Hét ondernemersnetwerk in de Randstad
VNO-NCW WEST  >  Regionetwerk  >  Den Haag  >  Discussieclubs

Skip Navigation LinksDiscussieclubs

 
 
Discussieclubs

​VNO-NCW West kent drie kleine discussieclubs, twee in Den Haag en één in Amsterdam. De leden komen enkele keren per jaar bijeen om van gedachten te wisselen over maatschappelijke thema’s, meestal bij iemand thuis.

Regionieuws
Privacy op het werk

​In mei volgend jaar wordt de nieuwe Europese privacywetgeving van kracht in Nederland. De hype rond gegevensbescherming doet veel ondernemers twijfelen over hun eigen handelen. Hoeveel verandert er, vroeg de discussieclub VNO-NCW Den Haag zich af.

lees meer
Woensdag 27 September 2017

Op 25 mei 2018 is de nieuwe Europese privacywetgeving van toepassing in de gehele Europese Unie, en dus ook in Nederland. De hype rond gegevensbescherming doet veel ondernemers twijfelen over hun eigen handelen. Hoe serieus is deze nieuwe wet en hoeveel verandert er?  Een goed moment voor de discussieclub van VNO-NCW Den Haag om bijeen te komen. Astrid van Noort, Mariska Aantjes en Sophie den Held, drie advocaten van Ekelmans & Meijer Advocaten, zorgden met hun kennis en ervaring voor een boeiende en bovenal interactieve avond.

Door Tristan van Oorschot

Paul en Helma van Delft ontvangen de leden van de discussieclub in hun huiskamer. De sfeer is relaxed en gezellig. Het programmaboekje, met dank aan de drie juristen getuned tot een menukaart van een driesterrenrestaurant, benoemt alle relevante onderwerpen van de nieuwe wetgeving. Nadat Van Noort heeft afgetrapt met een korte inleiding, noemt Den Held in de ‘verplichte’ amuse  al vrij snel de functionaris Gegevensbescherming. “Alle overheidsinstanties en bedrijven die systematisch op grote schaal mensen volgen zijn verplicht om een functionaris aan te stellen die binnen de organisatie toezicht houdt op de toepassing en naleving van de AVG (Algemene Verordening Gegevensbescherming).” De onafhankelijkheid van zo’n functionaris is dan wel essentieel, reageren de ondernemers. “Ja dat klopt,” zegt Den Held. Een ‘highlight’ noemt ze het, verwijzend naar de wirwar aan regels opgesteld door de Europese Unie. “Maar het is best wel leuk hoor, als je er eenmaal inzit. Bovendien verandert er uiteindelijk helemaal niet zo veel.”

Hip
Bart de Jong, Manager HR Delft Prysmian Group, is zichtbaar bekend met het onderwerp en stelt zichzelf de vraag hoe het nou kan dat dit onderwerp nu opeens zo hip is. “Zelf denk ik dat ondernemers tegenwoordig verantwoordelijk worden gehouden voor overschrijdingen op dit gebied, terwijl voorheen enkel individuen werden aangekeken bij privacyschending. Hiernaast gedragen individuen zich tegenwoordig als privacywaakhond”. Dat is een grappige paradox zegt Coen Postma, Security Officer bij Morpho: “Individuen klagen over hun privacybescherming, maar tegelijkertijd zetten ze wel al hun gegevens in de sociale media.” Dit klinkt grappig, maar zelfs het checken van een social media account kan regels overschrijden. Je mag bijvoorbeeld in principe geen Facebook- of LinkedIn-account doorspitten van een sollicitant. Veel aanwezigen vinden dit maar vreemd. “Mensen zetten zich toch zelf openbaar op het internet”, reageert Paul Teeuwen, partner loopbaancoach bij Elffers. De vragen en ervaringen stapelen zich op: Hoe zit het dan met track and trace in een auto van de zaak? Mag de overheid gegevens van studenten-ov gebruiken om te kijken waar studenten wonen? Hoe ga ik nu om met Back-ups?

Track and trace
“Bij controle van de werknemer door middel van camera of track and trace is het het belangrijkste dat de controle noodzakelijk is, het doel niet met een ander middel kan worden bereikt en het bedrijfsbelang opweegt tegen het privacybelang van de werknemer. Er moet toestemming worden gevraagd aan de Ondernemingsraad en de werknemers moeten worden geïnformeerd over de camera’s”, zegt Aantjes. Dus of het nou gaat om track and trace-systemen, camerabeelden op kantoor of toegangsbadges voor werknemers, het informeren van de werknemer is essentieel.
Het ‘diner’ wordt afgesloten met friandises van Ekelmans & Meijer.

Fotoreportage

Regionieuws
Radeloze verzorgings staat

​“De verzorgingsstaat is radeloos, maar ook reddeloos?” Albert Jan Kruiter is gastspreker bij de Haagse discussieclub II. “Investeringen verdwijnen in het niets, maar oplossingen zijn er wel.”

lees meer
Vrijdag 4 Juli 2014

“De verzorgingsstaat is radeloos, maar ook reddeloos?” Rud Kuiper, voorzitter van de Haagse discussieclub II, introduceert gastspreker Albert Jan Kruiter. Hij promoveerde op het werk van Alexis de Tocqueville en is medeoprichter van het Instituut voor  Publieke Waarden. Kruiter ziet veel problemen in de verzorgingsstaat. Investeringen verdwijnen in het niets. Oplossingen zijn er echter wel.

door Tristan van Oorschot

Kruiter ziet een uitweg voor de ineenstortende verzorgingsstaat. “Met private initiatieven problemen in de publieke sector oplossen is mogelijk. Daarvoor moeten we op zoek gaan naar pragmatische oplossingen die binnen de wetgeving passen en die veelal ook afwijkend zijn van de ingesleten patronen. Dat laatste is voor mensen die in de publieke sector werken, makkelijker gezegd dan gedaan.”  

Veertig instanties 
Het Instituut voor Publieke Waarden onderzoekt waar de overheid terugtreedt en mensen hetgeen achterblijft niet zelf oppakken. Daar ontwikkelt het instituut oplossingen en voert die uit. Een van die oplossingen is www.sociaalhospitaal.nl dat mensen helpt die vastlopen in het bureaucratische hulpverleningssysteem.

Multiprobleemgezinnen kunnen soms niet geholpen worden, omdat de hulpverlening simpelweg te moeilijk georganiseerd is. Kruiter heeft meegemaakt dat één gezin met meer dan veertig instanties te maken had die langs en door elkaar hun werk deden. Bovendien kan de verzorgingsstaat volgens Kruiter veel goedkoper worden als de overheid zorgvuldiger naar problemen in de zorg kijkt. Kruiter geeft een voorbeeld. “Een man moet de WSNP (zwaarste vorm van schuldsanering) in en moet  zijn auto verkopen om zijn schuld af te betalen. Dat verplicht de WSNP. Maar nu moet de gemeente het vervoer van zijn gehandicapte dochters naar school betalen omdat de man geen auto meer heeft. Dat bedrag is vele malen hoger dan de waarde van de auto.

En zo zijn er talloze voorbeelden van regelgeving en procedures die hun doel gigantisch voorbijschieten. Zonder dat dat nodig is. Ons instituut is ervoor om dit inzichtelijk te maken, de man te helpen en de gemeente geld te besparen. Om oplossingen te verzinnen die goedkoper en legitiem zijn en die mensen zelf verantwoordelijkheid geven.”

Participatiesamenleving 2500 jaar oud
Kruiter verwijst naar de participatiesamenleving die de Koning benoemde in de troonrede. “De participatiesamenleving is 2500 jaar oud”, aldus Kruiter. “De Spartanen verzorgden en eerden de slachtoffers van een oorlog, omdat die zich opofferden voor de publieke zaak. Niet omdat ze goede soldaten waren, maar goede burgers. 

Ook de middeleeuwen kende een participatiesamenleving. Een stadsmuur was er mede om de mensen die voor zichzelf konden zorgen te scheiden van de  mensen die dat niet konden. De laatste groep werd buiten de stadsmuren geplaatst en aan zijn lot overgelaten. Het gevolg was dat de buitengeslotenen zich het graan en de groenten toe-eigenden  die daar groeiden. Dat was natuurlijk niet de bedoeling. Daarom kwamen er al snel daklozencentra binnen de stadsmuren. Maar dat ontwikkelden burgers zelf. Er kwam nauwelijks een overheid aan te pas.”

Toqueville
Burgers die andere burgers helpen zonder dat daar een staat bij nodig is: het is eeuwenlang de gebruikelijke gang van zaken geweest. “Als  we eind achttiende eeuw na gaan denken over de Verklaring van de Rechten van de Mens, verandert alles. Voordien was burgerschap vooral gebaseerd op plichten, vanaf dat moment vooral op rechten.

Kruiter haalt een groot deel van zijn inspiratie uit de boeken van Frans staatsman Toqueville. “Toqueville voorspelde al in de negentiende eeuw dat individualisme en een centraliserende en bureaucratiserende overheid elkaar zouden versterken en dat de verzorgingsstaat op een gegeven moment niet meer te betalen zou zijn. Nu zijn we op dat punt beland en wil de overheid weer lokaal problemen oplossen. Nadat decennialang de overheid alle zorgtaken van de burgers had overgenomen, wil zij dat de burgers weer zelf hun boontjes doppen en elkaar helpen. Dat is een belangrijke trendbreuk. Het probleem is dat de mensen individualistisch blijven en wellicht individualistischer worden. We hebben de afgelopen jaren afgeleerd om gezamenlijke problemen gezamenlijk op te lossen, juist omdat de overheid dat altijd deed.”

Lokale oplossing
De oplossing ligt wel op lokaal niveau meent Kruiter. Hij noemt ‘maatwerk leveren’, de uitvoeringsinstellingen en gemeenten moeten soms buiten de bureaucratische procedures treden en daarvoor ook de ruimte krijgen. In Nederland leer je volgens de regels werken, terwijl dit de effectiviteit vaak niet ten goede komt.

Kruiter beschrijft een driehoek waarin drie waarden centraal staan: legitimiteit, efficiency en betrokkenheid. “De laatste twee zijn voor de effectiviteit heel belangrijk, maar worden niet in de protocollen opgenomen. Sterker nog, als we de regels volgen, krijgen we juist vaak oplossingen die duurder zijn en waar eigen kracht van mensen wordt vernietigd. In de verzorgingsstaat van de toekomst moeten we drie waarden weer meer met elkaar in balans brengen. Waar hebben we recht op? Wat kost dat? En wat kunnen mensen zelf? Om die drie vragen zullen we het de komende twintig jaar hebben. “