toonde hoe het Nederlandse bedrijf zich heeft ontwikkeld tot een toonaangevende speler in gezondheidstechnologie in Japan. CEO van Philips Japan, Jasper Westerink schoof aan bij de lunch. Daarna liet het creatieve  bureau UltraSuperNew zien hoe creativiteit en technologie elkaar versterken in moderne campagnes.

 

Dag 8 — 30 mei 2025 | Nederlandse Ambassade, Domino’s & Kawasaki City

Netwerken en nieuwe inzichten
De dag begon met koffie en gesprekken op de Nederlandse Ambassade over ondernemen in Japan. Bij Domino’s Japan leerden we over hun vooruitstrevende technologieën, logistieke uitdagingen en duurzaamheid. In Kawasaki City kregen we een inkijkje in de innovatiekracht van meer dan 200 onderzoeks- en ontwikkelingsinstituten.

 

Dag 9 — 31 mei 2025 | Shunkaen Bonsai & TeamLab

Traditie en moderne kunst
Onze laatste dag in Tokyo begon tussen de eeuwenoude bonsai van Shunkaen, onder leiding van bonsaimeester Kunio Kobayashi. Daarna was er een optioneel bezoek aan het indrukwekkende TeamLab Planets, waar digitale kunst en natuur samenkomen. We sloten de bijzondere reis in stijl af met een sfeervol afscheidsdiner!

 

Dag 10 — 1 juni 2025 | Terugreis

Naar huis met nieuwe ideeën

Na tien dagen vol inspiratie, nieuwe connecties en onvergetelijke indrukken keerden we terug naar Nederland. Met een frisse blik en concrete ideeën konden alle ondernemers weer aan de slag.

 

Wat een prachtige reis! We willen hierbij graag alle deelnemers hartelijk danken voor hun aanwezigheid en energie. Zonder jullie was de reis geen succes geworden.

Zin om mee te gaan op de volgende ledenreis?
Neem alvast contact op met Eveline Oudshoorn, Verenigingsmanager, via oudshoorn@vno-ncwwest.nl.

また会いましょう – Mata aimashou – Tot weerziens!

Reka is door het publiek uitgeroepen tot winnaar van de Nieuwe Heldenprijs 2025, de onderscheiding voor Rotterdamse ondernemingen die de stad vernieuwen en versnellen. Het jonge bedrijf versloeg mede-genomineerden Umob en Banlieue dankzij zijn innovatieve aanpak om natuurlijke voedingsstoffen optimaal af te stemmen op het samenspel tussen gewas, bodem en omgeving.

Afkomstig uit de kweekvijver van Koppert combineert Reka baanbrekend bodemonderzoek met het bestaande internationale distributienetwerk van zijn moederbedrijf. Zo kunnen telers wereldwijd hun bodem vruchtbaar houden en tegelijk de stap zetten naar echt regeneratieve landbouw — een cruciale bijdrage aan duurzame voedselproductie.

De Nieuwe Heldenprijs, een initiatief van VNO-NCW Rotterdam, zet ondernemingen in de schijnwerpers die lef tonen en maatschappelijke impact maken. Met dit succes krijgt Reka niet alleen erkenning, maar ook een springplank om zijn missie – gezonde bodem als basis voor de landbouw van morgen – verder uit te rollen.

Winnaar Rotterdamse Ondernemersprijs is Lely

“De winnaar van de 40e editie van de Rotterdamse Ondernemersprijs is Lely”. Dat maakte burgemeester Carola Schouten op 3 juni bekend tijdens een verrassende en uitverkochte jubileumavond in de Laurenskerk in Rotterdam.

“Lely is een onderneming die durft te kiezen. Die investeert in de lange termijn. Die technologie inzet voor mensen, dieren én planeet.” André van Troost (CEO), Marijke Jansen (COO) en Alexander van der Lely (voorzitter RvC) van Lely namen de prestigieuze prijs in ontvangst. Deze avond werden ook de Nieuwe Heldenprijs en de Mr. K.P. van der Mandele Penning uitgereikt.

Lely, VT Group en Fresh ’n Rebel gingen deze jubileumeditie de strijd met elkaar aan. “Drie bedrijven, drie unieke verhalen”, zegt burgemeester Carola Schouten. “Stuk voor stuk winnaars in de manier waarop zij ondernemerschap vormgeven. Elk van hen laat zien dat visie, durf en maatschappelijke betrokkenheid onmisbaar zijn in het ondernemerslandschap van vandaag.” Juryvoorzitter Ellen van Dam bevestigt dat de verbindende factor tussen deze drie bedrijven ‘lef’ is.

“VT Group toont aan dat ook in de traditionele sector innovatie, duurzaamheid en maatschappelijke betrokkenheid hand in hand kunnen gaan. Wat ooit begon als een familiebedrijf in de binnenvaart is uitgegroeid tot een internationale speler met een voortrekkersrol in duurzaamheid en technologische vernieuwing. Een toonbeeld van pragmatisch leiderschap met maatschappelijke impact.

Fresh ’n Rebel bewijst dat lef, creativiteit en een sterke merkvisie ook in een verzadigde en competitieve markt kunnen leiden tot explosieve groei. Met een uitgesproken stijl, internationale ambitie en klantgerichtheid als kernwaarde verovert dit Rotterdamse merk de Europese consument. En Lely laat zien dat het loont om verder te kijken dan de gebaande paden.”

 

Grenzen verleggen

De jury is onder de indruk van de wijze waarop Lely zich ontwikkelde tot een innovatief bedrijf dat oplossingen zoekt voor huidige problemen. “Ooit begon Lely met de mechanisatie van landbouwprocessen. De afgelopen decennia ontwikkelde en implementeerde het bedrijf baanbrekende innovaties voor de melkveehouderij. Vandaag de dag is Lely een specialist in robotica en datagedreven oplossingen voor deze sector. Met de melkrobot, een voersysteem en een circulair stalsysteem om waarde te creëren uit emissies, biedt Lely totaaloplossingen voor efficiënte en diervriendelijke bedrijfsvoering.” Grenzen verleggen vraagt volgens Lely om verder kijken dan de gebaande paden.

De betrokkenheid bij de omgeving blijkt onder meer uit de inzet om jongeren te interesseren voor technologie, innovatie en wetenschap. Jaarlijks bezoeken zo’n 1000 jongeren het bedrijf. Zij volgen workshops die worden begeleid door medewerkers van Lely. Deze workshops bereiden de jongeren voor op een toekomst in de techniek.”

Honderden bezoekers

De veertigste editie van de Rotterdamse Ondernemersprijs was een hele speciale. Onder de honderden bezoekers waren ook vele winnaars van voorgaande edities. Zij kregen na het toekennen van de prijs een enorme boost in hun naamsbekendheid, waardering en erkenning. Juryvoorzitter Van Dam benadrukt hoe belangrijk deze prijs is, ‘zeker in deze geopolitieke wereld, maar ook in het licht van het ondernemersklimaat hier in Nederland’. “Hoe prachtig is het niet dat we nog zulke bedrijven hebben in deze metropool?!”

Bekijk hier alle foto’s van de avond

Op 14 mei 2025, exact 85 jaar na het bombardement op Rotterdam, kwamen ondernemers, bestuurders en veiligheidsprofessionals samen voor de Rotterdam Summit 2025, met het onderwerp: Samen Sterker – Hoe om te gaan met de geopolitieke spanningen en de mogelijke impact op onze vitale infrastructuur? Een samenwerking tussen KPMG en VNO-NCW regio Rotterdam. De locatie de Doelen, het symbool voor de wederopbouw van de stad, vormde het decor voor een middag waarin verleden, heden en toekomst samenkwamen. Dit verslag blikt terug op de bijeenkomst.

Herinnering aan het verleden
Caroline Nagtegaal-van Doorn, Lead Partner Advisory Rotterdam KPMG

Caroline Nagtegaal-van Doorn startte de middag met een historisch perspectief. Ze verwees naar het bombardement op Rotterdam op 14 mei 1940, waarbij in één klap de infrastructuur van de stad werd weggevaagd. Via het dagboek van Reinier Breentjes werd voelbaar gemaakt hoe diep de impact was. Dit verleden vormde de opmaat naar het thema van vandaag: hoe zorgen we ervoor dat onze samenleving, nu we ons volgens de MIVD in een “grijze zone” tussen oorlog en vrede bevinden, weerbaar blijft? Volgens KPMG vraagt dit om een ‘whole of society’-aanpak, waarin publieke en private partijen de handen ineenslaan.

Caroline Nagtegaal-van Doorn, KPMG bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

Rotterdamse veerkracht
Marijke Roskam, dagvoorzitter

Dagvoorzitter Marijke Roskam benadrukte de unieke weerbaarheid van de stad Rotterdam. Ze schetste hoe de stad zich sinds het bombardement steeds opnieuw heeft uitgevonden, met als visuele herinnering de lampen langs de brandgrens. Rotterdam kenmerkt zich volgens haar door ambitie, directheid én betrokkenheid bij elkaar. Die sociale verbondenheid is essentieel om de weerbaarheid van de samenleving te vergroten. Wat hebben we van elkaar nodig om ons écht veilig te voelen?

Minister Justitie en Veiligheid David van Weel bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

Lessen uit Oekraïne en waarschuwingen voor Nederland
David van Weel, Minister van Justitie en Veiligheid

Minister David van Weel ging in op de actuele geopolitieke dreigingen en de rol van Nederland daarin. Hij haalde herinneringen op aan gesprekken met Rotterdammers die het bombardement hadden meegemaakt en benadrukte het belang van paraatheid. Zijn recente bezoek aan Oekraïne liet zien hoe cruciaal het is om infrastructuur snel weer operationeel te krijgen na een aanval. Nederland moet lessen trekken uit zulke situaties: hopen dat het meevalt is geen strategie. De Rotterdamse haven, vitaal knooppunt voor Europa, is bij een NAVO-conflict een potentieel doelwit. De minister riep op tot gezamenlijke actie: organisaties moeten meedenken over en bijdragen aan het grotere geheel.

Boudewijn Siemons bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

De haven als vitaal zenuwcentrum
Boudewijn Siemons, CEO Havenbedrijf Rotterdam

Boudewijn Siemons gaf een indringende kijk op de kwetsbaarheid én kracht van de Rotterdamse haven. Hij herinnerde aan de dreiging van een Russisch parlementslid die vorig jaar suggereerde dat een aanval op Rotterdam gewenst zou zijn. De haven is onmisbaar: 13% van de energie-invoer, 25% van alle voedselcontainers, én productie van defensiematerieel voor Europa komen hier samen. Tegelijkertijd maken cyberdreigingen, sabotage en kwetsbare zeekabels de haven tot een mogelijk doelwit. Weerbaarheid betekent volgens Siemons: niet naïef zijn, verdediging hoog houden en bij een klap snel herstellen. Hij pleitte voor nauwe samenwerking. Dit doet de haven van Rotterdam onder andere al met de haven van Antwerpen. Ook het verbeteren van het Nederlandse investeringsklimaat en het op orde houden van infrastructuur en de energiecapaciteit heeft topprioriteit.

Trudy Onland, CEO Stedin bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

De uitdagingen in onze energievoorziening
Trudy Onland, CEO Stedin

Trudy Onland zoomde in op de uitdagingen in onze energievoorziening. Ze illustreerde de kwetsbaarheid met een anekdote over de recente stroomuitvallen op het Iberisch Schiereiland. De Nederlandse situatie is niet minder fragiel: congestie op het elektriciteitsnet vormt een acuut probleem. Onland benadrukte dat energieopslag cruciaal wordt, net als het verlagen van piekverbruik. Haar oproep was helder: bouwen aan nieuwe infrastructuur, optimaal benutten wat er is, en tegelijkertijd werken aan slimme opslagoplossingen. De energietransitie maakt ons kwetsbaarder zolang we nog afhankelijk zijn van ‘oude’ energiecentrales die draaien op buitenlandse fossiele brandstoffen.

Dave Maasland bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

Weerbaarheid: een collectieve opdracht
Panelgesprek David van Weel, Boudewijn Siemons, Trudy Onland en Dave Maasland

In een paneldiscussie tussen David van Weel, Boudewijn Siemons, Trudy Onland en Dave Maasland, CEO van ESET Nederland, werd ingezoomd op de weerbaarheid van Nederland in een digitale en geopolitiek onzekere wereld. Maasland sprak over het belang van verbeeldingskracht: kunnen we ons écht voorstellen wat er mis kan gaan? Hij riep bedrijven op tot bewustzijn en solidariteit. Grote spelers helpen kleine partijen. Siemons vulde aan dat ketensamenwerking essentieel is voor continuïteit, ook als de stroom een week uitvalt. Trudy Onland: de energietransitie vraagt snelheid, maar ook realisme. “We moeten geen oude schoenen weggooien voor we nieuwe hebben.”

De minister benadrukte dat de overheid niet alles kan oplossen. Bedrijven en burgers moeten zelf hun verantwoordelijkheid nemen. Veiligheid vraagt weer om een collectieve aanpak. Daarnaast werd aandacht gevraagd voor financiering van mkb’ers in de defensieketen, het versterken van het investeringsklimaat en het belang van digitale weerbaarheid. Vertrouwen tussen overheid en bedrijfsleven bleek hierin een terugkerend thema. Ook desinformatie kwam aan bod als groeiend risico: framing, nepnieuws en polarisatie ondermijn onze democratie.

BenzoKarim, Stadsdichter Rotterdam en Mozé Naél, dichter bij Rotterdam Summit 2025, VNO-NCW Rotterdam en KPMG

Een poëtisch slotakkoord
Benzokarim, Stadsdichter Rotterdam en Mozé Naél, spoken word artiest

De middag werd op indrukwekkende wijze afgesloten door stadsdichter Benzokarim en zijn collega Moze Naél. Met een krachtig, gelaagd gedicht over het bombardement op Rotterdam wisten zij de thematiek van de middag op emotionele wijze te vatten.

de grond is hier gebeurd vandaag

langs waterkant staat het riet in brand

smeulend gat
lichtvonk smelt onze geboortegrond
langs water en weg deppen we de wond

je hebt een verbond aan de rivieren kant

Alle foto’s zijn gemaakt door Mirjam Lems en zijn te bekijken via deze link.

VNO-NCW regio Rotterdam is een invloedrijke regionale netwerkorganisatie voor ondernemers en werkgevers. Wij zetten ons in voor de versterking van de stedelijke economie en het vestigingsklimaat in de regio. Lees hier verder over de regio: https://www.vno-ncwwest.nl/Netwerken/regio-rotterdam/