In het magazine West., dat afgelopen vrijdag 1 juni is verschenen, staat een
interview met Tatjana Romanyk. Het vervolg van dit interview vind je hieronder.
Waar komt de naam Romanyk vandaan?
“Mijn vader is geboren in de Oekraïne en na de oorlog naar Nederland gekomen. Hij vond werk bij machinebouwer Stork in Twente. Daar leerde hij mijn moeder kennen. De letters van mijn bedrijfsnaam verwijzen ook naar mijn naam: de T voor Tatjana, R voor Romanyk. Omdat TR-Oncology niet klinkt, heb ik ook de letter van mijn mans achternaam toegevoegd: de M van Mechken. Oncology is my passion.”
Mechken is ook geen Nederlandse naam
”Mijn echtgenoot is een Tunesiër. Ik heb hem in Parijs ontmoet. Hij volgt een eigen carrièrepad. Eind april is hij aan een nieuwe baan begonnen, als internationaal jurist bij de European Bank voor Reconstruction and Development in Londen. We moeten als gezin nu in een nieuw ritme komen. Voorlopig komt hij in de weekenden thuis en gaan wij bijvoorbeeld met de Pinksteren naar Londen.”
Hoe combineren jullie de zorgtaken met de zware banen?
”De eerste tien jaar heb ik een au pair aan huis gehad. Nu zijn mijn dochter en zoon elf en dertien jaar en is dat niet meer nodig. In geval van nood komen mijn ouders uit Twente over. Een bedrijf opbouwen vergt veel tijd. Ik stond vroeg op, werkte de hele dag, zorgde tussen half zeven en half negen ’s avonds voor family time en ging daarna weer aan de slag. Verder is het huis van alle gemakken voorzien. Ik kook graag, maar voor de overige huishoudelijke taken heb ik een hulp.“
Heb je meer vrije tijd nu je bedrijf groot is?
“Tegenwoordig heb ik af en toe een avond dat ik niet hoef te werken. Dat voelt raar. Omdat ik twee vestigingen in Amerika heb, loopt voor mij de werktijd ’s avonds gewoon door. Ik besteed nu veel aandacht aan operationele processen in het bedrijf. Dat vind ik leuk. We zijn begonnen met het aanstellen van operationele directeuren naast de business developers. Vooral de human resource kant is belangrijk, want soms trekken we toch minder functionerende mensen aan en dat kost energie en geld.”
Kun je werk en privé goed scheiden?
“Nee, dat loopt in elkaar over. Als ik met Amerikaanse gasten zaterdagavond uit eten ga, dan neem ik de kinderen mee. Ze spreken vloeiend Engels, Frans, Nederlands en Arabisch en zitten op de internationale school hier in de buurt. Als ze sjezen voor hun studie, kunnen ze altijd nog simultaan vertaler worden.” (lacht hartelijk)
Dat zijn veel talen…
“We schakelen hier thuis moeiteloos over van de ene naar de andere taal. Mijn man en ik spreken in het Frans met elkaar. Als we ruzie hebben in het Engels. Ik spreek Nederlands met de kinderen, mijn man
Arabisch.”