Hét ondernemersnetwerk in de Randstad
VNO-NCW WEST  >  Nieuws

Nieuws

Machtigingen beherenMachtigingen beheren
http://www.vno-ncwwest.nl/NieuwsFoto/180628%20Magazine%20Circulair.jpg
Zorg dat je de circulaire boot niet mist!
Datum: 28-06-2018

​Lithium is een voor batterijen onmisbare grondstof. Als elektriciteit het alternatief wordt voor olie en gas -denk aan de opmars van elektrische vervoermiddelen- neemt de vraag naar deze grondstof snel toe. In mei werd de grootste batterij van Europa geopend in Duitsland, bedoeld om windenergie op te slaan. Lithium-ion is in dit apparaat de energiedrager. Zal de winning van deze grondstof de stijgende vraag kunnen bijhouden? En hoe zit dat met tin, kobalt, palmolie en honderden andere, voor de economie kritische grondstoffen? Een tekort aan materie is er nog niet maar lijkt onontkoombaar. Naar verwachting groeit de wereldbevolking door naar negen miljard mensen in 2050. Het aandeel van de middenklasse in deze groei wordt groter en daarmee ook de materiële consumptie. Voor doemdenkers is het zonneklaar dat de aarde binnen afzienbare tijd uitgeput is. De vraag naar grondstoffen groeit sneller dan de mogelijkheden van exploratie en exploitatie.

Daar komen de geopolitieke spanningen bij als gevolg van de ongelijke toegang tot ruwe materialen. Driekwart van de grondstoffen in Nederland is geïmporteerd. Ondertussen hebben ondernemers al last van prijsfluctuaties en onzekere leveringen. In 2012 had 32 procent van het midden- en kleinbedrijf (mkb) problemen met de aanvoer, wat leidde tot hogere prijzen en lagere winst (Panteia 2013). En dan heb je bovenop deze economische problemen nog de milieubelasting. Even terug naar het lithium-voorbeeld. Dat wordt met behulp van veel water uit de grond in Zuid-Amerika gehaald. Uitgedroogd land is het bijeffect. Ook stoot deze energie-intensieve mijnbouw veel CO2 uit.

Transitie
Met de transitie van een lineaire naar een circulaire economie (zie kader) kunnen we voorkomen dat we straks zonder grondstoffen zitten én kunnen we de milieubelasting aanzienlijk terugdringen. Daar valt nog aan te verdienen ook, berekende onderzoeksinstituut TNO in 2013. In Nederland kan de totale marktwaarde van kansen binnen de circulaire economie oplopen tot 7.3 miljard euro per jaar en 54 duizend banen. De import van grondstoffen kan met 25 procent afnemen. Enkele dagen geleden legde Debbie Rooms, Sustainable Business Developer van de Rabobank, op een bijeenkomst van VNO-NCW Noord-Holland aan ondernemers uit hoe zij circulaire businessmodellen winstgevend kunnen maken. “Ze zijn een drijver voor innovatie en geven je een voorsprong op de concurrenten”, aldus Rooms. De Rabobank staat klaar om mkb’ers te helpen bij de financiering en heeft daarvoor de Rabobank Circulair Economy Challenge opgetuigd. Samenwerking De circulaire businessmodellen zijn gebaseerd op samenwerking in waardenketens over de grenzen van het eigen bedrijf en de eigen sector heen. Systeemdenken is het achterliggende principe. Daarbij kijk je hoe onderdelen elkaar beïnvloeden binnen het grotere geheel. Systeemdenkers ontwerpen gesloten kringlopen of ecosystemen. Een voorbeeld is de CO2-smartgrid waarbij de industrie, zoals Tata Steel in IJmuiden, CO2 levert als meststof aan de tuinbouwkassen in het Westland. De transitie naar een circulaire economie lukt uitsluitend als iedereen wil meedoen. Wat dat betreft zijn we op de goede weg. De media barsten uit hun voegen van de koploper-interviews: ondernemers die met succes investeren in circulaire businessmodellen. Ook de digitale community Groene Groeiers van VNO-NCW, waar leden circulaire uitdagingen plaatsen, dijt snel uit (zie kader). En het aantal consumenten dat bij de aanschaf van producten let op duurzame aspecten groeit gestaag: van dertig procent in 2013 naar 49 procent in 2015. (Dossier Duurzaam 2016, GfK en b-open). Negatieve invloed Desalniettemin laat de Brede Welvaart Monitor die het CBS onlangs uitbracht, zien dat we nog een weg te gaan hebben. Daaruit blijkt dat Nederland een grote negatieve invloed heeft op de brede welvaart in andere landen door daar steeds meer fossiele brandstoffen en biomassa weg te halen. We importeren immers het grootste deel van onze grondstoffen. De Nederlandse grondstofvoetafdruk (hoeveelheid grondstoffen die we verbruiken) nam toe van 13.1 ton in 2010 naar 13.7 ton in 2014 per Nederlander. Ook geeft de monitor aan dat we in vergelijking met andere Europese landen veel afval per inwoner produceren: 560 kilo in 2016. Gelukkig scoort Nederland goed op het recyclingpercentage van het ingezameld gemeentelijk afval: vierde van 25 EU-landen. Dit percentage stijgt sinds 2010, en was in 2016 ruim 53 procent. Ambitieus De regering stelt inmiddels alles in het werk om de transitie te versnellen, gesteund door VNO-NCW en MKB Nederland. In 2016 heeft ze ambitieuze doelstellingen geformuleerd in het Rijksbrede Programma Circulaire Economie. In 2030 moet het grondstoffenverbruik zijn gehalveerd, in 2050 heeft Nederland een duurzaam gedreven, volledig circulaire economie. Rijksbreed wil zeggen dat het niet alleen om afval- en klimaatbeleid gaat, maar ook om grondstoffenvoorzieningszekerheid, fiscale vergroening, duurzame handel, milieusparende innovaties, nieuwe opleidingseisen in het onderwijs en circulair inkopen en aanbesteden. Veelomvattend, complex, een heuse transitie dus. En inherent aan het systeemdenken. In overleg met VNO-NCW wil het rijk enkele grote doorbraakprojecten selecteren, zoals chemische recycling of waterstofenergie. Ingrijpende wijzigingen in de wet- en regelgeving zijn dan noodzakelijk. Het lobbyapparaat van VNO-NCW draait op volle toeren voor de juiste aanpassingen. Zo stelt het richtlijnen voor duurzaam aanbesteden voor. Overheden laten zich immers nog te vaak leiden door de laagste prijs en kiezen voor de gemakkelijke weg van de bewezen, traditionele producten en diensten. Dat kan anders. Een ander belangrijk lobbydossier is de afvalstoffenwetgeving. Deze belemmert nu nog de ontwikkeling naar een circulaire economie omdat secundaire grondstoffen als afval worden behandeld, wat onder meer transport binnen Europa verhindert.

Grondstoffenakkoord
Het Rijksbrede Programma Circulaire Economie leidde in 2017 tot het Grondstoffenakkoord tussen bedrijven, vakbonden, overheden, natuur- en milieuorganisaties, kennisinstituten, financiële instellingen en andere maatschappelijke organisaties. Zij hebben voor vijf sectoren - kunststoffen, bouw, maakindustrie, consumptiegoederen, en biomassa en voedsel – teams van deskundigen aangesteld die circulaire projecten inventariseren en uitvoeren. Voor de zomer zal het kabinet bekend maken hoeveel geld het voor deze activiteiten beschikbaar stelt. In ieder geval heeft het dit jaar al vijf miljoen euro uitgetrokken voor klimaatneutraal en circulair inkopen door de overheid, vijf miljoen voor chemische recycling en twee miljoen voor circulair bouwen. Ook kunnen grote circulaire projecten die de regio versterken, in aanmerking komen voor financiële ondersteuning (Regio Envelop). Daarnaast reserveren lagere overheden, provincies en gemeenten, veel geld voor de transitie. Voor Nederlandse bedrijven komen talloze kansen op winstgevende circulaire business in het vizier. Het is een kwestie van opletten en erbij blijven. Voorzitter Hans de Boer (VNO-NCW) verklaarde bij de ondertekening van het Grondstoffenakkoord: “Geopolitiek moet Europa juist ook op grondstoffengebied veel meer de eigen broek ophouden en Nederland is vanwege haar logistieke rol in Europa bij uitstek het land dat daarin de sleutelpositie kan claimen.”

Bijlagen
Deel artikel