Het Zorg Expert Netwerk van VNO-NCW Rotterdam is op 6 september 2011 opgericht. Voorzitter Miriam Hoekstra wil in dit netwerk een “breed spectrum van partijen” betrekken. “We kunnen de zorg van de toekomst uitsluitend regelen met hulp van het bedrijfsleven”, aldus Hoekstra, die behalve bestuurslid van VNO-NCW Rotterdam, tevens directeur Service Organisatie is van het Erasmus Medisch Centrum.
Door Annemarie van Oorschot
Naar de kick off bijeenkomst van het Zorg Expert Netwerk in het NH Atlanta Hotel zijn ruim honderd ondernemers, directeuren en managers gekomen. Zij vertegenwoordigen uiteenlopende bedrijven en organisaties: van intallatiebedrijf tot onderwijsinstelling, van ziekenhuis tot architectenbureau.
Hoofdspreker is Constant van Schelven, voorzitter Raad van Bestuur van Aafje, de Rotterdamse organisatie voor thuiszorg, verzorgingstehuizen en zorghotels. Hij schetst enkele trends in de zorg, waaruit blijkt dat de inbreng van het bedrijfsleven belangrijker wordt.
Al aan het begin van zijn toespraak prikkelt hij het publiek: “Er komt geen arbeidsmarktprobleem.” Een boude bewering, want daags daarvoor hebben de planbureaus in hun Monitor Duurzaam Nederland 2011 een groot tekort aan arbeidskrachten voorspeld. “In de toekomst betalen we minder collectief”, licht Van Schelven zijn stelling toe. “Als mensen zelf hun zorgrekeningen moeten betalen, huren zij geen professionele krachten meer in. Dan vragen zij bijvoorbeeld de buurvrouw om te helpen. Vergelijk het met de werkster die nu in veel huishoudens wordt ingezet en zwart betaalt. Daarnaast zullen de arbeidsbesparende toepassingen van technologie snel toenemen in de zorg. Ik verwacht door deze twee ontwikkelingen geen personeelsgebrek. Je hebt op dit moment wel tekorten, maar die zijn er voor specifieke functies, zoals in de OK-verpleging. Die tekorten zijn door een slechte planning veroorzaakt.”
Zorghotel
Volgens Van Schelven maakt de zorgsector steeds meer gebruik van de kennis en ervaring in het bedrijfsleven, waardoor aanzienlijke kostenbesparingen worden gerealiseerd. Aafje heeft bijvoorbeeld het management van zijn zorghotels uitbesteed aan ervaren hoteliers. “Processen zijn hierdoor efficiënter en taakgerichter georganiseerd. Dit leverde zo’n grote besparing op dat we hoger opgeleid verplegend personeel konden aannemen. Dit personeel is heel waardevol, want het mag voor pakweg tachtig procent doen wat ook een arts mag doen.”
Bij het toepassen en vermarkten van technologie kan het bedrijfsleven eveneens een grote rol spelen. Van Schelven heeft een pakkend voorbeeld. “Samen met een elektrotechnisch bedrijf experimenteren we met cameratoezicht op dementerende patiënten in onze verzorgingstehuizen. Vaak worden deze patiënten ’s nachts onrustig. Tot op heden lopen verplegers hun ronde. Dan kan het voorkomen dat een patiënt bijvoorbeeld uit bed valt net nadat de verpleger is langgeweest. De camera daarentegen reageert op geluid, registreert de patiënt op de grond en de verpleger ziet op het scherm dat hij in actie moet komen. Hij is er snel bij en hij verspilt geen tijd met rondes lopen. Met steun van Syntens maken we er nu een businesscase van.”
Incontinent
Korrie Louwes (D66), wethouder Arbeidsmarkt, Hoger Onderwijs, Innovatie en Participatie in Rotterdam, beaamt de belangrijke rol van het bedrijfsleven. “Rotterdam wil de innovatieve zorgstad van Nederland zijn. De Medical Delta, waartoe onder meer universiteit, hoge scholen, ziekenhuizen en bedrijven behoren, zorgt voor nieuwe inzichten en technologie. Het Zorg Expert Netwerk van VNO-NCW Rotterdam kan helpen bij de vertaling naar succesvolle commerciële toepassingen.” Als voorbeeld noemt Louwes een klein, jong bedrijf van Yes!Delft dat een chip ontwikkelt die aangeeft wanneer een luier vervangen moet worden. Door de vergrijzing neemt het aantal oude mensen met incontinentieproblemen snel toe. Zo’n chip vergroot de zelfredzaamheid van deze mensen, wat een belangrijke doelstelling is van Louwes’beleid. “We moeten naar de situatie toe dat mensen de chip voor een paar tientjes zelf kopen. Zo’n omslag kunnen ervaren ondernemers realiseren.”
Van Schelven vergelijkt het incontinentiemateriaal met een leesbrilletje. “De luier moet straks in de winkel te koop zijn, desnoods in trendy kleuren. De luier heeft dan niet meer het imago van ‘gehandicapt’, maar van ‘vrijheid’. Voor vrijheid willen mensen wel betalen.”
Hij vindt het jammer dat de zorgrekeningen onzichtbaar zijn. “Als een klant ontevreden is over een product of dienst, dan zeurt hij over de rekening. Als een patiënt ontevreden is, gebeurt er niets. De rekening wordt toch wel betaald.”
Verwachtingen
De meeste deelnemers aan de kick off bijeenkomst van VNO-NCW Rotterdam weten nog niet wat zij van het Zorg Expert Netwerk mogen verwachten. Een rondje langs de gasten tijdens de borrel na afloop levert uiteenlopende reacties op. “Ik hoop dat dit nieuwe netwerk mij opdrachten oplevert”, zegt ondernemer Hans Rohde eerlijk. Leo van Leeuwen, oud bedrijfsdirecteur van de Nederlandse Spoorwegen, wil gratis jonge ondernemers met kleine bedrijven helpen bij de intekening op de gebiedsgerichte aanbesteding van de zorgbudgetten, die de gemeente Rotterdam op stapel heeft staan. “Ik heb in Engeland meegedongen naar vervoerconcessies. Ik heb veel ervaring.” Het bedrijf van Caroline van Reenen organiseert congressen en wil de markt van de zorg op. “Ik hoop vooral dat het netwerk inspireert en inzicht geeft in de visie van zorgondernemers.”
VNO-NCW West
Bert Mooren, directeur van VNO-NCW West, verwacht dat het Zorg Expert Netwerk zal uitgroeien tot een winstgevend netwerk voor alle partijen in Noord- en Zuid-Holland. “Wij willen unieke verbindingen leggen tussen mensen. Tussen ondernemers uit verschillende bedrijfstakken, de overheid, de onderzoekswereld, de zorgsector... Verbindingen die een meerwaarde opleveren voor álle betrokkenen. Dat is een van de kerntaken van VNO-NCW West die we met veel plezier uitvoeren.”